Dit dossier is bijgewerkt tot 24 mei 2007.
Donderdag 18 januari 2007 raasde er een zo zware storm over ons land dat de dijken bewaakt moesten worden, ook de Afsluitdijk. Nederland werd er weer eens aan herinnerd dat de dreiging van het water nooit ver weg is. Gelukkig bleken alle dijken sterk genoeg en kon iedereen gerust gaan slapen: achter de Afsluitdijk was het veilig.
De Afsluitdijk verbindt Noord-Holland en Friesland met elkaar en vormt de grens tussen Waddenzee en IJsselmeer. Dit meer ontstond op 28 mei 1932 met het dichten van het laatste stroomgat in de Afsluitdijk, de Vlieter. Vroeger lag hier de Zuiderzee, die werk verschafte aan talloze vissers maar die daarnaast vaak het toneel was van overstromingen. Ir. Cornelis Lely (1854-1929) kwam al eind negentiende eeuw met een ontwerpplan om de Zuiderzee af te sluiten en gedeeltelijk in te polderen, en zo de soms woeste golven om te vormen tot vruchtbaar bouwland. Aanvankelijk vond hij geen gehoor voor zijn plannen. Toen in 1916 dijken rond de Zuiderzee doorbraken en het noorden van het land door een watersnood, waarbij ook doden vielen, werd getroffen, sloeg de publieke opinie om. De Zuiderzeewet kwam in 1918 tot stand en een jaar later werd de Dienst der Zuiderzeewerken ingericht, die de verwezenlijking van de plannen ter hand moest nemen. Ingenieur Lely had veel onderzoek gedaan en een aantal technische nota’s geschreven voor de uitvoering. Eerst werd een dijk in het Amsteldiep bij het eiland Wieringen gelegd, waarbij op kleine schaal geëxperimenteerd werd met het gebruik van keileem. Daarna begon men aan de Afsluitdijk: een vrijwel rechte streep, gebouwd van steenblokken en basalt op een lichaam van keileem.
Wie de dijk nu ziet, kan zich nauwelijks voorstellen hoe hard hier gewerkt is. Het was zwaar werk om een dijk van deze omvang te bouwen; duizenden arbeiders werkten eraan - met de hand, met schoppen en emmers in eindeloze werkdagen onder vrij primitieve omstandigheden. Natuurlijk werkten er ook ingenieurs, aannemers en kraanmachinisten, maar het leeuwendeel werd door arbeiders met de hand gedaan. Hard werk, ja, maar graag aangepakt door mannen van heinde en verre in een tijd dat er verder weinig werk was. Ook voor hen was het een triomf toen het laatste gat gedicht werd, en de dijk kon worden afgewerkt. Het beeld van de zwoegende steenzetter, dat bij het monument op de Afsluitdijk staat, is een eerbetoon aan al deze handarbeiders.
In januari 1933 werd de weg over de Afsluitdijk beperkt opengesteld voor (betalend) verkeer. Hiermee was het visioen van ir. Lely werkelijkheid geworden, al mocht hij dit zelf niet meer meemaken. Bij het eeuwfeest van Lely’s geboorte in 1954, onthulde koningin Juliana een standbeeld van hem bij Den Oever, waar hij uitkeek over zijn dijk.
In 2007, bij de 75-jarige herdenking van de afsluiting van de Zuiderzee, wordt zijn standbeeld verplaatst naar het al bestaande monument op de plek van de voormalige Vlieter. Postuum is in 2007 de Zuiderzeeprijs toegekend aan Lely, en aan de schilder J.H. van Mastenbroek (1875-1945) die de arbeid aan de dijk vastlegde in honderden tekeningen en schilderijen. Zijn realistische kunstwerken en het bewaarde foto- en filmmateriaal geven ons een impressie van het voorbije maar nog zo dichtbije verleden.