Een remedie tegen de pest? Een onbekend soort drukwerk
9 november 2015 Marieke van Delft Boekgeschiedenis

In de vroegmoderne tijd werd de wereld herhaaldelijk opgeschrikt door pestepidemieën die talloze slachtoffers maakten. In de veertiende eeuw kwam bijvoorbeeld een derde van de Europese bevolking om door de pest. De oorzaak van de ziekte was onbekend en mensen probeerden zich er op allerlei manieren tegen te beschermen. Een van die manieren was met zogenaamde pestbladen of pestprenten.

Dit zijn devotieprenten, planodrukken met vaste elementen, bedoeld om voor te mediteren of bidden en daarmee het kwaad af te wenden. Uit Duitsland zijn veel van deze prenten bekend. In 1901 werd daar zelfs een boek over gepubliceerd: Pestblätter des XV. Jahrhunderts (Straatsburg 1901). De Duitse kunsthistoricus en houtsnedenkenner W.L. Schreiber schreef er een uitgebreide inleiding bij. Uit de Nederlanden kennen we dit soort pestbladen helemaal niet. Hoewel…

Borms

In september werd ik benaderd door verzamelaar Aernout Borms. Hij had een bijzonder object van zijn grootvader Jan Borms dat hij graag aan de KB wilde verkopen. En inderdaad: bijzonder was het. Toen hij langskwam had hij een klein goudkleurig lijstje bij zich, met daarin een houtsnede (13 x 10 cm). Om het goed te kunnen bekijken vroeg ik of onze restaurator Constant Lem het uit de lijst wilde halen. En zo geschiedde. Bovenaan is het Christuskind te zien als Salvator mundi – redder van de wereld. Eronder twee cirkels met daarin een kruis en een letter tau. Het geheel is gevat in een dubbele rand. Binnen de rand staan verwijzingen, om de rand heen een tekst in het Nederlands. Achterop zat een strookje waarin wat opgevouwen papieren geschoven waren. Toen ik dat pakketje openvouwde lag een stukje boekgeschiedenis uit het begin van de twintigste eeuw op mijn bureau: een brief van de incunabulist pater Bonaventura Kruitwagen uit 1936 over het prentje in de lijst aan verzamelaar J. Borms, de grootvader van de aanbieder.

Begin van de brief van Kruitwagen aan J. Borms

Begin van de brief van Kruitwagen aan J. Borms

Kruitwagen

Deel van de uitleg die Kruitwagen geeft over de teksten

Deel van de uitleg die Kruitwagen geeft over de teksten

Onderaan de brief verzoekt Kruitwagen om de foto ook naar Mej. M.E. Kronenberg te sturen. Zij maakte samen met W.N. Nijhoff de Nederlandsche bibliographie van 1500 tot 1540, een meerdelig werk dat tussen 1923 en 1971 gepubliceerd werd. Een ander knipseltje in het pakketje bewijst dat: een beschrijving van het pestblad voor deze bibliografie. Kennelijk uit een drukproef want in de officiële uitgave staat het pestblad onder een ander nummer beschreven dat met potlood gecorrigeerd is. Kronenberg veronderstelde dat het pestblad gedrukt is in Antwerpen aan het begin van de zestiende eeuw – maar met vraagtekens. Daarom legde ik het object voor aan incunabel- en lettertypenonderzoeker Lotte Hellinga. Zij antwoordde dat ze zo’n pestblad beslist nog nooit gezien had. Ze schreef verder dat deze lettertypen in de vijftiende en zestiende eeuw niet alleen in Antwerpen, maar ook in Holland en de Oostelijke Nederlanden werden gebruikt. Zij aarzelt dan ook over Antwerpen en denkt dat het ook in Oost-Nederland gedrukt zou kunnen zijn, bijvoorbeeld in Zwolle.

Beschrijving van het pestblad door Kronenberg, met correcties

Beschrijving van het pestblad door Kronenberg, met correcties

Opnieuw verenigd

Het geval wordt nog interessanter: Kruitwagen beëindigt zijn brief met de aansporing aan J. Borms om een artikel over het prentje te schrijven. Borms publiceerde er een jaar later inderdaad over in de Nieuwe Rotterdamsche Courant van 17 januari 1936. Daarin zegt hij "De codex waarin het op de binnenzijde van de kaft is geplakt, heeft van 1521 tot 1542 aan een monnik der abdij van Neuss, tegenover Dusseldorp, toebehoord, wat blijkt uit de aanteekeningen in den kalender. Hij bevat verder o.a. een mooien druk van “Dit is een devote meditacie”gedrukt bij Willem Vorsterman […] in 1518.” Het pestblad zat dus indertijd helemaal niet in het gouden lijstje, maar in een codex! Waar zou die gebleven zijn? De opmerking over Vorsterman bleek de sleutel om die te vinden. Wat blijkt? In 1988 kocht de KB een convoluut met negen devote teksten (vier in druk, vijf in handschrift) uit de verzameling Borms. En één van die teksten is een mooie, want ingekleurde, druk van het genoemde boek van Vorsterman!

Het pestblad is nu dus weer met het oorspronkelijke boek herenigd. Daarmee zijn nog lang niet alle vragen opgelost. Is het in Antwerpen of ergens anders gedrukt? Zijn er meer van deze Nederlandstalige pestbladen bekend? Deze aanschaf licht misschien wel een tipje van de sluier op van een tot nu toe onbekend cultuurhistorische fenomeen in de Nederlanden. Nader onderzoek volgt.