De Engel
6 september 2013 Karin Vingerhoets Kinderboeken en strips

In de zomerweken zal drie keer een illustratie uit een sprookjesbundel op Facebook worden geplaatst, met een vraag erbij. De lezers kunnen de vraag beantwoorden door een reactie te geven op de afbeelding in Facebook. De derde vraag luidde: "Wat gaat de engel op deze sprookjesillustratie doen?”.

De Engel, litho van P.W.M. Trap in 'Andersen's sprookjes', 1891.

De Engel, litho van P.W.M. Trap in 'Andersen's sprookjes', 1891.

Peter Lowensteyn zat dichtbij het goede antwoord met zijn reactie: "Kindje, dat een bloempot op het hoofdje had gekregen, naar de hemel brengen." Inderdaad, de engel brengt het gestorven kindje naar de hemel. De bloempot speelt echter een andere rol.

Het sprookje

De Engel is één van de kortere sprookjes van Andersen, het beslaat in de bundel slechts vier pagina's. Het sprookje verscheen voor het eerst in 1835 samen met De Tondeldoos en nog twee andere sprookjes. Het sprookje verhaalt over een engel die een gestorven kindje naar de hemel brengt, nadat ze op aarde langs voor het kind bekende plaatsen zijn gegaan en bloemen hebben verzameld om aan God te geven. Ze plukken bloemen van een geknakte stamroos, 'maar versmaadden ook de verachte boterbloem en het wilde viooltje niet'. Ze zweven door een armoedige steeg en de engel wijst een kapotte bloempot met een verwelkte veldbloem aan, die nemen ze ook mee.

De engel vertelt dat in de steeg in een armoedige kelder, een arme, zieke knaap woonde die bedlegerig was. Hij kwam nooit buiten en koesterde een veldbloem die hij van een buurjongen had gekregen: "Zij werd de lieve bloementuin voor den armen jongen, zijn kleine schat hier op aarde; hij begoot en verpleegde haar en zorgde, dat zij het genot had van iederen zonnestraal [...] Tot haar keerde hij zich in den dood, toen de Heer hem opriep." Een jaar na de dood van de jongen wordt de bloem afgedankt op straat gegooid. Het kindje vraagt: "Maar hoe weet gij dat alles?". De engel antwoordt: "Ik weet het, want ik zelf was de kleine, zieke knaap, die op krukken ging. Mijn lieve bloem ken ik wel!"

Het volgende ogenblik zijn de engel en het kindje in Gods hemel 'waar overal vreugde en zaligheid heerscht'. God drukt het dode kind aan zijn hart en het krijgt vleugels, net als de andere engelen. God kust de verdorde veldbloem en 'zij kreeg daarop eene stem en zong met al de engelen mede [...]. En allen zongen zij, kleinen en grooten, het goede, gezegende kind en de veldbloem [...]."

De Engel, geschilderd door Wilhelm von Kaulbach

De Engel, geschilderd door Wilhelm von Kaulbach

De illustraties

Na het verschijnen van dit sprookje worden illustraties van de engel die het overleden kind naar de hemel draagt, erg populair. H.C. Andersen zelf vindt de uitbeelding van Wilhelm von Kaulbach prachtig, volgens een citaat in een krantenartikel: "Terzelfdertijd schreef ik „De Engel", waarvan de beroemde schilder Kaulbach een prachtige teekening maakte, die als ets de wereld is ingegaan."

Voor de litho in het sprookjesalbum is het moment gekozen waarop de engel de bloempot met de geliefde veldbloem terug vindt in de steeg. De brede vleugels en stralend witte kleding van de centraal geplaatste engel benadrukken de somberheid van de krappe steeg. Het kindje slaat in een aandoenlijk gebaar de armpjes om de hals van de engel. De pentekening die het begin van het verhaal siert, toont een meer neo-classicistische engel. Het kind houdt de verdorde veldbloem vast.

Afsluiting