Collectiegeschiedenis: Een eerste aanzet tot de collectievorming dateert van eind jaren zestig.
Omvang: De collectie van het Depot beslaat ca. 150 meter. De wetenschappelijke collectie bevat ca. 700 banden.
Toegankelijkheid: De boeken zijn vindbaar via de online publiekscatalogus en (deels) de KB kaartcatalogi. Ze mogen worden geraadpleegd na schriftelijke toestemming, maar worden niet uitgeleend.
Meer informatie: Maggy Wishaupt 070-3140298
Collectiebeschrijving
In de jaren zestig kende de strip in de Westerse wereld een ongekende populariteit, en dat niet alleen bij kinderen, maar vooral bij intellectuelen. De argeloze bezoeker, die in die tijd de alternatieve eethuisjes in de universiteitssteden betrad, kon daar vaak het studerend publiek, met de eetstokjes in hun hand boven een bord pompoenenpuree, totaal verdiept aantreffen in Fritz the Cat, Flash Gordon of Suske en Wiske, als betrof het een exposë over de categorische imperatief van Kant. Toch was het lezen van strips wel degelijk een bloedserieuze aangelegenheid: het ging niet alleen om de pret, puberaal geweld of sex. Er was een behoefte het medium diep te doorgronden. Er verschenen dan ook boeken met titels als Bande dessinée et figuration narrative, histoire, esthétique, production et sociologie de la bande dessinëe mondiale, procédés narratifs et structure de l'image dans la peinture contemporaine, en Comics, Anatomie eines Massenmediums. Het Instituut voor Neerlandistiek publiceerde een degelijke Inhoudsanalyse van de Bommelstrips, en in de gedistingeerde Akademie der Kunste in Berlijn werd het stripsymposium Vom Geist der Superhelden gehouden.
Voor de KB was het eigenlijk vanzelfsprekend dat, in de woorden van de toenmalige vakreferent kunstgeschiedenis Jan Storm van Leeuwen die in 1969 een notitie over de wenselijkheid van een strip-collectie schreef, 'dit beeld van een cultuurhistorisch fenomeen moest worden vastgelegd, en wel in de KB'. De KB zag hier dus een mooie nationale taak voor zich weggelegd, waarbij de aanwezigheid van de collectie kinderboeken, waarmee strips verwant zijn, en de enorme verzameling kranten, waarin veel strips worden gepubliceerd, een rol speelden.
Aanvankelijk werden de Nederlandse strips op zeer ruime schaal aangeschaft, verder een representatieve keuze uit de buitenlandse strips in de oorspronkelijke taal, en literatuur over strips. Door de komst van het Depot van Nederlandse Publicaties in 1974 veranderde de aanschaf van de Nederlandstalige strips, die nu immers automatisch geleverd zouden gaan worden. Daardoor is er een tweedeling in de collectie strips van de KB ontstaan: de depot collectie en de collectie van de wetenschappelijke afdeling. In 1988 werden ook de Nederlandse strips aanwezig in de wetenschappelijke collectie overgeheveld naar het Depot. Beide collecties zijn bij elkaar geplaatst in hetzelfde magazijn.
De depotcollectie is verreweg de grootste en de belangrijkste: ze bevat alle strips die er in Nederland verschijnen, voorzover die tenminste naar de KB worden gestuurd. Dat betreft zo'n 150 meter, de ene helft bestaande uit series en tijdschriften, de andere uit albums. En daar zit zo van alles tussen: Kuifje, Suske en Wiske, Sjors en Sjimmie, Eric de Noorman, Marten Toonder, de classic-series, maar ook pulp-series zoals de Strips voor Volwassenen (o.a. Bonte Verhalen, Taboe, Terror en Vampirissimo.) Door schenkingen is er ook ouder materiaal binnengekomen: zo zijn er een aantal afleveringen van Bruintje Beer uit de oorlogsjaren, de eerste jaargang van het tijdschrift Tom Poes (1947), en afleveringen van Donald Duck, Sjors van de Rebellenclub, Kapitein Rob, Jimmy Brown en Flipje Tiel uit de jaren vijftig en zestig.
De wetenschappelijke collectie bevat ca. 700 nummers. Het verzamelbeleid van strips voor de wetenschappelijke collectie staat op een laag pitje: er wordt van uitgegaan dat de goede buitenlandse strips in vertaling het Depot binnenkomen. Bovendien is het terrein zo enorm uitgebreid, dat er met een beperkt budget nauwelijks verantwoorde keuzes gemaakt kunnen worden. Wel probeert de KB een zo goed mogelijk overzicht van de geschiedenis over de strip, handboeken en encyclopedieën aan te schaffen.
De toekomstige onderzoeker naar de cultuur van onze tijd zal in deze collectie zijn hart kunnen ophalen. Misschien kan hij hier wel, in 'Vreten maar!!', no. 112 uit de serie 'Terror' het antwoord vinden op de problematiek van de boulimie, in 'Bloederige Kerstmis', leren over het vieren van Kerstmis in bepaalde kringen, of in 'Snakken naar Moord' en 'De Gek aan het Stuur' iets vinden over het rijgedrag uit de jaren tachtig. En toekomstige feministen zullen ongetwijfeld geïnteresseerd raken in de strapatsen van Lucifera uit de gelijknamige serie.
Literatuur
J. Storm van Leeuwen, 'Het Beeldverhaal. Wat is het, wat is het waard en wat moeten wij ermee?', in: Open, 4, 1972, pp. 603-619.
J. Storm van Leeuwen, 'Het Nederlandse beeldverhaal', in: Ons Erfdeel, 15, 1972, no. 2, pp. 52-74.
Inks: Cartoons and Comic Art Studies, T 11018
Stripschrift, BEELDV T 9.
The Comics Journal, T 8679.
Stripkatalogus (officiële cumulatieve stripografie der Nederlandstalige en Friestalige stripboeken en striptijdschriften) Hans Matla. LZ POP.C 45. MAT.