Kinderboeken

1600-1800

In 1778 verschijnt Proeve van kleine gedigten voor kinderen, een boek dat vaak wordt omschreven als het eerste kinderboek. Voor die tijd wordt natuurlijk ook door kinderen gelezen, in boeken om te leren lezen, schoolboeken, sprookjes, volksboeken en centsprenten. De gedichten van Hieronymus van Alphen zijn een groot succes, door de eenvoudige poëtische taal en de directe weergave van gebeurtenissen uit het kinderleven. Van Alphen had vele navolgers, zoals Pieter 't Hoen, die in hetzelfde jaar 1778 een Nieuwe proeve van klijne gedichten voor kinderen publiceerde. Kritiek bleef Van Alphen niet bespaard, maar zijn naam leeft nog steeds voort dankzij zijn werk voor kinderen.
Lees verder

1801-1900

De 19de eeuw kent een snelle ontwikkeling van de technische mogelijkheden voor druk en illustratie. De oplagen worden groter en de boeken worden steeds mooier geïllustreerd, in de tweede helft van de eeuw ook in kleurenlithografie. Klassieken worden bewerkt voor de jeugd, en bakerrijmen en prentenboeken vinden hun weg naar de kinderkamer. De brave Hendrik ziet in 1810 het licht (en beleeft in 1877 zijn 60ste druk). J.J.A. Goeverneur bewerkt Prikkebeen voor het Nederlandse kind, Jan Pieter Heije schrijft vele gedichten en liederen om ons vaderlandsliefde bij te brengen, en Theo van Hoytema maakt op het einde van de eeuw zijn prachtige steendrukken voor Het leelijke jonge eendje. In 1891 wordt een bijzonder kind geboren: Dik Trom.
Lees verder

1901-1940

De eeuw van het kind is aangebroken en de kinderkamer wordt een beschermd gebied. Toch wordt de jeugd de harde realiteit niet onthouden: Afke's tiental geeft een beeld van de schrijnende armoede op het platteland. Fantasieverhalen - uiteraard met een happy end - worden geschreven en gelezen. Uit het buitenland komen Peter Pan, Babar en Winnie de Poeh; Nederland zelf produceert boeken over kwajongens met een gouden hart: Kruimeltje en Pietje Bell. De meisjes moeten het doen met andere rolmodellen: Joop ter Heul, Roswitha en Lijsje Lorresnor. Boeken over sport, met name voetbal worden populair.
Lees verder

1941-1960

In de tweede wereldoorlog blijft het traditionele jeugdboek verschijnen, slechts een enkel boek kan als nationaalsocialistisch worden gekwalificeerd. In 1947 verschijnt de eerste druk van Het achterhuis van Anne Frank. In de jaren vijftig winnen De Gouden boekjes de harten van ouders en kinderen. Annie M.G. Schmidt en Han G. Hoekstra brengen humor en tegendraadsheid voor kinderen, en Dick Bruna debuteert met zijn prentenboeken met elementaire vormen. Miep Diekmann en An Rutgers van der Loeff schrijven realistische verhalen over moeilijke onderwerpen, maar ook traditionele meisjesboeken en spannende jongensboeken zoals Arendsoog blijven een groot deel van de markt beheersen. Ballonstrips beginnen aan hun opmars, al zijn de opvoeders er niet gelukkig mee.
Lees verder

1961-1980

Belangrijke schrijvers van fantasieverhalen zijn Paul Biegel en Tonke Dragt. Kinderliteratuur krijgt meer aandacht door de toekenning van prijzen. In de jaren zeventig ontstaat een maatschappelijk debat over de inhoud van het kinderboek. Ouderwetse rolpatronen met vaders achter de krant en moeders bij het aanrecht zijn het doelwit van actiegroepen. Ze geven brochures uit met een keuze van titels waarin eigentijdse leefvormen en onderwerpen aan bod komen. Willem Wilmink, Guus Kuijer en Els Pelgrom schrijven realistische gedichten en verhalen, en dubbeltalenten als Wim Hofman en Joke van Leeuwen brengen kunst voor kinderen. Prentenboeken vormen een belangrijk deel van het aanbod
Lees verder

1981-1995

Het literaire kinderboek wint terrein. Prijzen gaan naar boeken die door een jury van volwassenen worden gekozen. Daar komt kritiek op. Als tegenwicht worden kinderjury's gevormd, die hun eigen toppers uitkiezen: Carry Slee, Jacques Vriens en Paul van Loon zijn favoriet. De eerste prentenboeken over Kikker van Max Velthuijs verschijnen, en The Tjong Khing, het echtpaar Schubert, de zusjes Heymans en Friso Henstra maken mooie illustraties voor kinderen. Realistische onderwerpen als oorlog, seks en drugs worden voor de oudere jeugd niet geschuwd.
Lees verder

1996-2010

Alleen de toekomst kan leren welke schrijvers en welke publicaties uit de meest recente jaren de tand des tijds zullen overleven. Veel publieke aandacht of hoge oplagecijfers zeggen meer over mediahypes en geslaagde uitgeversstrategieën dan over duurzame kwaliteit. Griezelverhalen en 'zelf-hulp'-boeken in de categorie 'Hoe overleef ik...' doen het in deze jaren erg goed. Er is voor elk wat wils op de markt, van hoogliteraire poëzie tot seriewerk over meisjes en paarden en jongens en voetbal. Een vreemde ontwikkeling is de terugkeer van het typische meisjes- en jongensboek.
Lees verder