Onderzoek naar en ontwikkeling van de elektronische beschikbaarstelling van de collectie Middeleeuwse verluchte handschriften uit de Koninklijke Bibliotheek.

Samenvatting

Digitalisering Middeleeuwse Verluchte Handschriften is een project van de Koninklijke Bibliotheek in samenwerking met de vakgroep Computer & Letteren, Universiteit Utrecht, met als doel om het beelmateriaal van deze collectie als bron in elektronische vorm via het (inter)netwerk en via cd-rom voor onderzoeksdoeleinden te ontsluiten. De technische implementatie zal worden uitbesteed aan de vakgroep Computer & Letteren, die beschikt over brede expertise op dit gebied. De collectie verluchte middeleeuwse handschriften van de Koninklijke Bibliotheek is de rijkste in Nederland. Digitalisering van het beeldmateriaal van deze collectie betekent dat er een rijke en vanuit cultuurhistorisch oogpunt zeer belangrijke collectie bronnen internationaal beschikbaar komt voor een breed publiek.

De collectie verluchte handschriften wordt zeer frequent geraadpleegd en is van belang voor een brede groep binnen- en buitenlandse onderzoekers uit diverse disciplines binnen de humaniora. Het betreft hier echter materiaal dat vanwege het kwetsbare en kostbare karakter alleen binnen de bibliotheek mag worden bestudeerd. Digitalisering van de collectie zal de toegankelijkheid aanzienlijk verbeteren. Maar het project beoogt veel meer te doen dan alleen het overzetten van informatie op een andere drager. Toegevoegde waarde zal zowel worden gevonden in de verbeterde toegankelijkheid als in de extra verrijking door het indexeren en het maken van een directe koppeling tussen beeld en beschrijving opdat gebruikers de bronnen optimaal kunnen gebruiken. De elektronisch beschikbaargestelde collectie van ál het beeldmateriaal zal tevens de doorzoekbaarheid aanzienlijk uitbreiden met mogelijkheden om beelden visueel te matchen, ontwikkelingen in beeld te brengen of voorstellingen met elkaar te vergelijken door nevenschikking van miniaturen op het beeldscherm. Zo is het bijvoorbeeld mogelijk om bepaalde decoratieve motieven en voorstellingswijzen te vergelijken of om de ontwikkeling van één bepaalde meester via zijn miniaturen te onderzoeken. Tevens kan bijvoorbeeld de productie van één centrum of regio in beeld worden gebracht. Veel voorwerk is reeds afgerond: bijna alle afbeeldingen zijn beschreven en ook een deel van de dia's die als intermediair voor digitalisering zullen worden gebruikt is reeds vervaardigd.

De KB en UU werken reeds enkele jaren samen aan projecten. Op 4 april 1996 ondertekenden de KB en de vakgroep Computer & Letteren van de Universiteit Utrecht een samenwerkingsovereenkomst. Met de uitvoering van dit project wordt concrete uitvoering gegeven aan de in het document genoemde terreinen van samenwerking, waaronder de ontsluiting en retrieval van (cultuur/historische) documenten. Samenwerking betekent een bundeling van specifieke kennis op verschillende relevante terreinen.

Het doel van het project is om een zowel inhoudelijk als technisch hoogwaardig gekwalificeerd product op te leveren dat binnen het veld van wetenschappelijke bibliotheken innovatief is:

