Amsterdam, 19 Oct. - Twintig passagiers en de bemanning van het stoomschip "Meppel 2" hebben een avontuur meegemaakt, dat zij wel nimmer zullen vergeten. Op weg van Meppel, dat zij 's morgens om 8 uur hadden verlaten, naar Amsterdam, raakte het vaartuig gisteravond nabij "Pampus", dus kort voordat het einddoel was bereikt, aan den grond. Na eenigen tijd herleefde de hoop aan boord. Het water steeg. Doch bij de pogingen om het schip weer vlot te brengen, geraakte een kabel in de schroef. Stuurloos dreef de "Meppel" in de richting van het kleine eiland Pampus, zonder dat de bemanning, onder leiding van kapitein De Bruyn, er ook maar iets aan kon doen.
Andermaal raakte het schip aan den grond. Bovendien bleek echter al zeer spoedig, dat een lek was ontstaan en dit dwong alle opvarenden om zoo spoedig mogelijk van boord te gaan. (...)
Op het onbewoonde Pampus ging het gezelschap een wonderlijken nacht te gemoet. Met behulp van zeilen werden tenten geslagen, waaronder allen gedurende de stormachtige en donkere uren een onderdak vonden. Weinigen konden den slaap vatten. Het waren onrustige uren, hier op het duistere eilandje, omringd door het woeste water.