Een achttiende-eeuws uithangbord
4 september 2018 Erik Geleijns Boekgeschiedenis

Deze blog is bedoeld om de KB-collecties in het zonnetje te zetten. Doen we vandaag ook, maar de aanleiding komt van buiten, in de vorm van een plaatje uit het Haags Gemeentearchief. Het is een achttiende-eeuwse gravure van het Buitenhof en de Gevangenpoort.

Gravure van Iven Besoet, 1758. Haags Gemeentearchief, Gr. B 63

Gravure van Iven Besoet, 1758. Haags Gemeentearchief, Gr. B 63

De familie Gosse

Pierre Gosse junior (1718-1794) was de tweede zoon van, jawel, Pierre Gosse senior (1676?-1755). Hij leerde het vak in de boekhandel van zijn vader aan de Plaats. Ergens tussen 1737 en 1746 werd hij lid van het gilde - de administratie van het Haagse boekverkopersgilde is halverwege de achttiende eeuw een paar decennia kwijt geweest en we weten niet wanneer nieuwe leden in het genoemde decennium werden ingeschreven. Aan het begin van de jaren 1740 werd hij meer en meer de plaatsvervanger van zijn vader, ook toen die betrokken raakte in wat de 'veilingencrisis' is gaan heten.

Die crisis bestond erin dat een groepje van vijf Haagse boekverkopers (Pierre Gosse, Adriaen Moetjens, Johannes Swart, Gerard Block en Isaac Beauregard) onderling boeken gingen veilen en elkaar betaalden met ongedekte obligaties. Grote betalingen doen met obligaties (schuldbekentenissen) was op zich niets raars; dat deden boekverkopers onderling in de hele Republiek. Je ging naar de notaris, verklaarde dat je het bedrag (niet zelden duizenden guldens) in doorgaans acht halfjaarlijkse termijnen zou betalen en gaf je fonds en andere spullen als borg. Nieuw was dat die obligaties op grote schaal verhandeld werden, en dat er geld van buiten aangezogen werd om steeds meer boeken te kunnen kopen en veilen. Hoe het precies zit zoek ik nog uit. Hoe het ook zij: in 1744 ging een van de vijf, Gerard Block, failliet. Toen zijn schuldeisers geld wilden zien, probeerden ze de obligaties te gelde te maken bij zijn compagnons. Dat geld was er niet. Wat volgde waren rechtszaken, gedwongen veilingen, boedelverkopen en huisuitzettingen. Pierre Gosse senior vluchtte de Republiek uit, wellicht naar Genève, waar zijn twee andere zoons een boekhandel hadden. Hij overleed daar in november 1755.

Er bleef nog iets buiten de verkoop: het uithangbord van de winkel aan de Plaats. Het wordt expliciet genoemd in de transportakte van het huis: 'onder den koop is niet mede begrepen de winkel en boekekassen in de winkel en verdere kamers of vertrekken, mitsgaders het bord boven de deur en de sonne schermen voor 't huis op de Plaats.' Aldus de akte in het Register van verkopingen van huizen en landen 1612-1808 in het Haags Gemeentearchief (voor de liefhebbers: BNR 351 inv. nr. 406, 17 juni 1750). Niet dat iemand anders iets aan dat bord gehad zou hebben, natuurlijk.

Senior vs. junior

Terug naar die gravure. Op het uithangbord op de gevel staat, zoals gezegd, 'P. Gosse libraire'. Dat kan natuurlijk zowel op de vader als op de zoon slaan, totdat je kijkt naar hoe beiden zich noemen op de titelpagina's van de boeken die ze uitgaven. Senior noemt zich altijd 'Pierre Gosse' zonder meer, junior is altijd 'Pierre Gosse junior', ook als zijn vader hoog en droog in het buitenland zit, en zelfs na seniors dood. Men zie de hieronder met dank aan de niet genoeg te prijzen STCN gereproduceerde titelpagina's. Op het uithangbord van Pierre Gosse junior zou je, om kort te gaan, 'Pierre Gosse junior libraire' verwachten.

Het is natuurlijk unwarranted speculation, maar als Iven Besoet de gevel van Gosse juniors huis natuurgetrouw heeft weergegeven, kijken we misschien wel naar het in 1750 niet geveilde uithangbord van Gosse senior. Helaas zijn er maar weinig afbeeldingen van dit huis, en dit is voor zover ik weet de enige met het naambord. Gosse junior verhuisde alweer in 1769, naar een huis aan de Lange Houtstraat, bij het Plein.

Ansichtkaart, ca. 1900. Haags Gemeentearchief,  5.08318.

Ansichtkaart, ca. 1900. Haags Gemeentearchief, 5.08318.

Hoe dan ook: het bord is in de nevelen van de geschiedenis verdwenen. Het huis zoals gezegd ook. Bovenstaande ansicht uit de verzameling van het Gemeentearchief toont de toestand aan het begin van de twintigste eeuw; de schoorsteen in het midden van de zijgevel was al in de achttiende eeuw gebouwd. Bij de sloop van het huis werd volgens een artikel in het Jaarboek Die Haghe van 1924 een aantal stukken uit het interieur gered. Alleen de balustrade van de trap kon ik zo gauw terugvinden, in het Gemeentemuseum. Mooi, natuurlijk, maar ik had liever dat bord gehad.

Druk in Den Haag

Nog tot en met 23 september is in Huis van het boek | Museum Meermanno de tentoonstelling Druk in Den Haag. 500 jaar boeken in 30 verhalen te zien, over de woelige geschiedenis van het boek in Den Haag. Voor meer informatie zie de website van Meermanno.

Lees meer blogs over dit thema: