Tot de opkomst van het getijdenboek in de veertiende eeuw is het psalter, een boek met de tekst van de honderdvijftig psalmen, het belangrijkste gebedenboek voor leken. Evenals de latere getijdenboeken worden ook psalters in opdracht van vermogende opdrachtgevers dikwijls van een uitvoerige versiering voorzien. Een fraai voorbeeld van zo'n verlucht psalter is het hier afgebeelde, dat rond 1180 in Normandië is vervaardigd. Het bevat zesentwintig bladgrote miniaturen, twaalf in de kalender aan het begin van het boek, gevolgd door veertien (oorspronkelijk waarschijnlijk achttien) met voorstellingen uit het leven van Christus. In de eigenlijke psalmtekst wordt de hoofdindeling van de psalmen benadrukt door gehistorieerde initialen (beginletters met een figuurlijke voorstelling), waarin hier scènes uit het leven van David, de schepper der psalmen, zijn uitgebeeld. Het meest opmerkelijke in deze verluchting zijn de bladgrote miniaturen in de kalender, die hier in de plaats komen van de gebruikelijke, veel kleinere, gehistorieerde initialen. De in deze miniaturen uitgebeelde ‘werken van de maand’ bevatten een van oudsher in zwang zijnde combinatie van het harde werk van boeren op het land en het aangename tijdverdrijf van de adel. Onder deze laatste valt de voorstelling van de maand mei, waarin een ridder te paard uitrijdt ter valkejacht. De jager, in een hermelijnen kleed, wordt getoond op het moment dat hij de valk zijn kap afneemt, een zelden uitgebeeld motief. De stijl met zijn heldere kleuren en strakke contouren, evenals de fysionomie van het gelaat laten zien dat de voorstelling geschilderd is door een kunstenaar uit Normandië of Zuid-Engeland. Het handschrift werd gemaakt voor een onbekende, mogelijk adellijke, opdrachtgeefster, die zichzelf in geknielde houding liet afbeelden op een bladgrote miniatuur vóór het begin van de psalmtekst. De kalender bevat een aantal heiligen die speciale verering genoten in het klooster Fécamps in Noordwest-Frankrijk, hetgeen aannemelijk maakt dat deze dame in de buurt van die plaats woonachtig was.
Literatuur
- Schatten van de Koninklijke Bibliotheek. 's-Gravenhage 1980, nr. 18
- De verluchte handschriften en incunabelen van de Koninklijke Bibliotheek. 's-Gravenhage 1985, nr. 7
- Codex Manesse. Katalog zur Ausstellung. Heidelberg 1988, nr. H.14.