In 1949 werden door de erven alle bewaard gebleven manuscripten van de componist Willem Pijper bij de Koninklijke Bibliotheek ondergebracht. Deze collectie is sindsdien aanzienlijk uitgebreid, vooral met diverse briefwisselingen. Een belangrijke aanwinst vormt daarnaast de piano- en zangpartituur van de Halewijn. Deze partituur weerspiegelt de bewogen opvoeringsgeschiedenis van de op het middeleeuwse 'Liedekijn van heer Halewijn' gebaseerde opera. Allereerst zal hij gebruikt zijn tijdens de uitvoeringen door de Wagnervereniging in 1933, want oorspronkelijk bevatte het manuscript alleen het door Emmy van Lokhorst op basis van een gedicht van Martinus Nijhoff geschreven libretto. Later is de ‘Middelnederlandse’ bewerking door Erna Buning-Jurgens er onder geschreven. Dit libretto werd gebruikt tijdens de uitvoering ter gelegenheid van de opening van het nieuwe gebouw van het Museum Boymans te Rotterdam op 6 juli 1935. De regie was in handen van Eduard Verkade en voor de choreografie tekende Corrie Hartong. Ook bij de geheel nieuw ingestudeerde uitvoering in november 1937 werd de voorkeur aan de Middelnederlandse tekst gegeven. Aangezien deze tekst vervolgens weer grotendeels is doorgestreept, mag men aannemen dat de partituur ook later nog is gebruikt, bijvoorbeeld bij de Halewijnvoorstellingen van de Nederlandsche Opera in 1952, toen men weer teruggreep naar het oorspronkelijke libretto. Wat het manuscript extra waardevol maakt, is dat er talrijke regieaanwijzingen in zijn aangebracht. Zowel de enscenering als de belichting van althans één van de reeks uitvoeringen zijn hierdoor goed te volgen.

Binnen het omvangrijke oeuvre van de componist vormt de Halewijn de enige opera. Een tweede had 'Merlijn' moeten worden, waarvoor Simon Vestdijk het libretto schreef. Deze opera zou geheel volgens astrologische principes gestructureerd worden: drie bedrijven van in totaal twaalf episoden, naar de tekens van de dierenriem, te beginnen bij de Ram en eindigend bij de Vissen. Dit ambitieuze project heeft Pijper echter niet meer tot een einde kunnen brengen. De eveneens in de Koninklijke Bibliotheek aanwezige partituur telt 1541 maten en breekt af in de tweede episode van het tweede bedrijf.

Literatuur

  • W.C.M. Kloppenburg. Thematisch-bibliografische catalogus van de werken van Willem Pijper (1894-1947). Assen 1960, nr. 86 en 102 
  • A. van Dijk en M. Vestdijk. Merlijn. Het ontstaan van een opera in brieven en documenten. Amsterdam 1992.