Geboren te Gouda op 8 augustus 1746
Overleden te Den Haag op 2 april 1803

Introductie

Velen zullen Hiëronymus van Alphen voornamelijk kennen om zijn kindergedichten, waarin hij de beroemde regels 'Jantje zag eens pruimen hangen,/ o! als eieren zo groot' schreef. Paradoxaal genoeg is de veelzijdige Van Alphen die zich tijdens zijn leven bewust afzijdig hield van zijn - in eerste instantie zelfs anoniem gepubliceerde - kindergedichten, voor hedendaagse lezers gereduceerd tot de 'uitvinder' van de Nederlandse kinderliteratuur. Het grote succes van Proeve van kleine gedigten voor kinderen (1778) overschaduwde al snel het belang van de auteur als literair vernieuwer, theoreticus en voorloper van het godsdienstig Réveil.

Van Alphen stond langdurig in hoog maatschappelijk aanzien. Hij begon zijn loopbaan als advocaat in Utrecht en werd na een aantal jaar procureur-generaal van het Provinciaal Hof. Later werkte hij als raadpensionaris van Leiden. Uiteindelijk bereikte Van Alphen de hoge functie van Thesaurier-generaal der Unie. De laatste acht jaar van zijn leven vervulde hij echter geen overheidsfunctie meer. In zijn persoonlijk leven werd Van Alphen veelvuldig door rampspoed getroffen.

Hiëronymus van Alphen publiceerde uiteenlopende werken: dichtbundels, gezangen, gelegenheidsgedichten, literaire verhandelingen, vertalingen, kindergedichtjes, juridische stukken en theologische traktaten. In zijn - door veel tijdgenoten hoog gewaardeerde - poëzie zijn het persoonlijk beleefde christelijk geloof en vaderlandsliefde de hoofdthema's. Van Alphen haalde zich de woede van zijn collega-dichters op de hals door in zijn theoretische werken de - naar zijn mening - ongeïnspireerde, classicistische en zelfgenoegzame Nederlandse dichtkunst uit zijn tijd aan te vallen.