Dit dossier is bijgewerkt tot 9  juli  2009

Op 10 juli 2009 was het vijfhonderd jaar geleden dat de Fransman Johannnes Calvijn, eigenlijk Jean Calvin, werd geboren.

Gelovig katholiek in een onrustige tijd

Calvijn was in zijn jeugd een gelovig katholiek. Hij groeide op in een tijd waarin velen de katholieke kerk wilden hervormen. In Frankrijk was het evangelisch humanisme op dit gebied dominant. De kerk moest volgens de aanhangers van deze beweging hervormd worden door alle ‘nieuwigheden’ die er in het oude christelijke geloof geslopen waren, te elimineren. Die nieuwigheden waren de priesterlijke rituelen, de mis, de kerkelijke hiërarchie, de paus, de bedevaarten en aflaten, etc. Al deze zaken hielden de gelovigen volgens de humanisten af van waar het eigenlijk om ging: de persoonlijke relatie tot God. De enige manier om tot God te komen was via de bijbel. Die was in de katholieke kerk alleen beschikbaar voor priesters met kennis van het middeleeuws Latijn. Om de bijbel voor iedereen toegankelijk te maken, moest deze volgens de humanisten vanuit het Grieks en Hebreeuws in de volkstaal worden vertaald.

Van humanist naar kerkhervormer

De jonge Calvijn werd door het humanisme gegrepen. Op last van zijn vader begon hij aan een rechtenstudie in Parijs, maar het was zijn ambitie om een beroemd commentator van klassieke teksten te worden. Daartoe studeerde hij Grieks en Hebreeuws, maar hij werd ook meegetrokken in de nieuwe religieuze beweging. Vermoedelijk brak Calvijn in 1533 met de kerk van Rome. Toen in 1534 de verhoudingen in Frankrijk op scherp kwamen te staan en de hervormingsgezinden werden vervolgd, ontvluchtte Calvijn Parijs. Op zijn omzwervingen door Frankrijk leerde hij de invloedrijkste Franse humanist uit die tijd kennen, de bijbelvertaler Jacques Lefèvre d’Étaples. In Bazel schreef hij twee voorwoorden bij de bijbelvertaling die zijn neef Pierre Robert had gemaakt. Geleidelijk verschoof Calvijns belangstelling van klassieke teksten naar de bijbel en de kerkvaders. Op doorreis in Genève werd hij in 1536 door de Franse predikant Guillaume Farel overgehaald hem te helpen die stad voor de hervorming te winnen. Nadien heeft Calvijn zijn literair talent en juridische kennis aan de reformatie gewijd.

Tweede generatie hervormer die eenheid en identiteit bracht

Toen Calvijn zich in 1541 voorgoed in Genève vestigde, was Zwitserland al voor een groot deel protestants. Het ontbrak de Zwitserse en Franse reformatie echter aan eenheid. Calvijn heeft die eenheid gebracht, op dogmatisch, kerkelijk en liturgisch gebied. In 1536 publiceerde hij in Bazel onder de titel Institutio  religionis  christianae (Onderwijs  in  het  christelijk  geloof, 1536) een samenvatting van de christelijke leer, naar voorbeeld van Luther. Met deze kleine catechismus bracht Calvijn diverse hervormingsgezinde bewegingen samen in een nieuw ‘gereformeerd geloof’. Hij ontwierp in 1541 te Genève een kerkorde, waarin de plaatselijke gemeente van gelovigen centraal stond. Sterker dan Luther benadrukte Calvijn de eenheid van kerk en samenleving. Ook gaf hij gestalte aan een nieuwe liturgie die van de bijbel uitging. Omdat de bijbel in gezongen vorm begrijpelijker zou zijn, beijverde Calvijn zich voor het verschijnen van een Franstalige berijming van de 150 psalmen. Dit Geneefse psalter gaf de Franse calvinisten hun identiteit. Eeuwenlang is eruit gezongen in de kerk, tijdens hagenpreken en, in het ergste geval, tot op de brandstapel toe.

Man van de bijbel en het ‘rationele’ geloof

De lutheranen noemden de aanhangers van Calvijn ‘calvinisten’, dit tegen de zin van Calvijn zelf. Hij streefde er niet naar de aandacht op zichzelf te vestigen, maar wilde de bijbel voor iedereen toegankelijk maken.
Aan de Institutie die Calvijn in 1536 in het Latijn had uitgegeven, werkte hij zijn leven lang. In 1541 maakte hij deze voor het Franse publiek toegankelijk door een Franstalige editie te publiceren. Bij de laatste uitgave in 1559 was het uitgegroeid tot een driedelig werk, waarin was samengevat wat Calvijn zélf in de bijbel had ontdekt. Calvijn ging ervan uit dat God via de bijbel direct tot de mens sprak met een heldere boodschap. Wie tot het ‘ware, rationele’ geloof wilde komen, moest de bijbel als ‘leider en leraar’ aanvaarden. Zelfkennis was daarbij even belangrijk als bijbelkennis, want alleen uit het innerlijk besef van God als de bron van de natuurlijke orde, zou het verlangen groeien om vertrouwen in God te stellen.

Drijvende kracht achter de verspreiding van het gereformeerde geloof

Calvijn legde als humanist grote nadruk op het onderwijs. Om de bijbel te kunnen verstaan, moest de bevolking ontwikkeld zijn en moesten er predikanten zijn die de bijbeltekst goed konden uitleggen. Om die reden kwam er in 1536 in Genève openbaar onderwijs en Calvijn stichtte in 1559 de Academie, een universiteit waar Grieks en Hebreeuws werd gedoceerd en waar studenten uit geheel Europa tot predikant werden opgeleid. Naast zijn dagelijks werk als predikant schreef Calvijn veel en maakte hij dankbaar gebruik van het gedrukte boek als nieuw medium. Was er van 1520 tot 1540 al veel verschenen op het gebied van de hervorming, de periode 1541-1564 werd gedomineerd door de werken die Calvijn vanuit zijn ballingsoord Genève in het licht gaf. In de eerste jaren schreef hij veel polemische pamfletten, onder andere tegen de paus en de ‘dissidente’ protestanten. Behalve de Institutie (waarvan de Koninklijke Bibliotheek een Nederlandse vertaling bezit uit 1578), heeft Calvijn veel diepgravende bijbelcommentaren gepubliceerd. Een mooi voorbeeld hiervan is de Nederlandse vertaling VVtlegghinghe  op  alle  de  Sendbrieuen  Pauli  des  apostels, in 1566 gedrukt te Emden (zie voor beide boeken de illustraties).

Calvinisme in Nederland

Vanaf 1540 verspreidde het calvinisme zich in de Lage landen. Enerzijds was dit het gevolg van calvinistische propaganda vanuit Genève (drukwerk, predikanten). Anderzijds kwam het voort uit de vlucht van duizenden Franse protestanten (‘hugenoten’) uit Frankrijk in de zestiende en de zeventiende eeuw. In Nederland werden de hugenoten opgevangen in de Waalse kerken die vanaf 1574 in verschillende steden gesticht waren. De calvinisten integreerden uiteindelijk beter dan de andere protestantse stromingen in Nederland. In tegenstelling tot de luthersen, konden de calvinisten zich aan de Opstand tegen Spanje verbinden.

De ‘C-factor’ in Nederland in de 21 eeuw

Nog altijd wordt Nederland beschouwd als het calvinistische land bij uitstek. Men denkt daarbij aan typisch ‘calvinistische’ karaktertrekken als spaarzaamheid, discipline en vasthoudendheid. Calvijnkenners wijzen er echter op dat bij de beoordeling van Calvijns invloed op Nederland niet zonder meer kan worden uitgegaan van het calvinisme zoals zich dat in Nederland ontwikkeld heeft. Ook is het niet duidelijk of de Nederlander zich in 2009 nog in het geijkte beeld van de ‘calvinist’ herkent. Daarom is er een toets ontwikkeld waarin de Nederlander zijn ‘calvinistische gehalte’ (de zogenaamde ‘C-factor’) kan testen.
Zie voor de toets
Deze toets is een voorbeeld van de impulsen die het onderzoek naar Calvijn en het calvinisme in het Calvijnjaar 2009 krijgt.

Vijfhonderd jaar na Calvijns geboorte is 2009 internationaal uitgeroepen tot Calvijn-jaar. Er worden tentoonstellingen, congressen en debatten georganiseerd. In september verzorgt de KB een tentoonstelling van zeldzame werken op het gebied van het Franse calvinisme, een selectie uit de collectie ‘Roobol’ (zie daarvoor bij de links). Die tentoonstelling wordt gehouden in de Openbare Bibliotheek te Dordrecht.

Wat bezit de KB?

De KB bezit een aantal bijzondere oude drukken van en over Calvijn en veel oude werken op het gebied van het Franse protestantisme. Vele hiervan maken deel uit van de collectie ‘Roobol’. In de Leeszaal van Nederland staan in het Religiepaviljoen vele boeken over protestantisme.

Literatuur

Titels over Calvijn

Links