  • Alleen al de schaal van het project is nauwelijks vergelijkbaar met elders ondernomen projecten. Het toegankelijk maken van een relatief kleine hoeveelheid verluchte handschriften is niet zo'n probleem. Maar het bij elkaar brengen van zoveel materiaal (6500 images met bijbehorende databases) brengt heel andere technische problemen met zich mee.
  • Innovatief voor het wetenschappelijk onderzoek is ook het elektronisch beschikbaarstellen van iconografisch ontsloten beeldmateriaal dat direct wordt gekoppeld aan beschrijvingen van dat beeldmateriaal. Het project bouwt voort op afzonderlijke projecten van beide instellingen, zoals bijvoorbeeld het Emblemata project, DISKUS, de elektronische versie van het boek Honderd hoogtepunten uit de Koninklijke Bibliotheek, AIW (Alfa Informatie Werkplek), en de KB netwerkdienst Alexicon.
  • Op dit moment wordt SGML nog niet op grote schaal gebruikt voor het coderen van documenten. In dit project heeft het gebruik van SGML tot doel om de Document Type Definition (dtd) van verluchte handschriften te toetsen en uit te breiden in relatie tot Text Encoded Initiative (TEI).
  • De KB wil met gebruikmaking van de technische expertise van C&L met dit project een voorbeeldfunctie vervullen voor andere bibliotheken waarbij zorgvuldig zal worden gekeken naar de beschikbaarstelling via lokale servers en cd-rom..

In voorgaande jaren zijn veel onderzoeksprojecten gericht geweest op vooral technische ontwikkelingen. In dit project wordt gebruik gemaakt van de in de afgelopen jaren ontwikkelde technologieën. De aandacht wordt hierbij meer verschoven van het oplossen van specifiek technische problemen naar het oplossen van problemen die de content betreffen: de koppeling, beschikbaarstelling en doorzoekbaarheid van relatief grote hoeveelheden beelden met bijbehorende beschrijvingen; de waarde en mogelijkheden van de collectie voor onderzoek. Het project levert op een vernieuwende wijze een belangrijke bijdrage aan de kennisdisseminatie van het cultureel erfgoed.

Het is de bedoeling dat het digitaliseren van de verluchte handschriften de eerste in een reeks van te digitaliseren KB collecties zal zijn. Dit project dient om de basis te leggen voor het digitaal ontsluiten van verschillende (KB) collecties. Ook zal het mogelijk zijn om na afloop van het project beschrijvingen en afbeeldingen van collecties verluchte handschriften die zich in andere bibliotheken bevinden toe te voegen aan het bestand.

Het project heeft een looptijd van achttien maanden (januari 1998 - juni 1999) en zal in drie fases verlopen: onderzoek en ontwerp, bouw van het systeem en het beschikbaarstellen.
De KB is de projectleider terwijl de technische ontwikkeling voornamelijk onder de verantwoordelijkheid ing van de UU plaats vindt. Na afloop van het project neemt de KB het technisch en inhoudelijk beheer van de image-database op zich.

De bronnen: de Collectie Middeleeuwse Verluchte Handschriften

De KB bezit de grootste collectie verluchte middeleeuwse handschriften in Nederland. De KB telt op dit moment 1.500 middeleeuwse codices. Een zwaartepunt in deze collectie wordt gevormd door de verluchte handschriften (550). Deze verluchting bestaat uit (1) miniaturen (geschilderde voorstellingen),(2) initialen (bijzonder gemarkeerde beginletters van een tekstgedeelte of een zin, met versiering van planten, dieren of geometrische lijnen: `gedecoreerde initialen' of met een figuurlijke voorstelling: `gehistorieerde initialen') en (3) randversieringen. Bij elkaar vertegenwoordigen deze vormen van verluchting een representatief overzicht van middeleeuwse schilderkunst vanaf de vroege middeleeuwen tot in de zestiende eeuw, toen het gedrukte boek de overhand kreeg.

De basis voor deze collectie wordt gevormd door de handschriften uit de Oranje-Nassau-collectie, met prachtige Franse en Zuid-Nederlandse voorbeelden. In de loop van de negentiende en twintigste eeuw is de collectie uitgebreid met honderden geïllumineerde handschriften uit vooral Frankrijk en de Nederlanden.
Onder deze handschriften bevinden zich getijdenboeken, psalters, liturgische handschriften, ridderverhalen, in het Frans vertaalde werken uit de Klassieke Oudheid als Livius en Vergilius, historische werken van Vincent van Beauvais en Froissart en didactische werken van Christine de Pisan en Jacob van Maerlant.

