Simon van der Meer studeerde technische natuurkunde in Delft. Na een periode in het Natlab kwam hij bij CERN te werken, waar hij zich in eerste instantie bezighield met het ontwerp van onderdelen van deeltjesversnellers. In 1994 kreeg hij de Nobelprijs voor Natuurkunde voor zijn bijdrage aan de ontdekking van het W- en Z-deeltje.