Dit dossier is bijgewerkt tot 3  mei  2010

Dit jaar start de 93e editie van de Ronde van Italië (Giro  d’Italia) in Amsterdam. Tot in de jaren tachtig heeft de Giro in de schaduw gestaan van zijn ‘grote broer’ de  Tour  de  France. De impact van de Tour is te vergelijken met die van het Europees Kampioenschap voetbal. Maar vanaf de jaren zestig is de Giro populairder geworden. Steeds vaker winnen niet-Italiaanse renners het eindklassement en de media-aandacht is gegroeid. De overeenkomsten tussen de twee wielerrondes zijn overduidelijk: loodzware beklimmingen, spectaculaire afdalingen en massale sprints.

Geschiedenis

De eerste Giro startte op 13 mei 1909 en werd georganiseerd door de sportkrant Gazzetta  dello  Sport. De krant zette het wielerevenement op in navolging van een autorace door heel Italië, georganiseerd door het concurrerende dagblad Il  Corriere  della  Sera. Sinds 1909 heeft de Giro jaarlijks plaatsgevonden, maar kon tijdens de Eerste en de Tweede Wereldoorlog niet doorgaan. Het succes van de Giro bleef aanvankelijk tot Italië zelf beperkt. Dat kwam gedeeltelijk door sterke politieke sentimenten. Na de Tweede Wereldoorlog werd de Giro namelijk een symbool voor de wederopbouw van Italië.
De Giro vindt plaats in het voorjaar en duurt 23 dagen. Na de proloog worden 20 etappes verreden; de ronde kent twee rustdagen.

Start en finish

Tot 1960 vormde Milaan, de zetel van de Gazzetta, het vertrek- en eindpunt van de Giro. Vanaf de jaren ‘70 is het steeds meer een internationaal wielerevenement geworden, want ook steden buiten Italië gingen als startplaats dienen.
In 2010 begint de Giro in Nederland, waar hij steden als Amsterdam, Utrecht en Middelburg aandoet. De ronde eindigt wel altijd in Italië, maar niet meer steeds in Milaan.

Dragers van de roze trui

De overbekende roze trui (Maglia  rosa), de tegenhanger van de gele trui uit de Tour  de  France, is het tricot voor de leider van het algemeen klassement. De roze kleur verwijst naar de kleur van het papier waarop de Gazzetta - tot op de dag van vandaag- wordt gedrukt. Alfredo Binda, Fausto Coppi en Eddy Merckx hebben de Giro vijf keer gewonnen en waren roze truidragers.
De paarse trui (Maglia  ciclamino) is bestemd voor de winnaar van het puntenklassement. Francesco Moser en Giuseppe Saronni wisten dit klassement vier keer te winnen. Vanaf 2010 is de paarse trui vervangen door de rode trui (maglia  rosso). 
De groene trui (Maglia  verde) wordt uitgereikt aan de winnaar van het bergklassement. De witte trui (Maglia  bianca) is voor de winnaar van het jongerenklassement. Gino Bartali heeft het record van zeven overwinningen bij het bergklassement op zijn naam staan.

Parcours

In de Giro worden de renners op de proef gesteld op de Stelviopas (2758 m) en de Gaviapas (2621 m). Ook de Mortirolo (1851 m) en de Monte Zoncolan (1735 m) behoren tot de gevreesde beklimmingen.
De meeste eindoverwinningen komen nog steeds op naam van Italianen, zoals de beroemde renners Alfredo Binda en Fausto Coppi. De laatste was de jongste winnaar van de Giro ooit, toen hij in 1940 als twintigjarige als eerste over de eindstreep kwam.
Er waren ook Nederlandse successen. Jean-Paul van Poppel heeft in 1986 en 1989 vier etappes gewonnen. Erik Breukink werd in 1988 tweede in het eindklassement. In 1999 won Jeroen Blijlevens de etappe van Catania naar Messina. De Russische wielrenner Denis Mentsjov won in 2009 de Giro voor de Raboploeg, waardoor er toch een Nederlands randje aan deze overwinning zat.

Doping

Onder de renners van de Giro bevonden zich ook dopingzondaars. In 1969 werd Eddy Merckx positief getest op doping. In 1999 moest Marco Pantani na een positieve test zijn roze leiderstrui inleveren. De laatste jaren is er een groeiende aandacht in de media voor dopinggebruik en die aandacht zal blijven toenemen.

De Koninklijke Bibliotheek heeft een grote en veelzijdige sportcollectie. Met de 25.000 boeken in bruikleen van sportkoepel NOC*NSF, en alle boeken en tijdschriften die sinds 1974 in Nederland verschijnen, is dit een bijna onuitputtelijke bron van informatie over sport.
Zie ook www.kb.nl/sport.

     

Literatuur

Links