De in deze handschriften aanwezige specimina van Middeleeuwse schilderkunst zijn in de eerste plaats belangrijk voor de kunstgeschiedenis. Werk van grote meesters als Jean Fouquet, Jean le Tavernier, de Meester van Cathariana van Kleef is er in vertegenwoordigd. Ook voor de boekgeschiedenis vormen gegevens over de verluchting een belangrijke bron, ze kunnen leiden naar de opdrachtgever en eerste eigenaar van het manuscript, ze helpen bij het dateren en localiseren ervan en leveren soms gegevens over de vervaardiging van het handschrift. Een bijzonder onderdeel van de collectie vormen de Noordnederlandse verluchte handschriften. De KB bezit hiervan de grootste collectie in de wereld en ontwikkelt zich tot een internationaal erkend onderzoekscentrum voor Noordnederlandse boekverluchting. Een synthese van het wetenschappelijk onderzoek op dit terrein is te vinden in The golden age of Dutch manuscript painting en in Kriezels, aubergines en takkenbossen. Randversiering in Noordnederlandse handschriften uit de vijftiende eeuw.

Onderzoek naar de relatie tussen beeld en woord in de verluchte handschriften levert weer andere gegevens op die binnen de geschiedwetenschap en de letterkunde zeer belangrijk zijn. Dit geldt zowel voor de kroniek van Froisart als voor de Rijmbijbel, de Spiegel Historiael en Der Naturen Bloemen van Jacob van Maerlant.
Aangezien tamelijk veel miniaturen en gehistorieerde initialen eigentijdse aankleding bevatten variërend van de kleding der personages tot stadsgezichten en landschappen, van eenvoudige handwerkslieden tot regerende vorsten, vormen ze ook op zich zelf een belangrijke bron voor historisch onderzoek.

De collectie verluchte handschriften van de Koninklijke Bibliotheek behoort weliswaar kwantitatief niet tot grotere verzamelingen in de wereld als die van New York, Londen en Parijs. Maar kwalitatief kunnen enkele schatten uit Den Haag de vergelijking met genoemde bibliotheken glansrijk doorstaan. Het aantal gespecialiseerde bezoekers dat vanuit het buitenland zich aandient om een van de schatten te zien, ligt gemiddeld op 50 per jaar.

De deelverzameling Nederlandse verluchte handschriften uit de Koninklijke Bibliotheek is van internationaal belang. Nergens in de wereld is zo'n concentratie in de Nederlanden vervaardigde verluchte handschriften aanwezig. Voor de kennis omtrent het eigen Middeleeuwse verleden vormen deze manuscripten uniek bronnenmateriaal dat door wetenschappelijke onderzoekers die zich met een Middeleeuws onderwerp bezighouden, veelvuldig wordt geraadpleegd. De opbloei van de (kunsthistorische) bestudering van het Middeleeuwse handschrift veroorzaakt een groeiend gebruik van de handschriften. Hoewel in veel gevallen kan worden volstaan met het aan gebruikers in handen geven van fotoboeken over de collectie kwam in 1995 ca. 900 maal een middeleeuws handschrift uit de kast voor gespecialiseerde onderzoekers.

Gebruikers

Conform een van de taken als nationale bibliotheek richt de KB zich op de uitvoerders van wetenschappelijk onderzoek: academici, studenten, terwijl ook een meer populair wetenschappelijk geïnteresseerde groep profijt kan hebben van verbeterde toegang tot de collecties. Zoals boven reeds vermeld blijken de verluchte handschriften interessant voor kunsthistorici, historici, literatuur wetenschappers, medievisten en diverse andere onderzoekers.

Genoemde gebruikers eisen hoog gekwalificeerde producten, hoge resolutiebeelden, browse- en zoom- en vergelijkingsmogelijkheden. Wanneer de gedigitaliseerde collectie via AIW (Alfa Informatie Werkplek, het wetenschappelijk werkstation in de Koninklijke Bibliotheek) beschikbaar wordt gesteld kunnen bezoekers gebruik maken van de in AIW aangeboden faciliteiten om beelden uit de gedigitaliseerde collecties te integreren met andere informatie zoals bijvoorbeeld records van onderzoeksdatabases. Verder bestaat er de mogelijkheid tot het verder bewerken van tekst en beelden met een tekstverwerker of paintprogramma, of tot het overhalen van stukken beschrijvende tekst bij beelden en deze bewerken in een bibliografie of voetnoot.

