Dit dossier is bijgewerkt tot 18 januari 2008.

De op 9 maart 1943 in Chicago geboren Robert James Fischer won in 1957 als veertienjarige het kampioenschap van de Verenigde Staten. In de periode van 1957 tot en met 1996 speelde Fischer acht maal mee om dat zelfde kampioenschap, en wist bij elke deelname te winnen. Opmerkelijk was vooral de zege uit 1963, waarbij hij alle partijen winnend afsloot.

Schaakgrootmeester

In 1957 werd Fischer de jongste schaakgrootmeester tot dan toe. In 1991 nam Judit Polgar die positie over. Fischer begon als één van de favorieten aan het kandidatentoernooi van Curaçao in 1962. Verrassenderwijs werd hij slechts vierde. Volgens Fischer was de oorzaak daarvan gelegen in een samenzwering van de boven hem in de rangschikking geëindigde Petrosjan, Geller en Keres. 

Naar de wereldtitel

In de aanloop tot het wereldkampioenschap was Fischer in de kandidatenmatches tegen Mark Taimanov en Bent Larsen ongenaakbaar. Hij won beide partijen met 6-0. De laatste horde die moest worden genomen om de wereldkampioen uit te dagen was oud-wereldkampioen Tigran Petrosjan. De uitslag 6½-2½ liet niets aan duidelijkheid te wensen over.

Fischer-Spasski

In 1972 speelde Fischer in Reykjavik het meest aansprekende wereldkampioenschap schaak uit de geschiedenis tegen Boris Spasski. Fischer verloor de eerste partij en bleef weg bij de tweede partij, want de organisatoren van het toernooi wensten niet aan zijn nieuwe eisen te voldoen. Daarmee had hij meteen een 2-0 achterstand opgelopen. Uiteindelijk zou dat hem er niet van weerhouden de match met 12½-8½ naar zich toe te trekken. Hij was daarmee de eerste Amerikaan die de Russische schakers met succes had uitgedaagd.

Tweekamp in de schijnwerpers

Dit wereldkampioenschap kreeg, doordat het als een tweekamp tussen de ‘kampioen van de vrije wereld en die van de Sovjet-Unie’ werd gezien enorm veel aandacht. Het zorgde zeker voor een enorme groei in de interesse voor het schaken.
Fischer zou zijn titel niet meer verdedigen. Uitdager Anatoli Karpov zou nooit tegen hem spelen voor de wereldtitel. Aan de exorbitante eisen die Fischer aan het spelen van de match stelde was niet te voldoen. Karpov werd door de wereldschaakbond FIDE tot wereldkampioen uitgeroepen zonder te spelen.

Recalcitrant

Pas in 1992 zou Fischer in Joegoslavië een revanchematch tegen Spasski spelen en winnen: 10-5. De Amerikaanse regering had Fischer verboden de match te spelen vanwege VN-sancties tegen Joegoslavië. De verhouding met zijn geboorteland was danig verstoord en Fischer zou zijn domicilie vooral in Hongarije en de Filippijnen zoeken. Inmiddels had de Amerikaanse overheid een arrestatiebevel tegen hem uitgevaardigd. Slechts spaarzaam kwam Fischer daarna nog in het nieuws. Echter voornamelijk vanwege antisemitische uitspraken en zijn ongezouten kritiek op de Verenigde Staten. Menigeen twijfelde aan de geestelijke gezondheid van de Amerikaan.

Politiek asiel in IJsland

Op 13 juli 2004 werd hij in Tokio aangehouden en gevangengezet. Hij verzette zich fel tegen zijn op handen zijnde uitlevering aan de Verenigde Staten. Hij vroeg en kreeg politiek asiel in het land waar hij zijn grootste succes had behaald: IJsland. In 2005 kreeg hij de IJslandse nationaliteit en op 24 maart van dat jaar kwam hij in zijn nieuwe vaderland aan. Voor de IJslanders is de overwinning van Bobby Fischer op Boris Spasski in 1972 één van de grootste prestaties in de geschiedenis van de sport.

Op 17 januari 2008 overleed Bobby Fischer in een ziekenhuis in Reykjavik, IJsland.

Literatuur