Dit dossier is bijgewerkt tot 7 juli 2011

“Wat in De avonden (1947) in zulk een nog altijd de lezer verbijsterende overmoed werd ingezet, wijdere aspecten verkreeg in Werther Nieland (1949), Vier wintervertellingen (1956) en Tien vrolijke verhalen (1959), en tenslotte een ongehoorde driestheid bereikte in Op weg naar het einde (1963) en Nader tot U (1966), vindt thans een nieuw hoogtepunt in de letterlijk voor niets meer terugdeinzende, grotendeels in ballingschap geschreven liefdesroman De taal der liefde.”

Aldus de schrijver Gerard Reve (1923-2006) zelf aan het woord in de flaptekst van zijn boek De taal der liefde (1972). Merk op hoe in dit gedragen proza eigenlijk helemaal niets wordt gezegd. Voor wie thuis is in Reves oeuvre is dat geen bezwaar, men zal begrijpen wat de auteur bedoelt en zijn woordkeus zelfs waarderen. Anderzijds vertoont het een kernprobleem van Reves schrijverschap. Is hij nu een auteur die serieus genomen dient te worden of een uitgekookte grappenmaker die, hoewel geestig en stilistisch onnavolgbaar, eigenlijk ‘niets’ te vertellen heeft?

Toonaangevend

Onmiskenbaar is dat Reve een van Nederlands toonaangevende auteurs is geweest en dat zijn jeugdwerk een pregnantie en zeggingskracht vertoont die het een grote waarde verlenen. Bovendien verzekerde hij zich van de nodige aandacht door opzienbarend gedrag zoals zijn openlijk beleden homoseksualiteit, de kus aan de minister die hem de P.C. Hooftprijs uitreikte, zijn toetreding tot de katholieke kerk, het befaamde ezelproces en zijn racistische uitspraken.

Tot april 2006

Reve overleed op 8 april 2006 na een lang ziekbed. De laatste jaren voor zijn dood bleek dat Reve’s boeken het zonder de promotionele ondersteuning van de auteur in levende lijve, zoals optredens, interviews en af en toe een nieuwe titel, maar moeilijk konden redden. Enfin, Reve zelf heeft dit al min of meer voorzien toen hij stelde: “Een kunstenaar moet in de eerste plaats zorgen voor kwaliteit, maar als je in de wereld van de kunst niet af en toe een flinke keel opzet kom je nergens.”

"Het is gezien"

Wat het belang is van Reves omvangrijke oeuvre voor latere generaties zal moeten blijken. De meningen daarover lopen sterk uiteen. Maar, om een van de beroemdste zinnen uit Reves beroemdste boek, De avonden, aan te halen: “Het is gezien. Het is niet onopgemerkt gebleven.”

Onenigheid om biografie

In 2009 en 2010 verschenen de eerste twee delen van een lijvige biografie over Reve. Auteur Nop Maas wist in vijfentwintig jaar onderzoek veel nieuwe informatie over Reve boven water te halen. De publicatie van het derde en laatste deel werd echter per kort geding tegengehouden door Joop Schafthuizen, weduwnaar van Reve, en in het bezit van de auteursrechten op zijn werk. Het conflict liep verder uit de hand toen biograaf Nop Maas in juni 2011 aangifte deed van doodsbedreiging door Schafthuizen.

Reve in de KB

Van de vele publicaties van en over Gerard Reve bezit de KB er honderden, in talrijke, verschillende edities. In de beide titelbestanden bij dit dossier met publicaties van en over Reve worden alleen de meest recente genoemd. Deze en andere publicaties worden aan belangstellenden in vrijwel alle gevallen zonder verdere restricties ter inzage gegeven.

       

Biografie en werken van Gerard Reve

De schrijver Gerard Reve werd geboren als Gerard Kornelis van het Reve op 14 december 1923 in de Van Hallstraat in Amsterdam als tweede zoon in een gezin van overtuigde communisten. Zijn broer, door Gerard steevast aangeduid als 'mijn geleerde broer', was de Leidse hoogleraar Slavische talen en essayist Karel van het Reve (1921-1999). Zijn vader was de journalist Gerard J.M. van het Reve, die publiceerde onder het pseudoniem Gerard Vanter. Gerard Kornelis van het Reve knutselde nogal aan zijn eigen naam, maar schreef toch het vaakst en het langst onder de naam Gerard Reve, wat ook bij Koninklijk Besluit sinds de jaren zeventig zijn echte, burgerlijke naam is.

      

Literatuur

Links