Bij het ontwerp van de retrieval interface zal voor zover het technisch en praktisch mogelijk is rekening worden gehouden met de wensen van gebruikers.

Uitgangspunten

Standaardtechnologie
De uitgangspunten bij het project zijn dat de resultaten verder moeten reiken dan een eenmalig project en dat ze bruikbaar moeten zijn voor een relatief breed publiek. Er moet een strategie worden ontwikkeld die toekomstige ontwikkelingen en mogelijkheden niet beperkt of uitsluit. Zorgvuldige keuze van technologie en het gebruik van (reeds ontwikkelde en zich bewezen hebbende) gemeenschappelijke technieken en standaardbeschrijvingen maken het mogelijk om informatie uit verschillende databases via netwerken uit te wisselen. Voortbouwend op wat er in andere projecten aan kennis is opgebouwd is het de bedoeling om algemene benaderingen te gebruiken zodat op termijn ook andere bibliotheken en instellingen aan het project kunnen deelnemen om gezamenlijk een `virtuele bibliotheek' te bouwen.

Conservering
Naast het verschaffen van verbeterde toegankelijkheid tot het materiaal speelt conservering van het origineel een belangrijke rol. Digitalisering impliceert dat origineel, vaak kwetsbaar en kostbaar bibliotheekmateriaal minder vaak fysiek geraadpleegd hoeft te worden. Via een gedigitaliseerde collectie kan de onderzoeker vanaf zijn eigen werkplek al een eerste gespecialiseerde selectie maken. Hierdoor kan de onderzoeker effectiever zoeken en hoeven minder boeken uit het magazijn te worden gehaald. Voor gespecialiseerde onderzoekers blijft het mogelijk om het origineel te bestuderen.

De ervaringen bij de afdeling Bijzondere Collecties met de in 1986 vervaardigde analoge beeldplaat zijn in dit opzicht positief. Sinds een selectie uit de belangrijkste verluchte handschriften via deze beeldplaat met een eenvoudig tekstprogramma ernaast op afbeeldingen doorzoekbaar is geworden is de vraag naar Middeleeuwse handschriften toegenomen. Hoewel slechts een zeer klein deel van de verluchte handschriften is opgenomen op deze beeldplaat, de zoekmogelijkheden zeer beperkt zijn naar huidige maatstaven, en de beelden veel te grof zijn voor detail studie wordt de beeldplaat toch 500 keer per jaar geraadpleegd. Reden daarvoor is dat de beeldplaat ondanks genoemde beperkingen de onderzoeker de mogelijkheid geeft om door de afbeeldingen 'te bladeren'. Door te bladeren krijgt de onderzoeker een breed overzicht van al het aanwezige materiaal. Aldus is bewezen dat door gebruik van dit medium een bijdrage wordt geleverd aan de conservering van de originele handschriften. Helaas is het medium beeldplaat, zoals het in die tijd leek, niet de nieuwe standaard voor beeldopslag en retrieval geworden. In tegendeel: de hard- en software worden al vele jaren niet meer ondersteund.

Ruimere toegankelijkheid en zoekmogelijkheden
Het digitaal aanbieden van collecties kan grote invloed hebben op de wijze en de resultaten van onderzoek in de humaniora door het onderzoekers mogelijk te maken om (op afstand) onderzoek te plegen in de virtuele bibliotheek. De mogelijkheid om diverse databases en virtueel gekoppelde collecties in een enkele actie (visueel) te doorzoeken zal de zoekmogelijkheden en dus de resultaten aanzienlijk uitbreiden.
Een image database krijgt pas nut wanneer er een behoorlijke hoeveelheid afbeeldingen in is opgenomen. Omdat nu álle verluchte handschriften worden gedigitaliseerd krijgen onderzoekers de beschikking over veel meer bronnen dan vroeger waardoor ze ook beter op de hoogte raken van bronnen die vroeger niet of nauwelijks bekend of slecht ontsloten waren. Dit kan nieuwe gezichtpunten opleveren over een bepaald onderwerp. Zo wordt het mogelijk om de algehele ontwikkeling van een bepaalde voorstellingswijze te traceren, of om het kleurgebruik binnen één regionaal gebied of de kunstzinnige wisselwerking tussen kunstenaars te bestuderen.

