Een onwaarschijnlijk duo? Artificiële Intelligentie en de Bibliotheek
8 maart 2019 Jan Willem van Wessel Digitale geesteswetenschappen

Artificiële Intelligentie (AI) en de Bibliotheek. Je zou denken dat er geen begrippen zijn die verder uit elkaar liggen dan deze twee. De bibliotheek staat voor eeuwen van gestolde, door mensen gecureerde kennis. AI bestaat nauwelijks een paar decennia en gaat over machines die razendsnel leren, informatie verwerken, analyseren en verbanden zien. De bibliotheek is altijd de onbetwiste autoriteit op het gebied van het ordenen van informatie en beschikbaar maken van kennis geweest. AI daarentegen wordt zowel verheerlijkt als verketterd en levert resultaten die niet door iedereen op dezelfde waarde wordt geschat.

De combinatie van AI en Bibliotheek is betrekkelijk nieuw. Er is weinig over gepubliceerd en uit een onderzoek van begin 2018 blijkt dat meer dan de helft van de ondervraagde medewerkers van universiteitsbibliotheken in Amerika nog nooit iets over het onderwerp gelezen had. Eveneens minder dan de helft had interesse om een workshop over AI in de bibliotheek te krijgen. Toch begint er langzamerhand een AI-briesje door de bibliotheekwereld te waaien. Begin december 2018 trok een eendaagse conferentie in Oslo, georganiseerd door de Nationale Bibliotheek van Noorwegen en Stanford University Libraries, driehonderd belangstellenden van meer dan honderd instituten. Uit de presentaties bleek dat een aantal bibliotheken al serieuze AI-toepassingen bedacht en getest heeft.

En dat is niet onlogisch, want bibliotheken zijn al jaren met hun digitale transformatie bezig en in dat proces komen vraagstukken waarin AI-technieken een rol kunnen spelen, vanzelf aan de orde.

Bovendien zijn er niet alleen tegenstellingen tussen AI en bibliotheek. De overeenkomsten springen evenzeer in het oog. Beide verwerken informatie om antwoorden op moeilijke vragen te geven, cognitieve taken te ondersteunen en onderbouwde beslissingen te nemen. De vraag is natuurlijk: in hoeverre kunnen AI en de bibliotheek elkaar versterken? Welke AI-toepassingen kunnen de doelstellingen van de bibliotheek helpen realiseren? Als een AI-systeem alles heeft verwerkt wat de Universiteitsbibliotheken, de Openbare Bibliotheken en de Nationale Bibliotheek in huis hebben, kan het dan op alle vragen een relevant antwoord geven?

Kan AI het repetitieve werk in de bibliotheek overnemen, zodat de capaciteit die beschikbaar komt, gebruikt kan worden om nieuwe, innovatieve richtingen in te slaan? En kan AI helpen de almaar aanzwellende informatiestroom in goede banen te leiden? Of vormt AI misschien juist een bedreiging voor het bestaansrecht van de bibliotheek?

Maar laten we dat omdraaien en vragen of de bibliotheek kan helpen om AI op een verstandige manier in te zetten, zodat de mensheid er beter van wordt. Bijvoorbeeld door digitale inclusie te bevorderen. Of door AI systemen te leren fake news van echt nieuws te onderscheiden. Want een keerzijde is er ook. Er zijn genoeg voorbeelden van AI-toepassingen die tot ongewenste effecten leiden: overheden die hun burgers met camera’s en beeldherkenning dag en nacht in de gaten houden; bedrijven die verbanden leggen tussen klantgegevens die leiden tot inbreuk op de privacy; selectiesystemen die verkeerd getraind zijn en discriminerende beslissingen nemen, autonome auto's die verkeerssituaties verkeerd inschatten - de lijst is lang.

Oudste vindplaats van 'Kunstmatige Intelligentie' in Delpher (19 augustus 1974)

Oudste vindplaats van 'Kunstmatige Intelligentie' in Delpher (19 augustus 1974)

Waar praten we eigenlijk over als we over AI praten?

Aan deze paar voorbeelden is al te zien hoe breed het gebied van AI is. Op deelgebieden heeft AI de laatste jaren grote ontwikkelingen doorgemaakt. Beeldherkenning is ongekend goed geworden, in denksporten is AI onverslaanbaar, autonome auto's zien er veelbelovend uit. Je kan tegen de computer praten en die praat ook terug, dankzij de vorderingen op het AI-deelgebied dat Natural Language Processing (NLP) heet. Die vorderingen beperken zich wel tot losse zinnen, vragen of opdrachten. Net als bij de andere voorbeelden gaat het om losstaande, gespecialiseerde vaardigheden. De meeste applicaties die we nu AI noemen, zijn maar in één ding goed zijn. AlphaGo is de beste Go-speler van de wereld geworden, maar zou je dit systeem vragen wie de vorige wereldkampioen Go was, dan zou het antwoord uitblijven. In de mensenwereld is dat ondenkbaar.

