Aan het einde van de zestiende eeuw leefde de belangstelling voor de militaire geschriften van de Romeinen op. Vertalingen en studies van deze werken vonden hun weg naar de bevelhebbers van de legers der Noordelijke Nederlanden. Naar het voorbeeld van de oorlogvoering bij de Romeinen hervormden de Friese stadhouder Willem Lodewijk van Nassau, zijn broer Johan en hun neef prins Maurits de legers die onder hun bevel stonden. De ongeregelde huurtroepen waarmee zij de ongelijke strijd tegen de regimenten van Parma moesten aangaan, wisten zij door standaardisatie van instructies en bevelen om te vormen tot een gedisciplineerd, slagvaardig leger.

Overgeleverde lijsten van vaste bevelen in diverse talen, maken duidelijk hoe grondig men daarbij te werk ging. Bij de instructies hoe men een wapen diende te hanteren, werd bovendien gebruik gemaakt van afbeeldingen. Het ook internationaal meest bekende voorbeeld vormt de Wapenhandelinghe van roers, musquetten ende spiesen door Jacob de Gheijn uitgebeeld. Minder bekend maar niet minder fraai is het boek waaruit hiernaast een bladzijde is afgebeeld: Adam van Breens Nassausche wapen-handelinge, van schilt, spies, rappier, ende targe. De schriftelijke onderrichting bij deze plaat meldt dat dit de uitgangspositie is: 'Hy en sal het schilt anders niet als op den rugge hangen, ende de spies neffens den rechten voet setten, den arm niet uytgestreckt, maer gheboghen, omme bequamelijck int sluyten vande ghelederen, de spies neffens sijn zijde te voegen'.

De afbeeldingen zijn ontworpen door de schilder Adam van Breen die van 1611 tot ca. 1618 in Den Haag werkzaam was. Zijn tekeningen liet hij door diverse kunstenaars graveren. De koperplaten verkocht hij op 8 december 1617 aan de Haagse drukker en boekverkoper Aert Meuris, die ze in een boek wilde uitgeven. Het boek verscheen op naam van Van Breen zonder het impressum van Aert Meuris.

Van de hand van Adam van Breen is een schilderij overgeleverd (nu in het Rijksmuseum te Amsterdam) waarop de prinsen Maurits en Frederik Hendrik langs de Haagse Korte Vijverberg wandelen. Van Breen had dus connecties met de Oranjes. Zijn Wapen-handelinge heeft hij aan Maurits aangeboden. Het exemplaar dat nu deel uitmaakt van de collectie van de Koninklijke Bibliotheek, is opgenomen geweest in de bibliotheek van Maurits.

Literatuur

  • E.F. Kossmann. De boekhandel te 's-Gravenhage tot het eind van de 18de eeuw. 's-Gravenhage 1937
  • B. Haak. Hollandse schilders in de Gouden Eeuw. Amsterdam 1984 
  • J.B. Kist. The exercise of armes. A commentary. Lochem 1970 (bijlage bij facsimile-editie van Jacob de Gheyn. Wapenhandelinghe. 1607) 
  • The Seventeenth-Century Orange-Nassau Library. Utrecht 1993, nr. 2641.