De Koninklijke Bibliotheek (KB) en het Meertens Instituut te Amsterdam bezitten gezamenlijk een omvangrijke collectie volks- en straatliederen, welke begin twintigste eeuw bijeen is gebracht door de heer D. Wouters. De collectie bevat zeer divers materiaal: van liedboeken tot krantenknipsels en van losse liedbladen tot oudere (zelfs zeventiende eeuwse) gedrukte liedjes. In 1933 en 1934 presenteerde Wouters samen met J. Moormann veel van zijn liedteksten in twee bundels met 'schoone historie-, liefde- en oubollige liederen'. Na het overlijden van Wouters in 1946 is het grootste deel van zijn collectie geschonken aan de Koninklijke Bibliotheek en een ander deel aan het Meertens Instituut. De collectie van de heer Moormann, die uit hetzelfde soort materiaal bestaat als die van Wouters, is via het museum Van speelklok tot pierement terecht gekomen bij het Meertens Instituut te Amsterdam. Behalve deze beide collecties, waarvan het materiaal vooral de periode 1850-1950 beslaat, ligt bij de KB nog zeer veel aanvullend liedmateriaal uit eerdere perioden (onder andere de collectie Scheurleer), dat tevens voor digitalisering in aanmerking komt.

In het kader van het landelijke programma Metamorfoze was in 1998 begonnen met restauratie van deze collectie ten bate van microverfilming. Een belangrijke stap voor de conservering van de liedjes, omdat het hier soms om kwetsbaar materiaal gaat. Om de collectie nu ook voor een breed publiek toegankelijk te maken, is de digitalisering gestart.

De ontsluiting op bronniveau, welke al jaren geleden bij het Meertens Instituut gestart is, wordt in het kader van dit project aangevuld met een ontsluiting op liedniveau. Zo wordt getracht dit afwisselende en aantrekkelijke materiaal zo toegankelijk mogelijk te maken. Uiteindelijk zal de digitale collectie zo'n 15- tot 20-duizend liederen bevatten. Daarnaast zal een selectie van de liederen tevens te beluisteren zijn via een audiodatabank.

De digitalisering van de straatliederen wordt uitgevoerd binnen de context van Het Geheugen van Nederland. Het project loopt tot oktober 2004.