Cliché-beelden (in blauw) overheersen nog in de AI-wereld.

Cliché-beelden (in blauw) overheersen nog in de AI-wereld.

Chatbots zoals Siri en Alexa lijken aardige gesprekspartners geworden. Ze kunnen moeilijke vragen beantwoorden en opdrachten uitvoeren, voor zover de hardware en software waar ze deel van uitmaken die ondersteunen. Maar een serieus gesprek voeren, met een rode draad, met verwijzingen naar wat vijf minuten eerder is gezegd en gebruikmakend van contextuele kennis, dat is nog lang niet mogelijk. Zelfs Mitsuku, erkend de beste chatbot die er op dit moment is (totdat zij wordt ingehaald door Google Duplex) raakt in een vrij normaal gesprek al snel de draad kwijt. Toch hebben veel mensen bij AI een beeld voor ogen van een systeem dat op alle menselijke terreinen tegelijk uitblinkt. Daarbij heeft het ook nog de vorm van een robot aangenomen, zodat het zich kan verplaatsen als een mens en fysieke handelingen kan uitvoeren. Soms gewenste, vaker ongewenste. In de meer filosofische, meestal apocalyptische beschouwingen over de toekomst van AI wordt dit beeld maar al te vaak opgeroepen. Het is daarom goed om onderscheid te maken tussen Narrow AI en Broad AI. Narrow AI (ook wel Weak AI genoemd) gaat over AI-systemen die maar één kunstje beheersen, maar die kunst wel extreem goed beheersen. Op steeds meer terreinen beter dan een mens. De genoemde AlphaGo is daar een voorbeeld van, en ook het beroemde vraag-antwoord systeem IBM Watson.

Broad AI verwijst naar een systeem dat alle cognitieve vaardigheden van de mens in zich verenigt. Voor alle duidelijkheid: Broad AI bestaat alleen in fictie en in filosofische beschouwingen over AI. Broad AI wordt overigens ook wel Strong AI genoemd en meer recent is ook de term Artificial General Intelligence (AGI) in zwang geraakt.

Waar in deze blogserie verder de term AI wordt gebruikt, gaat het over Narrow AI: toepassingen die goed zijn in één specialistische bibliotheektaak. En daar zijn er al een aantal van. We gebruiken de term bibliotheek overigens in de brede zin van het woord: we verstaan er zowel de nationale bibliotheek, als de openbare, als de universitaire onder. Niet alle AI die aan bod komt is in gelijke mate op deze drie bibliotheken van toepassing maar de essentie (lezen, onderzoeken en leren) is hetzelfde.

Ook AI: mens moet bevestigen dat hij geen robot is - aan een robot

Ook AI: mens moet bevestigen dat hij geen robot is - aan een robot

AI en de KB

Bij de KB onderzoeken we, al dan niet met partners, de mogelijkheden van AI. Onze afdeling Onderzoek heeft in twee van de vijf thema’s waarin de Onderzoeksagenda onderverdeeld is, AI-onderwerpen gedefinieerd. In het thema ‘Klant’ worden methodes onderzocht om klantgedrag verantwoord te analyseren om op basis daarvan onze dienstverlening te verbeteren. In het thema ‘Ontsluiten en delen’ wordt onderzocht hoe AI (deep learning) kan helpen om scans van oud drukwerk en handschriften te herkennen en om te zetten in doorzoekbare teksten. Ook automatische metadatering, hierboven al aangehaald, behoort tot het onderzoeksdomein. Daarnaast nemen we deel aan CLARIAH Plus, een onderzoeksprogramma van NWO door onze digitale collecties (in de vorm van textcorpora) voor AI-onderzoek en Text- en Data Mining beschikbaar te stellen.

AI-toepassingen in de bibliotheek

Er zijn vier plekken waar AI en de bibliotheek elkaar zullen tegenkomen. Op drie daarvan gaat het om de grote veranderingen die AI in de bibliotheek te weeg gaat brengen. Bij de vierde kijken we naar het omgekeerde: hier gaat het over de rol die de bibliotheek kan spelen bij het ontwikkelen en vormen van AI. Deze indeling levert een raamwerk van vier vraagstukken over AI en de Bibliotheek, waar elk onderwerp in onder te brengen is: 1. Hoe verandert AI de dienstverlening van de bibliotheek? 2. Hoe verandert AI de werkwijze van de bibliotheek? 3. Hoe verandert AI de maatschappelijke rol van de bibliotheek? 4. Welke bijdrage kan de bibliotheek aan de vorming van AI leveren?

In het volgende deel van deze introductie gaan we dieper in op deze vier vragen.

Wordt dus vervolgd.

*Dit is het eerste deel van een blogserie over AI in de Bibliotheek. De KB onderkent de mogelijkheden én de dilemma’s die AI-toepassingen met zich meebrengen. Op beide gebieden wil de KB een leidende rol vervullen. *