Gerrit Komrij werkt aan een bloemlezing kindergedichten in de Koninklijke Bibliotheek en houdt een weblog bij:
Dinsdag 5 juni 2007
Er vallen gaten in de kasten met kinderpoëzie van nu - zeg maar de versjes van de jaren tachtig en negentig en nul - maar de vriendelijke heren van het magazijn Bijzondere Collecties komen al aanrollen met wagentjes vol stof uit de halve eeuw daarvoor. De planken blijven niet lang leeg, maar het leestempo neemt ook toe.
Doublures willen daarbij af en toe helpen, alsmede bloemlezingen die snel kunnen worden doorgeschoven. Een beetje bloemlezer bloemleest niet uit bloemlezingen. Alle aandacht voor de bundels. Ze mogen over de negentiende eeuw hebben geklaagd dat 'jeugd' er altijd rijmt op 'deugd', ook vandaag kunnen de dichters er wat van. Opvoeding, moraal en tuttigheid vermommen zich in veel jasjes. Kinderen krijgen aldoor lessen - pas op voor vreemde mannen, geniet van de liefde die kriebelt en wees ook eens een beetje stout, graag. 'Korte verhalen en veel gedichtjes toveren een glimlach op kindergezichtjes.' Dat soort titels. Er wordt ta-ta-ta gewaarschuwd tegen monsters, tegen de snor van oma, de prikkusjes van tante en meer van zulk leed. Wees gerust, 'het prikt maar even'.
Per decennium nemen de kinderrechten sprongsgewijs toe. Je dag is weer goed als de portie gedichten binnen is die in nuchtere taal een wonderwereld oproept, waarin tafels smelten en een weggewaaid hemd boven zee een zeilboot wordt - zoals bij Gerard Berends. Van hem ook het gedicht van de dag.
© Gerrit Komrij
ik werd vanmorgen langzaam wakker
ik ademde langzaam
en de wekker ging langzaam af
mijn kleren hingen langzaam over een stoel
en mijn linkervoet jeukte langzaam
de zon scheen langzaam door
een langzame kier in de gordijnen
mijn teddybeer lag langzaam naast me