Dit dossier is bijgewerkt tot 10 januari 2009
Kuifje in Le Petit Vingtième
Op 10 januari 2009 was het 80 jaar geleden dat de stripfiguur Tintin (Kuifje) voor het eerst verscheen in een beeldverhaal in
Le Petit Vingtième, de wekelijkse kinderbijlage van de Brusselse krant Le Vingtième Siècle. Georges Remi (R.G., op zijn Frans Hergé, 1907-1983) was toen illustrator van de krant en hij coördineerde de kinderbijlage. In zijn debuutverhaal maakte Tintin als reporter een treinreis naar de Sovjet-Unie samen met Milou (Bobbie), een witte fox-terriër met menselijke trekjes. De krant wilde zijn lezertjes de wereld laten zien en het communisme aan de kaak stellen.
Tintin wordt Kuifje
De wekelijkse avonturen van Tintin bleken een groot succes. Op de woensdagen dat Le Petit Vingtième verscheen stuwden zij de verkoop van de krant op. Hergé liet op Tintin au pays des Soviets de verhalen
Tintin au Congo (1930-1931) en Tintin en Amérique (1931-1932) volgen. Albums van die verhalen kwamen er spoedig en vonden gretig aftrek. Een Nederlandstalige versie van Tintin verscheen in 1940 in een proefnummer van het jeugdblad De Bengel. Het eerste volledige verhaal in het Nederlands - Tintin in Congo - startte in september van dat jaar in de Vlaamse krant Het Laatste Nieuws. In oktober 1943 werd Tintin voor het Nederlandse publiek omgedoopt tot Kuifje - middenin het verhaal De geheimzinnige Ster.
Verre reizen
Er verschenen drieëntwintig Kuifjealbums, waarin de eeuwig jonge reporter de hele wereld over reist. Van China in De Blauwe Lotus (1936) tot Peru in De zonnetempel (1949). Vijf verhalen, waaronder De scepter van Ottokar (1939) en De zaak Zonnebloem (1956) spelen zich af in het fictieve Oost-Europese land Syldavië. Kuifje was zijn tijd ver vooruit: 15 jaar vóór Neil Armstrong zette hij al voet op de maan in Mannen op de maan (1954). Het laatste officiële album Kuifje en de Picaro’s dateert uit 1976.
Internationaal succes en politieke gevoeligheden
De avonturen zijn in achtenvijftig talen verschenen en er zijn meer dan tweehonderd miljoen albums verkocht. In China werd Kuifje pas in 2001 officieel geïntroduceerd - deels vanwege gevoelig liggende verhalen als Kuifje in Tibet (1960), deels vanwege auteursrechtelijke obstakels. De Blauwe Lotus, waarin Hergé ten tijde van de Japanse bezetting partij kiest voor China, verscheen eerst in 1993 in het Japans.
Kuifje en zijn tegenspelers
Kuifje is een ouderwetse held: dapper en onvermoeibaar, degelijk en onkreukbaar. De braverik wordt omringd door vermakelijke medespelers, zoals de goedzakkige, whiskydrinkende kapitein Haddock. Veel aandacht kreeg Haddocks scheldvocabulaire, waaronder het welbekende “duizend bommen en granaten!”. Daarnaast treden op: het blunderende detective-duo Jansen en Janssen, de opera-diva Bianca Castafiore en de eigenzinnige en hardhorende professor Zonnebloem.
Parodieën en pastiches
Op Kuifje zijn tientallen parodieën gemaakt. Inmiddels zijn er meer persiflages in omloop dan oorspronkelijke titels. Vele daarvan zijn politiek-anarchistisch of pornografisch van aard: zoals
Kuifje in El Salvador en Kuifje in Zwitserland. Maar ook is opgetekend hoe Kuifje de strijd aangaat met een andere superheld in
Tintin contre Batman. Hij werkt samen met Sherlock Holmes in Sherlock et Tintin. Sinds eind vorige eeuw treden de erven Hergé streng op tegen Kuifje-parodieën. In 1995 werd graficus en Hergé-bewonderaar Joost Veerkamp beschuldigd van plagiaat: voor
Vrij Nederland had hij zes paginagrote pastiches op Kuifje-omslagen getekend. Deze zaak werd uiteindelijk geschikt.
