Introductie
Tonnus Oosterhoff schreef over zijn gedichten dat het 'stelsels van uitspraken' zijn, die de lezer moeten verleiden om 'Zo is het!' te roepen, ook al zijn de regels absoluut niet waar. 'Zo is het' zeggen terwijl het 'zo niet is', daar komt het in de poëzie vaak op neer. Hij wil dat zijn gedichten niet op elkaar lijken.
Aanvankelijk schreef Oosterhoff gedichten die alleen van inhoud verschilden, niet of nauwelijks van vorm. Hij debuteerde in 1990 met de bundel Boerentijger, waarin gedichten staan over sprekend speelgoed, vallende schorten en geheim agenten. Met de jaren werden zijn gedichten eigenaardig van vorm, prozaïsch, breed uitwaaierend over de pagina's, met regels in cursieve letters en verschillende lettercorpsen.
In 2002 publiceerde hij een bundel gedichten die nog verder ging: Wij zagen ons in een kleine groep veranderen. Sommige gedichten hebben lange voetnoten, andere worden voorafgegaan door twee pagina's notenschrift of hebben opmerkingen in (meegedrukt) 'handschrift' dwars door de tekst heen. Ook werd er een CD-ROM bijgeleverd met 'bewegende' gedichten. Ze gaan onder andere over televisieprogramma's, klemmende deurtjes, barbecue en zelfmoord.
Het werk in citaten: