Billen met honing
23 mei 2012 Jeannette Kok Kinderboeken en strips

Na alle onthullingen van seksueel misbruik in de Katholieke kerk wordt het moeilijk onbevangen naar sommige foto’s of illustraties te kijken.

Een van de feiten uit het rapport van de Commissie Deetman betrof een van de auteurs van reeks Wipneus en Pim. De vanaf de jaren vijftig populaire reeks werd geschreven voor de roomse jeugd door een aantal fraters van de Congregatie van de Broeders van de Onbevlekte Ontvangenis van de Heilige Maagd Maria. Broeder Gregorio bleek al vóór zijn schrijverscarrière meerdere jongens misbruikt te hebben en werd daarvoor in 1964 veroordeeld. Hij schreef onder de pseudoniemen B.G. en A.B. van Wijckmade tussen 1967 en 1985 twintig delen Wipneus en Pim. Als gevierd kinderboekenschrijver kon hij promotietochten maken waarbij hij op foto’s te zien is, omringd door kinderen in de leeftijd van zijn slachtoffers.

Een onderzoek naar de inhoud van deze reeks lijkt me interessant. Welke normen en waarden werden daarin doorgegeven? Welke rol speelden vrouwen? Volgens schrijver A.H.J.Dautzenberg (NRC 23-12-2011) zijn de verhalen grimmig, racistisch, ontbreekt christelijke barmhartigheid en is het een ruwe mannenwereld. In de Volkskrant van 19 december 2011 stond een cartoon van Bas van der Schot, met een afbeelding van kardinaal in ruste Simonis, verwijzend naar kinderboekenheld Pinokkio.

B.J. van Wijckmade, Wipneus en Pim bij de knuppelmannetjes, 1954
B.J. van Wijckmade, Wipneus en Pim bij de knuppelmannetjes, 1954
Bim, bam, bei-e-ren / [illustraties van Frans Lammers], ca. 1945
Bim, bam, bei-e-ren / [illustraties van Frans Lammers], ca. 1945
Cartoon in de Volkskrant van 19 december 2011 door Bas van der Schot
Cartoon in de Volkskrant van 19 december 2011 door Bas van der Schot

In een onlangs verworven prentenboek staat een afbeelding met een ander type machtsfiguur met een versje dat – hoewel het een karikaturaal beeld van de ambtsdrager laat zien - te denken geeft. De illustraties zijn niet gesigneerd, maar op grond van stijlkenmerken toe te schrijven aan Frans Lammers. In deze versie smeert de koning zichzelf in met honing. In een veel oudere variant, in de verzameling Nederlandsche baker- en kinderrijmen (1873) – die Dr. J. van Vloten optekende uit mondelinge bronnen - wordt preciezer aangeduid wàt er met honing wordt ingesmeerd:

Daar was eens een koning,
Die smeerde zijn billen met honing;
Toen riep hij: “kindertjens, lik, lik!
Ziet, wat een zoete koning ben ik!”

Daar was eens een koning,
Die smeerde zijn eigen met honing,
Die smeerde zijn eigen met roet;
Toen was die koning bitter en zoet.