Dit dossier is bijgewerkt tot 13 juli 2011

In januari 1605 verschijnt bij de drukkerij van Juan de la Cuesta te Madrid El ingenioso hidalgo Don Quijote de la Mancha [De scherpzinnige edelman Don Quichot van La Mancha] van Miguel de Cervantes Saavedra, een 57-jarige miskende amateur-schrijver. Het boek wordt meteen een doorslaand succes en is dit tot op heden gebleven.

Parodie

Don Quijote is een parodie op de in de 16e eeuw immens populaire ridderromans, die een geïdealiseerd en archaïsch beeld van de wereld geven. Amadís de Gaule (1508) is het bekendste voorbeeld van dit genre. In Cervantes’ roman is de lectuur van ridderromans oorzaak van de gekte van de hoofdpersoon, Alonso Quijano, die een waanzinnige dolende ridder begint te worden. Hij gaat zelfs in een Amadís-de-Gaula-stijl praten, neemt de meer welluidende naam “Quijote” aan. Uiteindelijk hult hij zich in een zelf in elkaar geknutseld harnas en trekt op een aftandse merrie ten strijde tegen vermeende reuzen, tovenaars en allerlei soorten slechterikken.

Een verhaal met commentaar

De avonturen van Don Quijote en zijn schildknaap Sancho Panza vormen het hart van Cervantes’ meesterlijke parodie. Daarnaast zijn er in de hoofdhandeling talrijke korte episodes − verteld door verschillende personages − verweven, die voor een deel ook weer met elkaar samenhangen. Zoals in ridderromans gebruikelijk, presenteert Cervantes het verhaal van Don Quijote als zijnde een uit het Arabisch vertaald manuscript. Bijzonder is echter dat het verhaal door de fictieve vertaler, ene Cide Hamete Benengeli, af en toe door commentaar wordt voorzien, waarop Cervantes dan zelf ook weer commentaar geeft.

Herdrukken, vertalingen en een vervolg

Nog in 1605 wordt Don Quijote zes keer heruitgegeven, al in 1612 verschijnt er een Engelse en in 1614 een Franse vertaling. Een zekere Alonso Fernández de Avellanada brengt in 1614 zogenaamd een tweede deel van Don Quijote uit en maakt van die gelegenheid gebruik om Cervantes op allerlei manieren aan te vallen. Hierop reageert Cervantes met de versnelde publicatie, in 1615, van zijn eigen Segunda parte del ingenioso caballero Don Quijote de la Mancha [Tweede deel van de scherpzinnige heer Don Quichot van La Mancha]. Hij dient Avellanada daarin subtiel van repliek, zowel in het voorwoord alsook in verschillende hoofdstukken. Verder plagiaat voorkomt hij door Alonso Quijano aan het einde te laten overlijden, die inmiddels zijn dwalingen berouwt en bij zijn volle verstand is. Cervantes zelf overlijdt één jaar later.

In het Nederlands

Don Quijote II wordt totaal vier keer uitgegeven, maar in de volgende uitgaven worden beide delen gecombineerd. De eerste Nederlandse integrale vertaling van Don Quijote als Den verstandigen vroomen ridder, Don Quichot de la Mancha door Lambert van den Bos dateert van 1657. Naast de vele vertalingen die zullen volgen, zijn er prozabewerkingen − al dan niet voor de jeugd −, toneelbewerkingen en toonzettingen.

Verklaring voor het succes

Waarom was en is Don Quijote, dat volgens sommigen na de bijbel het meest vertaalde boek ter wereld is, nou zo’n baanbrekend succes? Wat kenmerkend is voor dit boek is dat de auteur enerzijds tegemoetkomt aan de behoefte van de lezer naar spanning en vermaak door een spectaculair verhaal op een humoristische wijze neer te zetten.
Anderzijds heeft Don Quijote een voor die tijd ongekende psychologische diepgang: in de confrontatie met een scherp geobserveerde werkelijkheid werkt Cervantes de complexiteit van het karakter van zijn goedbedoelende, erudiete doch knettergekke hoofdpersoon uit. Don Quijote kan daarom in elk opzicht gezien worden als de bakermat van de moderne roman.

      

Literatuur