Aanwinst: Een brief van Gaspar Duarte aan Constantijn Huygens

5 september 2014 Ad Leerintveld Boekkunst en geïllustreerde boeken

Over een medicijn, een huis, een paspoort, muziek, een huisconcert en een beroemde vrouw handelt een niet eerder bekend geworden brief die KB in 2013 op een veiling in Londen verwierf. De brief is op 21 november 1640 in Antwerpen geschreven door Gaspar Duarte aan zijn vriend Constantijn Huygens.

Gaspar Duarte (1584-1653), telg uit een Portugees-Joods geslacht, was een steenrijke juwelier met een grote belangstelling voor muziek. Hij deelde deze passie met de dichter, kunstkenner en diplomaat Constantijn Huygens (1596-1687), die van 1625 tot 1647 secretaris was van stadhouder Frederik Hendrik (1584-1647). Huygens logeerde vaak in het stadspaleis van de Duartes aan de Meir in Antwerpen. Duarte en Huygens schreven elkaar geregeld. Zie voor een overzicht de digitale briefwisseling van Constantijn Huygens.

De brief van Gaspar Duarte

Gonzales Coques, Portret van (vermoedelijk) de familie Duarte. 1650 (Reproduction: WPG)

Gonzales Coques, Portret van (vermoedelijk) de familie Duarte. 1650 (Reproduction: WPG)

Muziek

Wat betreft de muziek zou ik het op prijs stellen een paar van die mooie Italiaanse en Franse airs in bezit te krijgen die u, geloof ik, zijn aangeboden door een jonge adellijke musicus, La Verane genaamd, die ik in Engeland heb gehoord en die over Holland gereisd is. Wij hebben een paar airs van hem, minstens twee goede, namelijk Occhi belli guarciri, en de andere Se credi col ferir, Amor darmi tormenti.

Dit gedeelte van de brief is een mooi voorbeeld van de wijze waarop muziek in handschrift circuleert. Duarte heeft kennelijk gehoord dat Huygens in januari 1640 de zanger Bernard de Varenne heeft ontvangen en hij vermoedt dat Huygens dan ook wel muziek van hem gekregen zal hebben. Hij vraagt daar nu naar en biedt twee goede airs van Varenne aan. Huygens wil die op zijn beurt graag hebben, zoals blijkt uit een brief van Duarte aan Huygens van 9 januari 1641.

Huisconcerten bij Duarte

We houden thuis soms muziekuitvoeringen met een kleine instrumentale bezetting, zoals we aan juffrouw Anna Roemers hebben laten horen, namelijk met drie instrumenten die bijzonder geschikt zijn voor de drie meisjes, het spinet, de luit en de viola bastarda en mij op de viool voor de derde stem daaronder en voor de zang; een luit en de viool samen onder de zang van mijn twee dochters en soms twee stemmen met een bas die ik zing, met het spinet of de theorbe voor de kleine madrigalen uit het boek. Zo houden wij ons dus bezig om ons te vermaken eens in de veertien dagen, wat u ook kunt doen, als u zou willen, met uw vier zoons die God wil bewaren. Ik eindig deze brief met u zeer nederig de hand te kussen, blijvend,

Mijnheer, uw zeer nederige en zeer dienstwillige dienaar. G. Duarte.
Te Antwerpen, 21 november 1640

Hier geeft Duarte Huygens een beschrijving van de concertjes die hij thuis met zijn dochters Leonora (1610-1678?), Catharina (1614-1678), Francisca (1619-1678) en Isabella (1620-1685) eens in de veertien dagen uitvoert. Francisca bespeelde waarschijnlijk het spinet, Leonora heeft enkele composities voor de viool gemaakt en zal de viola bastarde gespeeld hebben, wie van de overige zusjes welk instrument bespeelde is niet uit te maken. Van literair-historisch belang is het tussenzinnetje waarin Duarte zegt dat Anna Roemers een concert van de familie heeft bijgewoond. Nu wil het geval dat deze beroemde Amsterdamse dichteres op een dergelijk huisconcert bij de Duartes heeft gereageerd in haar poëzie.

