| 1946 | Geboren als Rengert Robert Anker in Oostwoud (27 april); Studeert later Nederlands aan de Universiteit van Amsterdam; Schrijft toneelstukken (ongepubliceerd); Werkt als leraar in Amsterdam |
| 1977 | Debuteert met gedichten in De revisor |
| 1979 | Debuteert als dichter (Waar ik nog ben ); Schrijft poëzierecensies voor Het parool |
| 1983 | Ontvangt de Jan Campert-Prijs (voor Van het balkon); Jurylid Multatuli-Prijs |
| 1985 | Neemt deel aan Poetry International; Jurylid P.C.Hooft-Prijs |
| 1987 | Jurylid Busken Huet-Prijs |
| 1988 | Redacteur van Tirade (tot 1995); Jurylid P.C.Hooft-Prijs |
| 1989 | Ontvangt de Herman Gorter-Prijs (voor Nieuwe veters) |
| 1990 | Neemt deel aan Poetry on the Road |
| 1993 | Ontvangt de F. Bordewijk-Prijs (voor proza: De thuiskomst van kapitein Rob); Jurylid Herman Gorter-Prijs |
| 1997 | Neemt deel aan Poetry International; Jurylid P.C.Hooft-Prijs |
| 1998 | Jurylid Charlotte Köhler-Prijs voor Literatuur |
| 2002 | Ontvangt de Libris Literatuurprijs (voor Een soort Engeland) |
| 2003 | Genomineerd voor de VSB-Poëzieprijs (voor De broekbewapperde mens) |
| 2004 | Stopt met lesgeven en wordt full-time schrijver |
| 2008 | Benoemd tot stadsdichter van Amsterdam voor 2008 |
| 2009 | Levert een bijdrage aan Dat is wat blijft als je weggaat: gedichten voor Anton Korteweg |
| 2010 | Genomineerd voor de Awater Poëzieprijs 2010 (met Gemraad Slasser d.d.t.) |
- Terug naar Introductie