Gerard Termorshuizen is een vaste bezoeker bij de KB. Voor zijn onderzoek bestudeert hij vooral de originele kranten. De Databank Digitale Dagbladen met de digitale bestanden biedt straks veel nieuwe mogelijkheden.

Hij werkt als gastonderzoeker op het Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde in Leiden en houdt zich bezig met de de Indisch-Nederlandse pers en Indisch-Nederlandse literatuur.

“Kranten interesseren mij al vanaf mijn studententijd. Toen ik in de eindfase van mijn proefschrift zat, kwam het plan bij mij op een geschiedenis te schrijven van de Indisch-Nederlandse pers. Ik ben daar vanaf omstreeks 1990 mee bezig, samen met mijn assistente Anneke Scholte die al het bibliografische werk doet. In 2001 verscheen het eerste deel "Journalisten en heethoofden", periode 1744-1905. Wij zijn nu hard bezig met het tweede en afsluitende deel dat in 2011 zal verschijnen. Dat deel beschrijft de periode 1905-1942, het eind van de koloniale periode.”

Nederlands-Indië heeft nooit een volwaardig parlement gekend. Daardoor functioneerden de kranten als uitlaatklep van wat er in de kolonie leefde. Dat maakt de Indische pers tot zo'n belangrijke bron: ze vormt een directe reflectie van het koloniale leven. De kranten verschenen in relatief kleine Nederlandse gemeenschappen en vertellen veel over het dagelijkse leven. Ook in sociaal opzicht zijn ze daarom van grote betekenis.

Welke kranten heeft u onderzocht?
Alle Indisch-Nederlandse kranten zijn door mij en Anneke bekeken, de kleine en grote. Miljoenen pagina's zijn door onze handen gegaan. In beide delen van het boek staan vele inhoudelijke en technische kanten van de Indische pers. Belangrijk is het "politieke" aspect: in het tweede deel beschrijf ik hoe vanaf het begin van de twintigste eeuw Nederland (regering, gouvernement, de Nederlandse koloniale samenleving) en het Indonesische nationalisme steeds meer met elkaar botsten. Je ziet hoe Nederlanders en Indonesiërs steeds verder van elkaar weg dreven. Het zijn juist de kranten die in hun directe reflectie laten zien hoe de onafhankelijkheid van Indonesië onontkoombaar was. De bezetting van Indië door Japan heeft dit proces versneld.

Alleen als in Nederland geen originelen aanwezig waren gebruikten we microfilms. De Koninklijke Bibliotheek bezit films van kranten van de Nationale Bibliotheek uit Jakarta die een jaar of vijftien geleden via het z.g. Tracerings Project (Trac.Pos) verfilmd zijn.

Wat zal de Databank Digitale Dagbladen u bieden?
Voor mijn onderzoek komt de Databank te laat. Maar na het gereedkomen van het boek hoop ik nog artikelen te schrijven. Deze zullen vooral biografisch van aard zijn. In de Databank wil ik daarvoor zoeken naar namen van bepaalde personen, en via die namen hoop ik achter biografische en andere informatie te komen. Ik denk dan aan mensen die in het koloniale leven een belangrijke rol hebben gespeeld, onder wie de belangrijkste journalisten. Maar daar blijft het natuurlijk niet bij. Om een voorbeeld te noemen: ik ben zeer geïnteresseerd in de Indo-Europese bevolkingsgroep of in de koeliearbeid op de plantages. Mijn aandacht zal in eerste instantie uitgaan naar trefwoorden als Indo-Europeaan en koelie. Met mijn kennis over Indië als achtergrond, zal ik allerlei trefwoorden gaan uitproberen. Ik ben benieuwd wat de Databank mij dan brengt.