Dit dossier is bijgewerkt tot 21 maart 2011
Hans van Mierlo, de oprichter van D66, is donderdag 11 maart overleden op achtenzeventigjarige leeftijd. Hij was al enige tijd ziek. In 1967 verraste Van Mierlo vriend en vijand door met zijn piepjonge partij bij de Tweede Kamerverkiezingen in één keer zeven kamerzetels te halen. Voor Nederlandse begrippen was dat ongekend, want het politieke landschap was nog strikt langs oude verzuilde partijlijnen verdeeld. In 1994 stond Van Mierlo aan de basis van het eerste paarse kabinet.
Katholiek milieu
Henricus Antonius Franciscus Maria Oliva (HAFMO) van Mierlo werd in 1931 geboren in Breda. Hij groeide op in een katholiek milieu. Vader Van Mierlo was in Breda een gezien ondernemer. Hans van Mierlo genoot behalve een katholieke opvoeding ook een zeer katholieke opleiding. Via Rooms-Katholieke lagere scholen en het gereputeerde Canisius-college te Nijmegen bereikte hij uiteindelijk de Katholieke Universiteit Nijmegen, waar hij rechten studeerde.
Journalist
Hans van Mierlo was een kind van het ‘rijke Roomse leven’, maar hij wendde zich al vroeg af van het geloof en de katholieke zuil. Na zijn studie werd hij journalist bij het liberale Algemeen Handelsblad in Amsterdam. In de hoofdstad was hij vanaf het begin van de jaren zestig getuige van de woelingen en de protesten tegen de verzuilde overheid. Van Mierlo zag hoe de overheid de verschuivingen in de samenleving niet kon opvangen en hoe verstard het Nederlandse partijstelsel reageerde op de kritiek van de jongere generatie.
Democraten ’66
Met geestverwanten smeedde Van Mierlo plannen voor een nieuwe partij, een partij die niet aan een zuil gebonden was, maar de burger meer inspraak wilde geven. Die partij werd in 1966 opgericht en heette: Democraten ’66, afgekort D’66 (later verviel de apostrof en werd het D66). D66 zette de tanden in het verzuilde stelsel en wekte veel beroering door de on-Nederlandse pleidooien voor het referendum, de gekozen premier en andere staatsrechtelijke hervormingen die meestal worden aangeduid als ‘de kroonjuwelen van D66’.
Flamboyant
D66 nam deel aan de verkiezingen voor de Tweede Kamer van 1967 en wist in één keer het parlement binnen te komen met zeven zetels. Zoiets was in het verzuilde Nederland van toen sensationeel. Lijsttrekker Van Mierlo haalde er zelfs de voorpagina van de New York Times mee. Het succes van D66 was niet in de laatste plaats te danken aan de flamboyante, welbespraakte Hans van Mierlo, die in de campagne slim gebruik maakte van het nieuwe medium televisie. De ‘Nederlandse Kennedy’ wist zijn charisma optimaal te benutten, maar zijn succes had hij vooral te danken aan zijn inzicht in de bewegingen in de maatschappij. Niemand voelde zo goed de ‘tijdgeest’ aan als Hans van Mierlo.
Moeilijke jaren
D66 was in één klap een factor van betekenis geworden in de Nederlandse politiek. Maar na de sensationele pieken zouden bij D66 altijd diepe dalen volgen. D66 liet zich vaak uitspelen door de grote partijen CDA en PvdA en werd daarvoor bij herhaling bestraft door de kiezer. Van Mierlo raakte teleurgesteld in de politiek en zijn eigen onvermogen om grote veranderingen te bewerkstelligen. In 1977 nam hij afscheid, maar hij werd in 1981 teruggeroepen om naast D66-leider Jan Terlouw minister van Defensie te worden in het weinig succesvolle kabinet Van Agt-Den Uyl. Toen dat kabinet viel, verdween D66 bijna uit de kamer.
Paars
In 1985 nam Hans van Mierlo weer het roer over in de partij. Hij werd fractievoorzitter en groeide uit tot één van de prominentste parlementariërs. Zijn brede, beschouwende bijdragen aan het politieke debat stegen ver uit boven het dagelijkse gekissebis. In 1994 werden hij en D66 beloond met een gigantisch verkiezingssucces: 24 zetels. Daardoor kon Van Mierlo aansturen op de vorming van een ‘paars’ kabinet van D66-VVD-PvdA, onder Wim Kok. Het is één van Van Mierlo’s grootste successen. De confessionele partijen werden voor het eerst in ruim honderd jaar naar de oppositie gedwongen.
Pechtold
Tijdens Paars II stortte D66 alweer in, op bijna vertrouwde wijze. Van Mierlo bleef partijleider, maar hij was ook minister van Buitenlandse Zaken en hij verloor daardoor zijn grip op de ontwikkelingen in de partij. Na Paars II verliet Van Mierlo de politiek en werd hij benoemd tot Minister van Staat. Vanaf de zijlijn bleef Van Mierlo zijn partij altijd volgen en hij heeft de successen van de nieuwe partijleider, Alexander Pechtold, nog kunnen meebeleven.
Cultuur
Van Mierlo dankte zijn succes mede aan zijn laconieke uitstraling. Als journalist en intellectueel wist hij dat er meer in de wereld te koop was dan het Haagse Binnenhof had te bieden. Hans van Mierlo heeft zich ook altijd thuis gevoeld in de wereld van de cultuur. Daarvan getuigen ook zijn vriendschappen met auteurs als Harry Mulisch en zijn huwelijk met schrijfster Connie Palmen.
Van Mierlo in de KB
De KB heeft veel titels van en over Van Mierlo in haar bezit. In www.statengeneraaldigitaal.nl is de weerslag te vinden van zijn werk als parlementariër.
Literatuur
Titels van en over Hans van Mierlo.
Links
|
| Hans van Mierlo : een bon-vivant in de politiek / Ben Rogmans, 1991 |
|
| De burger en de politiek Hans van Mierlo, 1992 |
|
| Tussen ideaal en illusie : de geschiedenis van D66, 1966-2003 / Menno van der Land, 2003 |
|
| Democratie en politieke vernieuwing / H.A.F.M.O. van Mierlo, 2000 |
|
| De vitaliteit van de nationale staat in het Europa van de 21e eeuw / F.W. Scharpf, H.A.F.M.O. van Mierlo, 2003 |
|
| Het kind en ik / Hans van Mierlo, 2011 |