Dit dossier is bijgewerkt tot  8  oktober  2009

Wat bezielt mensen uit het vlakke Nederland om aan berg- of wintersport te doen? Jaarlijks trekken er tienduizenden richting Alpen, Pyreneeën, Dolomieten of verder weg, naar de Andes of de Himalaya. Nepal en de Mount Everest zijn voor Nederlanders inmiddels geen onbekende bestemming meer.

Wat beweegt de bergbeklimmer?

Daar is geen eenduidig antwoord op te geven. Voor de een is het de wandeling op de berg met een prachtig uitzicht, voor de ander de thrill  van de uitdaging bij het echte klimwerk.
Bergbeklimmen kan een gevaarlijke bezigheid zijn. Alpinisten besteden soms jaren voorbereiding aan hun expedities. Goede kleding, voldoende proviand, kaartmateriaal, communicatieapparatuur en deugdelijk gereedschap horen bij hun uitrusting. Dat moet ook wel: de bergsporter komt in extreme situaties terecht. Koude, ijle lucht, ijs en sneeuw en plotse weersveranderingen bemoeilijken hun onderneming. Door desondanks op een bijna onbereikbare top te komen haalt de klimmer het maximale uit zichzelf. Persoonlijke eigenschappen als doorzettingsvermogen en zelfvertrouwen zijn onmisbaar.
Het blijft riskant. Velen verongelukken tijdens expedities door valpartijen, door verdwalen of veranderende weersomstandigheden. Niet alleen in de Himalaya, maar ook in de Alpen komen jaarlijks vele tientallen om tijdens bergwandelingen of beklimmingen. Niettemin: de aantrekkingskracht blijft.

De Mount Everest

Dit is de hoogste berg ter wereld en daarom de ultieme uitdaging voor de bergsporter. De precieze hoogte varieert door de tektonische bewegingen die het aardoppervlak opheffen of laten zakken. Wanneer een Himalaya-expeditie met moderne apparatuur de hoogte heeft vastgesteld, kan een volgende expeditie een verschil van enkele meters constateren. Niettemin geldt de Mount Everest als het hoogste punt op aarde.
De regio boven de acht kilometer heet de ‘zone des doods’ vanwege de lage luchtdruk, het lage zuurstofgehalte en uiteraard de extreme koude. Om deze barre omstandigheden het hoofd te bieden, gaan de alpinisten met gidsen en dragers goed uitgerust op pad.
Inmiddels hebben enkele honderden personen op de top gestaan, maar hebben ruim honderd klimmers het avontuur niet overleefd. Enkele van de succesvolle Nederlandse klimmers waren: René de Bos (1990), Ronald Naar (1992), Katja Staartjes als eerste Nederlandse vrouw (1999) en Wilco van Rooijen (2004).

Bart Vos eerste Nederlander op de Mount Everest?

Op 8 oktober 1984 stond bergbeklimmer Bart Vos op de top van de Mount Everest, schreven de kranten die maand. De eerste Nederlander die dit hoogste punt op aarde had bereikt. Maar al spoedig rees er twijfel over zijn prestatie, vooral omdat Vos geen bewijs kon overleggen. Daarmee begon een langdurig meningsverschil.
Vos beschreef zijn belevenissen in zijn Himalaya  dagboek uit 1988. Twaalf jaar later zette verslaggeefster en toenmalige expeditiegenote Mariska Mourik in Een  meter  Everest vraagtekens bij zijn bewering dat hij werkelijk op de top had gestaan. In 2001 verdedigden Vos en andere expeditieleden uit 1984 zich tegen deze aantijgingen in het Witboek  Everest. De discussie duurt nog altijd voort.

Boeken in de KB over bergbeklimmen

De KB heeft de collectie boeken en tijdschriften van de Koninklijke Nederlandse Alpinistenvereeniging in bruikleen. Deze boeken hebben een NAV-signatuur. Uiteraard bevat de collectie veel publicaties over de Alpen in het Duits, Frans, Engels, Italiaans en het Nederlands. Daarnaast ook veel boeken over bergsport in het algemeen en over andere berggebieden dan de Alpen. De KB streeft ernaar deze verzameling te blijven aanvullen.
In de literatuurlijst hieronder staan recente titels over bergbeklimmen, waaronder enkele boeken over de expeditie van Bart Vos in 1984 en de discussie daarover.

Literatuur

Boeken over Himalaya-expedities en over bergsport

Links