Achtergrond: Atlantic World - De Nederlandse betrokkenheid
  bij de Amerkaanse Onafhankelijkheidsoorlog
Sluit venster 

Joan Derk van der Capellen tot den Pol (1741-1784)

De Overijsselse baron Joan Derk van der Capellen tot den Pol was zonder twijfel een van de belangrijkste Nederlandse Patriotten binnen de Nederlandse patriottenbeweging. Hij beschreef zichzelf als een 'geboren regent' maar dat verhinderde niet dat hij een vurig pleitbezorger van de idealen van de Verlichting was. In zijn functie van lid van de Staten van Overijssel beijverde hij zich voor de afschaffing van de zogenoemde 'drostendiensten'. De drostendiensten verplichtten Overijsselse boeren om gedurende een aantal dagen per jaar tegen een zeer schamele vergoeding arbeid te verrichten voor de lokale bestuurder (de Drost). Van dit overblijfsel uit de Middeleeuwen werd naar het oordeel van Van der Capellen, ten onrechte gebruik gemaakt. In een betoog dat hij in 1778 in de Staten hield, toonde hij aan dat deze rechten formeel al in 1631 waren afgeschaft. Hij liet zijn verklaring op grote schaal gratis verspreiden onder de boeren in Twenthe. Hij won de zaak uiteindelijk maar zijn collega-Statenleden sloten hem tot 1782 uit van deelname aan de beraadslagingen.

Eerder was hij ook al in aanvaring gekomen met de Stadhouder en de leden van de Staten toen hij zich tegen de uitbreiding van het leger en de vloot uitsprak. Toen in 1776 de Engelse koning aan Nederland vroeg of hij de Schotse Brigade (een eenheid huursoldaten die in Nederlandse dienst waren) mocht lenen om deze in te zetten in de oorlog met de Amerikaanse Republiek, stemde hij tegen.

Zijn openlijke steun aan de Amerikaanse revolutionairen werd hem niet in dank afgenomen. Toch bleef hij zich voor de Amerikaanse vrijheidsoorlog inzetten. Hij zag in de Amerikaanse strijd een voorbeeld voor de Nederlandse Patriotten. Om zijn opvattingen te ondersteunen vertaalde hij Observations on civil liberty van de Amerikaan Richard Price in het Nederlands. Het boek vormde een belangrijke bron van inspiratie voor de Amerikaanse opstandelingen. De Nederlandse vertaling zou samen met andere patriottische geschriften in 1789 worden verboden.

In 1780 organiseerde Van der Capellen een lening voor de Amerikaanse zaak. Er werd uiteindelijk een bedrag van tweehonderdduizend gulden ingelegd. Zelf bracht hij twintigduizend gulden in.

Het jaar 1781 zou echter het belangrijkste worden in zijn politieke carričre. In dat jaar verscheen een pamflet met de titel " Aan het Volk van Nederland". In het anonieme pamflet werden de nadelen van het erfelijke stadhouderschap uiteengezet. Dat diende te worden vervangen door een democratische samenleving, gebaseerd op volkssoevereiniteit. Binnen een maand na het verschijnen werd het pamflet verboden en bovendien werd een aanzienlijke beloning uitgeloofd voor de degene die de auteur zou aanbrengen. Ondanks deze maatregelen werd het nog driemaal illegaal herdrukt en verspreid en zelfs in het Frans, Engels en Duits vertaald. Het zou een blijvende invloed hebben op de democratische beweging in Nederland.

Van der Capellen, die het pamflet had geschreven, moest noodgedwongen in stilte genieten van het succes en het feit dat hij niet als auteur kon worden geďdentificeerd. Hij ging onverdroten verder met het propageren van de Amerikaanse zaak. Mede door zijn invloed werd John Adams en daarmee de jonge Amerikaanse Republiek in 1782 door de Staten Generaal erkend.

Hij overleed in 1784. Ook na zijn dood bleef hij de gemoederen bezighouden. Een paar jaar na zijn dood werd zijn grafmonument door aanhangers van de Oranjepartij opgeblazen.