Expertise en werkzaamheden

Expertise
De KB en C&L beschikken over complementaire expertise waardoor zij in staat zijn een goede verdeling van de werkzaamheden te organiseren en in het proces van elkaar kunnen leren.
De KB heeft inhoudelijke expertise op het gebied van de collectie middeleeuwse verluchte handschriften. Er is een goede technische infrastructuur op de KB aanwezig die reeds geruime tijd een platform biedt voor het aanbieden van elektronische diensten aan onderzoekers. Daarnaast is er de laatste jaren veel ervaring opgedaan met het publiceren op het Internet. Bij de Vakgroep Computer & Letteren is unieke expertise aanwezig met betrekking tot beeldontsluitingssystemen, documentaire informatiekunde, databasesystemen, en het maken CDROM publicaties.

Projectbegeleiding:
Drs C de Wolf (Hoofd Collecties en Onderzoek, KB)
Prof Dr J van den Berg (Computer & Letteren, UU)

Projectcoördinatie: Dr P Alkhoven (Bibliotheekonderzoek, KB) coördinator

Medewerkers:
Dr A Korteweg (Conservator Middeleeuwse Handschriften, KB)
Dr A Leerintveld (Chef Bijzondere Collecties KB)
H J Jansen (Chef Bibliotheekonderzoek KB)
Dr L Breure (Universitair hoofddocent, Computer & Letteren, Computer & Letteren)
W Smit (Chef Conservering en Optische Technieken, KB)
Drs R. Tenback (Informaticus, Computer & Letteren)
L Sijtsma (Informatie Technologie en Automatisering KB)

Werkzaamheden

Het project bestaat uit 6 workpackages waarop hier nadere toelichting wordt gegeven.

Functionele en technische specificaties
Er moet een vooronderzoek plaatsvinden waarin de functionele eisen worden geformuleerd op basis van bestaande kennis en ervaring van beide instellingen.
Inmiddels hebben zowel C&L als de KB voldoende ervaring opgedaan met het ontwikkelen van interfaces. Daarnaast is er vooral bij C&L expertise op het gebied van (historische) databasesystemen en is er een nauwe verbinding met het onderwijs in de humaniora.

Naast de inmiddels opgedane eigen ervaringen wordt gekeken naar digitaliseringsprojecten in binnen- en buitenland. In dit kader kunnen onder meer genoemd worden: National Digital Library Program, Library of Congress; Digital Collections Inventory Report (Commission on Preservation and Access, February 1996); Introduction to Imaging: Issues in constructing an Image Database (Getty AHIP, 5 October 1995); Historical Collections for the National Digital Library (Library of Congress, D-Lib Magazine, April (I) en May (II) 1996); Computer Imaging for Research, Teaching, and Publication in Art History and Related Disciplines, Charles S. Rhyne in Visual Resources (Vol.XII,No.1, 1996); RLG Digital Image Access Project (Research Libraries Group).

Voor het opstellen van de technische specificaties wordt gekeken naar de nieuwste ontwikkelingen op het gebied van standaarden (HTML of SGML), netwerkomgevingen, cd-rom technologie, databasestructuren en retrieval interface design.
In de eerste plaats moet onderzocht worden in welke omgeving(en) de collectie beschikbaar zal worden gesteld: komt er alleen een netwerkversie of kan er tevens een cd-rom worden gemaakt? Gekeken moet worden hoe de databases waarin de beschrijvingen zijn opgeslagen geschikt zijn voor koppeling via netwerk. Op basis van dit vooronderzoek worden de specificaties bepaald voor de bouw van een prototype.

