Dit dossier is bijgewerkt tot 1 september 2010

Op 12 juni 2009 was het 80 jaar geleden dat Anne Frank werd geboren. De Anne Frank Stichting stond op deze dag stil bij de historische betekenis van Anne Frank en haar dagboek.

Duitsland en Nederland

Annelies Marie Frank werd op 12 juni 1929 geboren in Frankfurt am Main. Toen in 1933 de nazi’s (de Duitse NSDAP) aan de macht kwamen, vluchtten haar ouders, Otto en Edith Frank, met Anne en haar zus Margot naar Nederland. Otto Frank zette in Amsterdam verschillende bedrijven op. De familie Frank voelde zich daar veilig, tot het Duitse leger op 10 mei 1940 Nederland binnenviel. Vanaf 15 mei, na de capitulatie van het Nederlandse leger, kwam Nederland onder Duits bestuur en volgden gaandeweg allerlei maatregelen tegen joden.

Jodenvervolging

Joden werden uit overheidsdienst gezet, er volgde registratie van joden en het werd hen verboden een eigen bedrijf te hebben. Joodse kinderen mochten alleen nog naar joodse scholen. In 1942 kwam de verordening dat joden een zogenaamde jodenster moesten dragen. Al deze maatregelen hadden ten doel de samenleving van joden te ‘zuiveren’. Om problemen te voorkomen liet Otto Frank in 1941 zijn zaak overnemen door zijn niet-joodse medewerker Johannes Kleiman.

Anne als tiener

Op 12 juni 1942 vierde Anne Frank haar dertiende verjaardag. Zij kreeg onder andere een dagboek, waarin zij diezelfde dag begon te schrijven. Ze meldde haar belevenissen in de vorm van brieven aan haar denkbeeldige vriendin Kitty. In de eerste weken na haar verjaardag kon ze nog naar het Joods Lyceum, maar al spoedig moest de familie Frank onderduiken. Otto Frank had daar al rekening mee gehouden en een schuiplaats geregeld.

Ondergedoken

Op 5 juli 1942 ontving Margot Frank een oproep van de bezetter om naar een werkkamp in Duitsland te vertrekken. Indien de opgeroepene zich niet meldde, zou zijn of haar familie opgepakt worden. De familie Frank besloot de volgende dag ‘te verdwijnen’ in hun schuilplaats, het Achterhuis. Een week later kwam ook de joodse familie Van Pels in het Achterhuis wonen. Herman van Pels was mededirecteur van het bedrijf van Otto Frank. Vier maanden later volgde Fritz Pfeffer, een joodse tandarts en kennis van de familie Frank.

Het Achterhuis

Het Achterhuis was het leegstaande gedeelte in het pand waar Otto Franks bedrijf was gevestigd aan de Prinsengracht in Amsterdam. Terwijl het werk in het voorste gedeelte gewoon doorging, verbleven de onderduikers in het achterste deel. Een boekenkast camoufleerde de toegang tot het achterhuis. De onderduikers moesten zich overdag doodstil houden. Ze brachten de dag door met lezen en leren. Enkele getrouwen zorgden voor voedsel. Door hen en via de radio bleven de bewoners op de hoogte van het verloop van de oorlog. 

Het dagboek

In haar dagboek noteerde Anne alles over het dagelijks leven in het Achterhuis. Ze beschreef de irritaties die ontstonden doordat zoveel mensen dicht op elkaar woonden. Anne becommentarieerde de oorlog voor zover zij kon en schreef over haar ambitie om schijver te worden. Maar ook haar eigen onzekerheden en angsten als puber vertrouwde zij aan het papier toe. Zo schreef zij enkele honderden pagina’s vol tot 1 augustus 1944.

Verraden

Op 4 augustus 1944 vielen Duitse militairen het Achterhuis binnen en arresteerden de onderduikers, die waarschijnlijk verraden waren. In de dagen daarna wist een van de vertrouwelingen Annes dagboek te redden. Via Westerbork werden Anne Frank en haar lotgenoten in september 1944 gedeporteerd naar het concentratiekamp Auschwitz-Birkenau. Daar werden mannen en vrouwen, dus ook de acht onderduikers, van elkaar gescheiden. Eind oktober 1944 werden Anne en Margot van Auschwitz-Birkenau naar Bergen-Belsen overgebracht. Daar stierven zij in maart 1945 aan tyfus, een paar weken voor de bevrijding van het kamp door het Britse leger. Alleen Otto Frank zou uiteindelijk het concentratiekamp overleven.

Annes dagboek bewaard

Na de bevrijding keerde Otto Frank terug naar Amsterdam, waar hij het dagboek van Anne in handen kreeg. Otto besloot om gevolg te geven aan Annes wens en haar dagboek, na enige bewerking, te publiceren. Het boek, Het  Achterhuis, waarvan de eerste druk in 1947 uitkwam met een inleiding van de beroemde historica Annie Romein-Verschoor, was een groot succes. Het werd vertaald in vijftig talen en er werden bijna zestien miljoen exemplaren van verkocht. Het dagboek werd bewerkt tot een toneelstuk en enkele jaren later nog verfilmd. Naast Het  Achterhuis zijn er verschillende boeken van Anne Frank uitgebracht: Weet  je  nog?  Verhalen  en  sprookjes (1949), Verhalen  rondom  het  achterhuis (1960) en De  dagboeken  van  Anne  Frank (1986).

Het Achterhuis als museum

Het pand op de Prinsengracht 263, waarin Anne haar dagboek heeft geschreven, is sinds 1957 in het bezit van de Anne Frank Stichting, die het volledig heeft laten restaureren. Hoewel het voorhuis gemoderniseerd is, heeft men het Achterhuis zoveel mogelijk in zijn oorspronkelijke toestand gelaten. Het Anne Frank Huis dient nu als museum, herdenkingsplaats en documentatiecentrum.

Verschillende edities

In de loop van enkele decennia zijn er bij een aantal uitgevers edities van het dagboek verschenen. Het gaat dan om allerlei bewerkingen van de tekst. In 1986 publiceerde de Staatsuitgeverij in samenwerking met het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie (nu: NIOD) een integrale uitgave van het dagboek. In 2002 zijn er twee facsimile’s van het dagboek gemaakt, waarbij alle ingeplakte plaatjes, kleine beschadigingen enz. zorgvuldig zijn nagebootst. De Anne Frank Stichting bezit een van deze facsimile’s.
De KB bezit veel Nederlandse uitgaven en vertalingen van Het  Achterhuis.

Literatuur

Links