Samen met Gerard ‘t Hooft werkte Martinus Veltman begin jaren ’70 aan het onderzoek dat hen in 1999 de Nobelprijs zou opleveren. Zij maakten een beschrijving waarin de zwakke kracht en de elektromagnetische kracht werden verenigd, en voorspelden de massa en eigenschappen van een aantal deeltjes (bosonen) die later zijn bevestigd via CERN-experimenten.