Bewerken inhoudelijke gegevens
De handschriften zelf zijn beschreven in een database, die zal worden gecorrigeerd en aangevuld. Van de verluchte handschriften wordt een beschrijving (inhoud, localisering, datering, bewaarplaats met signatuur, provenance, literatuur) opgenomen. In totaal betreft het ca. 550 handschriften.
Alle 6500 voorstellingen (iconografie) zijn reeds beschreven. De beschrijvingen zijn ingevoerd in een database (beschrijving van de voorstelling, tekst waar de voorstelling bijhoort, afmetingen en Iconclasscode). De beschrijvingsdatabase wordt aangepast en uitgebreid. Om direct tekst doorklikbaar te maken naar afbeeldingen zullen de beschrijvingen worden getagged in SGML. Via codes worden de beelden aan de beschrijvingen gekoppeld.

Verwerken beeldmateriaal
De 6500 voorstellingen worden via dia gedigitaliseerd. Er zijn reeds 4900 dia's beschikbaar, de 1600 resterende afbeeldingen moeten nog gemaakt worden. Wanneer de dia's allemaal beschikbaar zijn moeten ze op hoge resolutie gescand worden. Alleen door de beelden op hoge resolutie te scannen kan worden gegarandeerd dat de digitale beelden voor diverse professionele onderzoeksdoeleinden geschikt zijn. Voor het scanwerk zal een externe opdracht worden verstrekt. De kosten daarvoor komen op ca. Ÿ 2,75 per diascan. De scans worden op (Kodak photo) CD aangeleverd waarna ze moeten worden bewerkt (randen weg, toepassen kleur- en contrast correcties) en worden geconverteerd naar het juiste formaat. Bij deze handeling moet goed gekeken worden naar juiste bestandsnaamgeving (zie RLG rapport) wat het project aanzienlijk kan vergemakkelijken. Ook de wijze waarop het digitale materiaal voorlopig wordt opgeslagen is in deze fase van groot belang.

Bouwen van systeem
Afhankelijk van het nadere onderzoek naar de beschikbaarstelling wordt er 1. een netwerkversie gebouwd, en 2. een cd-rom (cd-roms) geproduceerd.
Nadat in het vooronderzoek aanbevelingen zijn gedaan voor de functionele en technische specificaties, wordt een ontwerp gemaakt voor een prototype met beperkte functionaliteit met behulp van een test-set van ca. 100 afbeeldingen en beschrijvingen. Aan de hand van het bouwen van dit prototype zullen bijstellingen in het ontwerp plaatsvinden.
Vervolgens wordt het systeem gebouwd en aangepast: het inbouwen van zoekmogelijkheden, bewerkfuncties en applicaties: zoom, slideshow, beeldbewerking. In de laatste fase zal aandacht geschonken worden aan de koppeling met AIW, uitvoerfaciliteiten: printen en laden op diskette, online help faciliteiten.

Validatie met de hulp van gebruikers
Via de Universiteit Utrecht en de Vakgroep Computer & Letteren is de lijn naar het onderwijs en onderzoek bijzonder kort. Het testen van voorlopige versies wordt direct geïntegreerd in het onderwijsprogramma. Ook zal aan gebruikers van de KB, en in het bijzonder onderzoekers op de afdeling Bijzondere Collecties, medewerking worden gevraagd. Via vragenlijsten en checklisten worden studenten, onderzoekers en medewerkers van KB/C&L om hun mening gevraagd met betrekking tot de interfacedesign, functionaliteit en onderzoeksfaciliteiten. In WP 1 zal onderzoek plaatsvinden naar de huidige eisen van onderzoekers bij multimediale databases. Hierbij zal gebruik worden gemaakt van de ervaringen met betrekking tot interfacedesign opgedaan bij beide instellingen: AIW, Honderd , DISKUS, enz.

Gebruikerstests zullen plaatsvinden na de bouw van het prototype en een grote gebruikersevaluatie na de oplevering van de eerste versie (maart 1998). Na elke test zal gekeken worden of de voorgestelde veranderingen technisch en praktisch kunnen worden verwerkt.

