Dit dossier is bijgewerkt tot 7 februari 2012

In 1997 werd met de legendarische woorden ‘It giet oan’ bekendgemaakt dat de Elfstedentocht na elf jaar weer verreden zou worden. Door de warme winters was het in 1986 de laatste keer geweest dat de tocht doorgang vond. Zwartkijkers verwachten dat er door de klimaatontwikkelingen niet veel tochten meer zullen komen. 
Begin februari 2012 zijn weer velen in Friesland koortsachtig bezig de route 'schaatsklaar' te maken, want er is een periode met flinke vorst. IJsmeester Wiebe Wieling en de organisatoren van Vereniging Friesche Elfsteden volgen de voorbereidingen nauwgezet. Zij bepalen of de condities zo zijn dat er op verantwoorde wijze een Elfstedentocht kan plaatsvinden.   
De echte schaatsliefhebbers houden goede moed, want het klimaat blijft uitschieters naar beneden vertonen.

Het begon in 1909

Op 2 januari 2009 was het honderd jaar geleden dat de eerste officiële Elfstedentocht werd verreden, georganiseerd door de Friesche IJsbond. Nog geen twee weken later, op 15 januari 1909, richtte mr. Mindert Hepkema de Vereniging de Friesche Elf Steden op, die in het vervolg de tocht zou organiseren. Sinds 1909 is de tocht zevenentwintig maal uitgeschreven, waarvan er vijftien daadwerkelijk verreden zijn.

De tocht der tochten

Al in de achttiende eeuw zag men het als een sportieve uitdaging om in één dag alle elf Friese steden per schaats aan te doen. Vanuit Leeuwarden schaatste men over meren en sloten, tussen de weilanden en onder bruggen door. Een traject van ongeveer tweehonderd kilometer langs Sneek, IJlst, Sloten, Stavoren, Hindeloopen, Workum, Bolsward, Harlingen, Franeker, Dokkum en terug naar Leeuwarden. Ook in de negentiende eeuw ondernamen veel Friezen pogingen de elfstedenroute te rijden, zo ook in de zeer strenge winter van 1890-1891. Eén van hen was Pim Mulier, de man die in Nederland sporten als voetbal, tennis en hockey introduceerde en later aan de wieg stond van het Nederlands Olympisch Comité. Hij kwam met het idee om de Elfstedentocht een officieel karakter te geven.

Rayons en rayonhoofden

De route is verdeeld in tweeëntwintig rayons. De rayonhoofden zijn onder meer verantwoordelijk voor het meten van de dikte van het ijs, dat over de hele route minstens vijftien centimeter dik moet zijn. De Elfstedentocht kent een wedstrijd- en een toertocht die op dezelfde dag worden verreden. Alle deelnemende schaatsers moeten lid zijn van de Vereniging de Friesche Elf Steden. Zij ontvangen, mits zij alle reguliere en geheime controleposten zijn gepasseerd, het zogenaamde zilveren Elfstedenkruisje – ontworpen door Pim Mulier. De winnaar van de Tocht der Tochten ontvangt diverse wisselprijzen.

Hoogte- en dieptepunten

In de afgelopen honderd jaar zijn er veel opmerkelijke voorvallen geweest. Zo sloten bij voorbeeld in 1940 vijf schaatsers het ‘pact van Dokkum’, om gezamenlijk de finishlijn te passeren. Alle vijf werden tot winnaar uitgeroepen. Bij de finish van de elfde Elfstedentocht in 1956 deed een groep schaatsers hetzelfde, het zogeheten ‘Pact van Vrouwbuustermolen’. Ditmaal viel het bij de officials en het publiek niet in goede aarde: er werd geen winnaar aangewezen. De twaalfde Elfstedentocht wordt wel ‘De Hel van 1963’ genoemd. In deze koudste winter van de twintigste eeuw zorgden de barre weersomstandigheden –’s ochtends vroor het 21º!– ervoor dat slechts negenenzestig van de bijna tienduizend toertochtrijders de tocht volbrachten.

Allerlei deelnemers

De deelnemers aan de tocht waren van divers pluimage en de Elfstedentocht kent daardoor een rijke geschiedenis. Zo wist ondanks een valpartij dominee Minne Hoekstra de allereerste tocht te winnen. Tinus Udding eindigde de tocht van 1963 met negen tenen. Die afgevroren teen wordt tentoongesteld in het Schaatsmuseum in Hindeloopen. In 1985 werden voor het eerst vrouwen bij de wedstrijdtochten toegelaten. De snelste vrouw van dat jaar was Lenie van der Hoorn. Een jaar later voltooide prins Willem-Alexander, onder de schuilnaam W.A. van Buren, de Elfstedentocht. Zijn trotse ouders (koningin Beatrix en prins Claus) stonden hem bij de finish op te wachten. Tweevoudig winnaar Evert van Benthem vestigde in 1985 het huidige elfstedenrecord van 6 uur en 47 minuten.

      

Literatuur

Links