Anna Roemers Visscher (1583-1651)

Tot de schatten van de KB-collectie kan zeker gerekend worden een in een perkamenten omslag gestoken boekje (114 x 112 mm) met 28 bladen papier dat de titel Letter-juweel heeft gekregen (aanvraagnummer KW 128 G 28). Het bevat 32 door haarzelf gekalligrafeerde gedichten van Anna Roemers Visscher, dochter van de Amsterdamse reder en dichter Roemer Visscher, zus van Tesselschade en in haar tijd geroemd als de tiende van de negen muzen. De folia 20v en 21r+v bevatten bovengenoemd gedicht dat ik hier laat volgen:

           Aen den E. Heere Duarte
          hebbende de Eer gehat hem
          Met sijn Dochters te horen
                   Singen en speelen       

          Swijcht vrij oud en Nieu’ Poeeten
          die soo veel te schrijven weeten
                   van die Geesten in de hel
                   kon doen luijstren na sijn spel.
          Die de beesten en de boomen

          die de kruijden en de stroomen
                   door het soet getierelier
                   van sijn welgestelde Lier
          Con van wijt en sijt vergaeren
          Als hij repte maer sijn snaeren.

          Noch so gaen sij ons vertellen
          van een die sijn Luijt con stellen
                   Op so soeten tover toon,
                   Dat hij trotsen dorst de Goon.
          Daer van de Thebaenen Roemen

          En het oock een wonder noemne
                   Dat hij met sijn stem (ist waer?)
                   Song de steenen an Malcaer
          Van haer vesten. Die door t’Raken
          Schijnen noch Musijck te maken.

          Geesten, beesten, Cruijden boomen
          Steenen ja al wat sij droomen
                   Dat beroerden: t’comt niet bij
                   Wanneer als Duwerte ghij
          Met u dochters lust te singen

          doet ghij vrij al grooter dingen;
                   Want gij Menschen van de Aerdt
                   Stijgen doet ten Hemelwaert.
          En hun leert de sonden mijên
          Om haer Eeuwich te verblijen. 

                                                Antwerpen Ao 1640 

Anna Roemers aan Gaspar Duarte in Letterjuweel, KB, KW 128 G 28, f. 20v-21r
Anna Roemers aan Gaspar Duarte in Letterjuweel, KB, KW 128 G 28, f. 20v-21r
Anna Roemers aan Gaspar Duarte in Letterjuweel, KB, KW 128 G 28, f. 21v-22r
Anna Roemers aan Gaspar Duarte in Letterjuweel, KB, KW 128 G 28, f. 21v-22r

Anna Roemers prijst in dit gedicht de zang van Duarte en zijn dochters. Met zijn zang overtreft Duarte de beroemdste musici uit de Oudheid, Orpheus en Amphion over wie de oude en de nieuwe dichters maar moeten zwijgen. Orpheus bracht bomen, bloemen en rivieren met zijn lier bijeen en Amphion wist een muur om Thebe te bouwen door met zijn luit stenen in beweging te brengen. Maar dat zijn maar kleine aardse zaken. Duarte brengt mensen in de hemel en leert hun de zonden te mijden om zich eeuwig te verblijden. Zo overtreft Duarte de Oudheid omdat hij perspectief biedt op de hemel. Anna Roemers, die waarschijnlijk in deze tijd, in Antwerpen van hervormd katholiek geworden is, laat hier een nadere specificatie over de godsdienst achterwege. De Duartes leefden in de Zuidelijke-Nederlanden als katholieken, maar waren Joods.

Duarte noemt in zijn brief aan Constantijn Huygens de naam van Anna Roemers omdat hij weet dat ook zijn bevriend zijn. Huygens heeft dit gedicht van Anna Roemers misschien wel gelezen. In een grafschrift vergelijkt ook Huygens Duarte met Amphion:

Duarte, Brabantschen Amphion eert dit graf,
Dien noch de steenen die sijn’konst het roeren gaf
Vervolgen naer sijn dood:

Literatuur