Achtergrond: Atlantic World
Sluit venster 

De aankoop van Manhattan

Mythe of oplichting?
Het verhaal van de aankoop van het eiland Manhattan is algemeen bekend. Het vormt voor de meeste mensen het bewijs hoe sluwe Europeanen eenvoudige Amerikaanse Indianen bedotten.

Aan het eind van de negentiende eeuw publiceerden diverse Amerikaanse historici en schrijvers verschillende versies over de aankoop aan het begin van de zeventiende eeuw. Op de illustraties bij de artikelen werden Nederlanders in donkere zeventiende eeuwse kleding, compleet met hoeden, afgebeeld. Hun onderhandelingspartners zagen er uit als negentiende eeuwse bewoners van de prairies van het middenwesten. De Nederlanders kochten het eiland voor vierentwintig Amerikaanse dollars aan kralen en spiegeltjes, althans zo ging het verhaal. De vraag is echter of deze weergave van de gebeurtenis op waarheid berust.

Het enige bewijs
In de Nederlandse en Amerikaanse archieven zijn geen kwitanties of overdrachtsformulieren te vinden die als bewijs van de aankoop kunnen fungeren. In het Nationaal Archief in Den Haag is echter wel een brief aanwezig die verwijst naar de aankoop van het eiland. De brief is geschreven door de koopman Pieter Schagen en gedateerd 5 november 1626. Hij richtte de brief aan de bewindhebbers van de West-Indische Compagnie, die van de Staten-Generaal het eigendom van het gehele gebied Nieuw Nederland had gekregen. Schagen beschreef hoe het de Nederlandse mannen en vrouwen die op het eiland woonden tot dan was vergaan. Hij meldde tevens: 'hebben het eiland Manhattes van de wilden gekocht voor een waarde van 60 gulden'. Deze passage in de brief van Schagen is de enige bron die rechtstreeks verwijst naar de zo omstreden aankoop van het eiland. Er wordt niet gesproken over betaling in waardeloze kralen of spiegeltjes. Ook staat niet vast wie het eiland namens de Nederlanders zou hebben gekocht of wie het eiland namens welke Indianengroep zou hebben verkocht. Vast staat wel dat op het moment van de aanschaf Peter Minuit (1580-1638) gouverneur van Nieuw Nederland was. Naar alle waarschijnlijkheid hebben leden van de Lenape-stam het eiland aan hem verkocht.

De prijs voor grond
Van de aankoop van een ander eiland, het Stateneiland, zijn wel documenten bewaard gebleven. Daar werd de koop gesloten met lokale Indianen door betaling van een soortgelijk bedrag (60 gulden) in natura. De artikelen die de Indianen ontvingen bestonden uit: Duffelse stoffen, kookketels, bijlen, schoffels, elsijzers, mondharpen en wampun (Indiaanse kralen, die als geld fungeerden) Het waren stuk voor stuk artikelen die voor de ontvangers een grote waarde vertegenwoordigden. Het vaststellen van de objectieve waarde van de ruilgoederen is een haast onmogelijke opgave. Op basis van de brief van Schagen weten we dat de tegenwaarde van de goederen zestig Nederlandse guldens bedroeg. Let wel, dat gold voor de Nederlandse verkopers. De werkelijke waarde van de goederen voor de ontvangers is achteraf niet te bepalen. Het is echter onwaarschijnlijk dat ze tot verkoop zouden zijn overgegaan bij een te laag bod.

Indianen en eigendomsrecht
Er is echter nog een factor die in het geding is. De oorspronkelijke bewoners van het gebied waren onbekend met de Europese opvattingen en bepalingen van het eigendomsrecht. Voor Indianen gold dat water, lucht en grond niet konden worden verhandeld. Dat zou ook praktisch lastig uitvoerbaar zijn geweest omdat veel groepen migreerden tussen hun zomer- en winterverblijfplaatsen. De Nederlanders kenden de bepalingen uiteraard wel en hadden bovendien van hun directeuren de expliciete opdracht gekregen om de rechten van de oorspronkelijke bewoners te respecteren en conflicten te vermijden. In die lijn van denken past het dan ook goed, dat zij land van de Indianen wilden kopen. Zo zouden zij - in overeenstemming met de geldende opvattingen over het eigendomsrecht - voldoen aan hun instructies.

Concluderend kan worden gesteld dat het waarschijnlijk is dat beide betrokken partijen met een totaal verschillende interpretatie van de overeenkomst naar huis gingen.

Transcriptie Schagen brief
Recep. 7 November 1626
Hooghe Moghende Heeren

Hier is ghister t'schip t'wapen van
Amsterdam aengekomen ende is den 23en
septem: uyt Nieu Nederlant gezeylt uyt de
Rivier Mauritius: rapporteren dat ons volck
daer kloec is en: vreedigh leven hare
vrouwen hebben ooc kinderen aldaer
gebaert hebben t'eylant Manhattes van de
wilde gekocht, voor de waerde van 60 guld:
is groot 11000 morgen.hebbende alle koren
half mey gezeyt, ende half augusto gemayd.
daer van zeyndende munsterkens van
zomerkoren, als taruw, Rogge, garst, haver
boucweyt, knarizaet, boontjes en: vlas.

Het Cargasoen van tvsz: schip is
7246 bevers vellen
1781/2 otters vellen
675 otters vellen
48 Mincke vellen
36 Catloes vellen
33 Mincken
34 Ratte vellekens
Veel eycken balcken.En:Noten-hout

Hier mede Hooghe Moghende Heeren.zyt
den Almogende
en genaden bevolen
In Amsterdam den 5en Novem: Ao 1626
Uwe Hoo:MooDienstwillighe
P. Schaghen