Een brief uit 1635

De beroemde geleerde Hugo de Groot (1583-1645), ambassadeur voor Zweden in Parijs, condoleert met deze brief François-Auguste de Thou (1607-1642) met het overlijden van zijn jongste broer Achille-Auguste, die op 6 april 1635 stierf. François-Auguste de Thou bekleedde een hoge ambtelijke functie aan het Franse hof. De vermaarde geleerde en bibliofiel Jacques-Auguste de Thou (1553-1617) was zijn vader.

De Groot troost De Thou door hem erop te wijzen dat wij allen geboren zijn met de verplichting ons kalm te schikken naar de wil van Hem die met een volmaakte wijsheid het universum bestuurt. Hiermee is deze brief een mooi voorbeeld van Grotius’ Christelijk stoïcisme. Toepasselijke citaten uit Tacitus en het gezegde ‘wie de Goden liefhebben, sterven jong’ dat hij in het Grieks weergeeft, tonen Grotius als een op en top renaissancistisch literator die zijn Klassieken kent.

De brief is uitgegeven in De Briefwisseling van Hugo Grotius (deel VI, editie B. Meulenbroek, Den Haag 1967, nr. 2208) naar een handgeschreven kopie in het kopieënboek met uitgaande brieven van 1636 dat wordt bewaard in het Nationaal Archief in Den Haag. Deze uitgave is ook digitaal te raadplegen via de website van het Huygens Instituut.
(Ad Leerintveld)

Beschrijving:
Hugo de Groot (1583-1645), Brief aan François-Auguste de Thou (1607-1642). Parijs, 1 augustus [1635]. Latijn. Een dubbelblad, fol. 1r en fol. 1v zijn beschreven, fol. 2r is blanco en fol 2v draagt het adres. In 2008 aangekocht bij antiquariaat De Slegte te Amsterdam. (Aanvraagnummer: 79 E 166).

Getoond met een afbeelding van ‘Hugo de Groot in metzelaarsgewaad’, 1827, naar een tekening van Abraham Delfos (aanvraagnummer: 79 E 175). 

Te zien in de vitrine bij de ingang van Bijzondere collecties van 7 juni tot en met 1 augustus 2010