Dit dossier is bijgewerkt tot 13 juni 2007

Pioniers

Vliegen als een vogel. Die gedachte heeft de mens altijd gefascineerd. Lange tijd echter bleef het bij verhalen en dromen. Daedalus en Icarus bijvoorbeeld wisten volgens een Griekse legende met vleugels van was en veren uit het labyrint van koning Minos te ontsnappen, hoewel Icarus daarna jammerlijk in zee stortte. Leonardo Da Vinci wist het zeker: 'Een vogel is een instrument dat functioneert in overeenstemming met wiskundige wetten. Mensen kunnen dat instrument best namaken.' Hij maakte verschillende ontwerpen van parachutes en vliegmachines. De droom van het zweven door de lucht werd pas in de achttiende eeuw werkelijkheid toen de gebroeders Montgolfier hun hete luchtballonnen lieten opstijgen. Omdat ze niet wisten wat de gezondheidsrisico's van een luchtreis zouden zijn, werden eerst een schaap, een haan en een eend de lucht in gestuurd. In de negentiende eeuw werden succesvolle proeven gedaan met zweefvliegtuigjes. Een belangrijke persoon in deze beginperiode was de Duitse ingenieur Otto Lilienthal. Hij ontwierp verschillende zweefvliegtuigen en maakte honderden proefvluchten. In 1896 overleed hij nadat hij met een van zijn creaties was neergestort.
Deze Duitse pionier is een grote inspiratie geweest voor de Amerikaanse gebroeders Wright die eind negentiende eeuw ook gefascineerd raakten door de luchtvaart. In hun rijwielwerkplaats in Dayton ontwierpen en bouwden Wilbur en Orville verschillende vliegers en zweeftoestellen. Daarbij maakten ze gebruik van de gegevens die Lilienthal tijdens zijn leven had opgetekend. Op de winderige zandvlakten bij de Kill Devil Hills in Noord-Carolina werden de bouwwerken uitgetest en aangepast. De wind was echter een oncontroleerbare krachtbron, daarom besloten de broers een motor te ontwerpen die hun toestel zou aandrijven. 'Not within a thousand years would man ever fly' had Wilbur Wright in 1901 nog geroepen na een serie teleurstellende tests. Twee jaar later was het dan toch zo ver: op 17 december 1903 maakte zijn broer de eerste succesvolle gemotoriseerde vlucht met de Flyer I. De vlucht duurde welgeteld 12 seconden en er werd een afstand van 40 meter afgelegd. In eerste instantie was er weinig belangstelling voor de uitvinding van de broers. Pas in 1908 na een aantal demonstratievluchten in Frankrijk en Washington kregen de broers de eer die hen toekwam.

Luchtmacht

In de daarop volgende jaren werden voorzichtige pogingen gedaan om de uitvindingen van de gebroeders Wright verder te ontwikkelen. Tijdens de Eerste Wereldoorlog werd het nut van de luchtvaart in oorlogsvoering duidelijk en kwam er schot in de zaak. In vier jaar tijd maakte de luchtvaartindustrie een snelle ontwikkeling door. In het begin werden zeer kwetsbare en onbetrouwbare toestellen ingezet op verkenningsvluchten, maar aan het einde van de oorlog beschikten beide partijen over relatief sterke en wendbare machines voorzien van ingebouwde mitrailleur. De luchtmacht was een volwaardig onderdeel van het leger geworden. Na de Eerste Wereldoorlog werd hard gewerkt om motoren en bewapening verder te verbeteren. Vanaf de jaren '30 werden de zuigkrachtmotor vervangen door straalmotoren. Hiermee kon een snelheid van 900 kilometer per uur gehaald worden. Het moest en kon allemaal nog sneller. Toen na een aantal tests met onbemande toestellen, bleek dat je niet werkelijk tegen een muur opbotst als je de geluidsbarrière doorbreekt, was de eer in 1947 aan Charles Yeager. Moderne gevechtsvliegtuigen kunnen inmiddels minimaal twee keer de geluidssnelheid bereiken, ze zijn voorzien van uiterst gevoelige radars en kunnen in principe van grote hoogten precisiebombardementen uitvoeren of spionagewerk verrichten. Door de ontwikkeling van onbemande vliegtuigen, zal in de toekomst wellicht de gevechtspiloot volledig overbodig worden.

Burgerluchtvaart

De ontwikkeling van burgerluchtvaart stond in nauw verband met de ontwikkelingen van militaire luchtvaart. Na de Eerste Wereldoorlog werden de oude gevechtsvliegtuigen omgebouwd en ingezet voor niet-militaire doeleinden. Tussen steden als Londen en Parijs werden luchtpostdiensten ingesteld en personen konden op kleine schaal vervoerd worden. Op 20 mei 1927 vertrok Charles Lindbergh met zijn vliegtuig vanuit New York om de Atlantische Oceaan over te steken. Het was een risicovolle onderneming, omdat hij niet over een goed navigatiesysteem beschikte. Bovendien had hij geen goed zicht doordat een brandstoftank voor op het toestel was geplaatst. Lindbergh wist het er echter zonder kleerscheuren vanaf te brengen en ruim drieëndertig uur later werd hij in Parijs als held onthaald. De eerste transatlantische solovlucht was een feit.
De burgerluchtvaart kwam vooral na de Tweede Wereldoorlog tot bloei. Wederom waren na de oorlog veel militaire toestellen en ervaren piloten beschikbaar, waardoor een jaar na de oorlog al een uitgebreid luchtnet over Europa en Noord-Amerika was gespannen. Geleidelijk werden alle landen en continenten met elkaar verbonden. De wereld werd steeds kleiner, de meest onherbergzame gebieden werden bereikbaar. Vliegen was in eerste instantie alleen weggelegd voor welgestelden, maar na invoering van de toeristenklasse in de jaren '50 werd het luchtruim toegankelijk voor steeds grotere delen van de bevolking. Vliegtickets werden steeds goedkoper en sinds de komst van 'budgetmaatschappijen' als Easy Jet en Ryan Air is vliegen zelfs de normaalste zaak van de wereld.

Literatuur

Links