Wordt vervolgd
Voor liefhebbers van Kuifje komt er nog het een en ander. Steven Spielberg werkt aan een Kuifje-verfilming, een langgekoesterde wens van de regisseur. Met geavanceerde animatietechnieken moet het project resulteren in een Tintin-trilogie. De eerste film is gebaseerd op het dubbelluik Het geheim van de Eenhoorn en
De schat van Scharlaken Rackham (1944). ‘Alleen Spielberg kan Kuifje geloofwaardig verfilmen’, zou Hergé ooit gezegd hebben. In 2010 kunnen we zien of hij gelijk krijgt. En er is meer: in mei 2009 opent Musée Hergé zijn deuren. Hergé’s weduwe Fanny Rodwell heeft op 21 mei 2007 de eerste steen gelegd van dit museum in het centrum van Louvain-la-Neuve.
Controversiële onderwerpen
Vaak is Hergé verweten dat zijn visie op de wereld politiek incorrect, bevooroordeeld en discriminerend was. Daarom werden albums deels of geheel aangepast. In de eerste Amerikaanse editie van Tintin in America (1973) werden enkele stereotype afbeeldingen van zwarte Amerikanen weggelaten. Voor een heruitgave in 1971 van Het zwarte goud (1950) zijn pagina’s aangepast om de Palestijnse kwestie te verwijderen. En in 1954 werden wijzigingen aangebracht in De geheimzinnige ster (1946): de slechteriken waren niet langer Amerikanen, maar afkomstig uit het fictieve Sao Rico. De ‘te joodse’ naam Blumenstein werd veranderd in Bohlwinkel.
Kuifje in Afrika
Maar het album dat in de loop der jaren de meeste weerstand heeft opgeroepen is Kuifje in Congo, in Nederland later Kuifje in Afrika getiteld. Dit is vaak bestempeld als racistisch en kolonialistisch. Er was ook kritiek op hoe er met dieren werd omgesprongen. Thema en toon van het verhaal waren Hergé ingefluisterd door zijn werkgever Norbert Wallez, die de Belgische jeugd iets wilde leren over de waarden van het kolonialisme. Later bekende Hergé dat onwetendheid en paternalisme de oorzaken waren van deze ‘jeugdzonde’. Hij hertekende het album zodat de verwijzingen naar Congo als Belgische kolonie verdwenen. In de jaren ‘70 verwijderde Hergé op verzoek van de Scandinavische uitgevers een scène waarin Kuifje met dynamiet een neushoorn laat ontploffen. In 2005 verscheen een ingekleurde versie in het Engels voorzien van uitleg over de historische context. In 2007, na een uitspraak van de Britse Commission for Racial Equality, verplaatsten boekverkopers Tintin in the Congo naar de volwassenenafdeling. Door die uitspraak werd het album in Groot-Brittannië zeer goed verkocht.
De Alfa-kunst
Tijdens de voorbereidingen van het vierentwintigste en laatste Kuifje-album (Kuifje en de Alfa-kunst) overleed Hergé. Van dit verhaal - over de handel in kunstvervalsingen en een mysterieuze sekte - bleven ruwe schetsen, een onaf scenario en enkele pagina's over. Hiervan verscheen in 1986 een facsimile-uitgave. Verschillende tekenaars hebben het album alsnog voltooid en uitgegeven. In 1988 verscheen een anonieme editie van Tintin etl'Alph-art. Bekender is de versie (1995) van de Canadese tekenaar Yves Rodier. Van zijn interpretatie bestaan verschillende edities; alle pagina’s daarvan zijn te bekijken op internet. Met Studio Hergé heeft Rodier gesproken over een gezamenlijke officiële versie van het album. Omdat Hergé’s weduwe geen toestemming wilde geven is het zover nooit gekomen.
Alle pagina's van Yves Rodiers Tintin et l'Alph art zijn te bekijken op:
Kuifje curiosa
De Koninklijke Bibliotheek bezit enkele bijzondere uitgaven van Kuifje. Bij voorbeeld een pop-up boek Explorers on the moon uit 1992 (aanvraagnummer BJ Z0314). Daarnaast zijn er een spelletjesblok uit 1986 (aanvraagnummer ND 1986/2225) en uit 1993 Tufke : Kuifje in het Fries (aanvraagnummer 5054770)