Projectmanagement
De KB is de projectleider terwijl de technische ontwikkeling voornamelijk onder de verantwoording van Computer en Letteren valt.
Er wordt een projectteam gevormd dat eens in de maand bij elkaar komt en bestaat uit een projectcoördinator (KB) en workpackagemanagers uit beide instellingen.
Tot de taken horen de coördinatie en inpassing van de werkzaamheden, het bewaken van de voortgang, onderhouden van de contacten en het schrijven van voortgangsrapporten.
Het project zal worden begeleid door een Projectbegeleidingsgroep van representanten uit beide instellingen.

Workpackages

WP 1: Functionele en technische specificaties

a. Functionele specificaties

- opstellen lijst functionele specificaties
2 maanden
Resultaat: rapport met functionele specificaties en wensen

b. Technische specificaties

- Technologie en standaarden
- Ontwerp en/of keuze van het systeem
- HTML (WWW) of SGML/ cd-rom / WWW
- Inmagic databases in WebOPC
- bepalen specificaties

UU: ontwikkeling
KB: standaarden, beheer
3 maanden (specificaties)

WP 2: Bewerken inhoudelijke gegevens

- aanpassen en uitbreiden van 6500 beschrijvingen van de voorstellingen
- databases met beschrijvingen in SGML
- beelden aan beschrijvingen koppelen

1 maand (controle beschrijvingen)
2 maanden (kunsthistorische classificatie)
3 maanden (relateren, concorderen en verifiëren beeld/beschrijving)
3 maanden (conversie SGML)

Resultaat: beschreven, en van Iconclasscodes en SGML-tags voorziene, beelden
beelden aan beschrijvingen gekoppeld

WP 3: Verwerken beeldmateriaal

- maken dia's 1600 resterende afbeeldingen
- scannen: afbeeldingen hoge resolutie: extern
- bewerking van de 6500 beelden, conversie

KB
2 maanden; 4 maanden

Resultaat: beelden op dia en gescand
beelden geconverteerd naar juiste format en bewerkt

WP 4: Bouwen van systeem

Computer & Letteren (ontwikkeling), KB (netwerkopslag en beheer)
- bouw prototype
- bouw netwerkversie en CDROM

Resultaat: prototype op basis van functionele en technische specificaties
werkend systeem
2 maanden (prototype)
2 maanden (systeem)
7 maanden (systeem)

WP 5: Evaluaties, demonstraties en tests

Resultaat: aanbevelingen voor verbeteringen
1 maand

WP manager: KB

WP 6: Projectmanagement

Projectleiding: Mw Dr P Alkhoven
Workpackagemanagers: Dr A Leerintveld, WThJ Smit, Prof Dr J van den Berg (UU)
Begeleidingscommissie: Drs. CBJ de Wolf, HJ Jansen, Prof Dr J van den Berg (UU)
Resultaat: bewaking van planning en coördinatie project
ca. 3 maanden

Producten en beschikbaarstelling

De databases van collecties moeten in de eerste plaats online beschikbaar zijn via AIW. AIW is zowel in de KB als remote via lenerspassen en wachtwoorden raadpleegbaar. De interface zal waar mogelijk gestandaardiseerd worden volgens de richtlijnen van AIW/Alexicon. Gebruik kan worden gemaakt van alle in AIW aangeboden faciliteiten. Aandacht zal moeten worden besteed aan copyright en eventuele toepassing van elektronische watermerken.

Daarnaast is het wenselijk om cd-roms te produceren met complete functionaliteit die zowel in de KB raadpleegbaar zijn als gedistribueerd kunnen worden in binnen- en buitenland. Er zijn een aantal argumenten om de productie van cd-rom naast een netwerkversie te overwegen: Het gebruik van beperkte bandbreedte en de drukte op het Net maakt dat cd-rom veel sneller dan via het Internet beelden kan binnenhalen en verwerken. Tevens is (op dit moment nog) grotere functionaliteit mogelijk via cd-rom dan via het internet. De cd-rom kan onafhankelijk van het (inter)netwerk draaien. Dat betekent dat ook particulieren en instanties die geen netwerkverbinding hebben er gebruik van kunnen maken. Daarnaast kan cd-rom als backup worden gebruikt door Internetgebruikers die zich vaak geconfronteerd zien met het feit dat netwerken wel eens down gaan of om andere reden niet bereikbaar zijn. Van het netwerk kan overigens ook een eenvoudige link worden gelegd naar cd-rom. Cd-rom is makkelijk te distribueren.

