Introductie

Het pseudoniem Eva Gerlach heeft na het debuut in 1979 jarenlang voor speculaties gezorgd. Sommige critici wisten zeker dat Gerrit Komrij schuil ging achter dit pseudoniem, maar ook andere namen werden genoemd. Het was overigens wel Gerrit Komrij die onthulde hoe de auteur in werkelijkheid heette: Margaret Dijkstra.

De bundels van Gerlach worden vaak herdrukt en zij wordt gezien als een belangrijke dichter, die in 2000 de P.C. Hooft-prijs ontving. Zij schrijft zowel gedichten voor kinderen als voor volwassenen. Gerlach debuteerde met regelmatig ogende, strakke maar ironische gedichten. In de loop der jaren begon zij vrijere versvormen te hanteren, waarin de thematiek vrijwel onveranderd bleef: het persoonlijke leven, waaruit de doden nooit verdwijnen.

In de gedichten van Eva Gerlach buitelen vleugelgeil en visdoorzwommen hazen naast draken met vreselijke klauwen, worden lettergrepen op sneeuw gemorst, dansen zelfbouwmodellen in de lucht en mag een slaper niet rennen.

Het werk in citaten: