Dit dossier is bijgewerkt tot 18 mei 2011
In 2004 vierde Donald Duck zijn zeventigste verjaardag. De driftige eend verscheen voor het eerst in beeld in de tekenfilm "The wise little hen", uitgebracht op 9 juni 1934. In deze tekenfilm van 8 minuten speelde hij slechts een bijrol. Een jaar later speelde hij voor het eerst de hoofdrol in een zondagse krantenstrip, en in 1937 kreeg hij een vaste dagelijkse plek in een Amerikaanse krant. De eerste strips waren van de hand van Al Taliafero, maar al snel kwam zijn collega Carl Barks in beeld.
Carl Barks
Carl Barks (1901-2000) drukte tussen 1937 en 1966 nadrukkelijk zijn stempel op de wereld van Donald Duck. In tegenstelling tot wat gebruikelijk was in de tekenstudio's van Walt Disney, bedacht, schreef en tekende hij in zijn eentje alle verhalen, wat die verhalen een uitzonderlijke kwaliteit gaf. Omdat hij aanvankelijk anoniem tekende voor de Disney studio's kreeg hij door de fans van de strip al gauw de bijnaam "the good Duck artist".
Barks was degene die de inmiddels beroemde bijfiguren bedacht, zoals oom Dagobert, Guus Geluk, Knabbel en Babbel, Willie Wortel en Zwarte Magica. In 1944 bedacht hij bovendien de naam Duckstad voor de wereld waarin al deze figuren leefden.
Donald Duck in Nederland
In oktober 1952 werd in Nederland voor het eerst het weekblad Donald Duck uitgebracht. Onmiddellijk kon het rekenen op een grote groep lezers. In het begin putte dit blad voornamelijk uit de inmiddels aanzienlijke voorraad Amerikaanse strips. Later begon men ook in Nederland Donald Duck-strips te maken, zoals dat ook gebeurde in andere landen waar inmiddels een weekblad was opgericht.
Andere striptekenaars
Bovendien gaf het weekblad een impuls aan ander striptalent. Bekende series als Douwe Dabbert (door Thom Roep en Piet Wijn) en de geschiedenis-strip Van Nul tot Nu (door Thom Roep en Co Loerakker), die in albumvorm voor hoge verkoopcijfers zorgden, werden oorspronkelijk in de Donald Duck gepubliceerd.
Bekijk de eerste Donald Duck uit 1952