Het is de bedoeling dat via de KB netwerkserver Alexicon (een deel van) de database met links naar de afbeeldingen beschikbaar wordt gesteld aan het internationale publiek. Voor het bekijken van de databases via Alexicon is geen wachtwoord nodig. Het betreft hier een weliswaar werkend systeem met in principe dezelfde interface maar met minder functionaliteit. De presentatie op Alexicon dient ter verspreiding van informatie en ter vergroting van de bekendheid en moet onderzoekers werven voor de digitale producten van de KB. Nu al kunnen we concluderen uit de internationale reacties in het gastenboek van Honderd dat er een brede markt is voor verluchte handschriften. De elektronische beschikbaarheid trekt nieuwe onderzoekers aan.

Via een mailing van een persbericht en artikelen in relevante media zal de aandacht op het bestaan van de digitale producten worden gevestigd. Op Alexicon zullen via de "new" button de gedigitaliseerde collecties worden aangekondigd. Aan de marketing en promotie via presentaties op congressen en seminars zal door betrokken instellingen ruime aandacht worden besteed. De resultaten van het project zullen bij de viering van het 200-jarig jubileum van de KB in 1998 worden openbaar gemaakt.

Informatie en literatuur over de collectie verluchte handschriften:

De tentoonstellingscatalogus Schatten van de Koninklijke Bibliotheek. Acht eeuwen verluchte handschriften. C.A. Chavannes-Mazel en A.S. Korteweg. 's-Gravenhage Rijksmuseum Meermanno-Westreenianum/Koninklijke Bibliotheek 1980 [Catalogus bij de tentoonstelling in het Rijksmuseum Meermanno-Westreenianum 17 december 1980-15 maart 1981], geeft een fraaie opsomming van de negentig fraaiste handschriften uit de collectie. Een selectie is ook via een analoge beeldplaat (Dutch Royal Library Disc) met een iconografische index doorzoekbaar. Zie ook Honderd hoogtepunten uit de Koninklijke Bibliotheek/A hundred highlights from the Koninklijke Bibliotheek. Zwolle 1994. (http://www.kb.nl/kb/hrd/digi/digloc.html#a).

De verluchte handschriften en incunabelen van de Koninklijke Bibliotheek. Een overzicht voorzien van een iconografische index. Samengesteld door J.P.J Brandhorst en K.H. Broekhuijsen-Kruijer. 's-Gravenhage 1985.

The Golden Age of Dutch Manuscript Painting. Introduction by James H. Marrow. Catalogue by Henri L.M. Defoer, Anne S. Korteweg en Wilhelmina C.M. Wüstefeld. Stuttgart [1989]. [Catalogus bij de tentoonstelling in het Catharijneconvent, Utrecht en the Pierpont Morgan Library, New York]

A.S. Korteweg (red.). Kriezels, aubergines en takkenbossen. Randversiering in Noordnederlandse handschriften uit de vijftiende eeuw. Zutphen, 1992.

Anne Korteweg. `The History of the Two Volumes at The Hague', in: James Marrow, The Hours of Simon de Varie. Malibu, The J. Paul Getty Museum in association with The Royal Library, The Hague 1994. p. 241-246. (Getty Museum Monographs on Illuminated Manuscripts: 3).

Anne Korteweg. `Tellen en meten. Een kwantitatieve studie naar de zeshonderd Noordnederlandse verluchte getijdenboeken in de database van het A.W. Byvanck Genootschap', in: Boeken in de late Middeleeuwen. verslag van de Groningse Codicologendagen 1992. Jos M.M. Hermans en Klaas van der Hoek (red.). Groningen 1994.