Oudengels in de KB
10 januari 2019 Middeleeuwen

Eind vorig jaar was ik voor zowel work als pleasure in Londen. Onder de noemer pleasure bezocht ik in de British Library de tentoonstelling Anglo-Saxon Kingdoms, Art, Word, War. Lang geleden, namelijk, studeerde ik Engels met een sterke voorliefde voor Oud- en Middelengels, en die oude liefde roest niet.

In die tentoonstelling is zo'n beetje ieder Oudengels handschrift te zien dat er toe doet. Dat van Beowulf, bijvoorbeeld – met een koptelefoon ernaast waarmee je een opname van enkele fragmenten in het Oudengels kunt beluisteren - en het Exeter book, uit de bibliotheek van de kathedraal in die stad. En het Vercelli Book, uit, jawel, Vercelli in Noord-Italië, waar het al sinds de twaalfde eeuw bewaard wordt. En daarmee ligt het gros van de bewaard gebleven Oudengelse poëzie in een paar vitrines.

Noord-Engeland

Maar er zijn ook Latijnse handschriften te zien die in het vroegmiddeleeuwse Engeland gemaakt zijn, zoals de wereldberoemde Lindisfarne gospels, een handschrift dat in de negende eeuw gemaakt werd in klooster van Lindisfarne bij Berwick-upon-Tweed in Noord-Engeland. Ook de eerbiedwaardige Beda kwam uit het Noorden; hij schreef zijn Kerkgeschiedenis van het Engelse volk in het Benedictijner klooster van Monkwearmouth-Jarrow bij Newcastle. Die kerkgeschiedenis ligt er ook, in zowel het Latijn als in Oudengelse vertaling. Midden in de tentoonstelling heeft men ook nog een replica opgesteld van het Ruthwell Cross, een Angelsaksisch kruis uit de achtste eeuw met een inscriptie in Oudengelse runen van enkele regels uit het gedicht The dream of the Rood (‘De droom van het kruis’) uit het hierboven genoemde Vercelli Book.

Oudengelse fragmenten. Aanvraagnummer: 133 D 22.
Oudengelse fragmenten. Aanvraagnummer: 133 D 22.

Het meest bizarre boek in de tentoonstelling is de Codex Amiatinus, een enorme Latijnse bijbel die in de vroege achtste eeuw in Monkwearmouth-Jarrow geschreven werd en bestemd was voor de paus. In 716 ging de monnik Ceolfrith met een gezelschap op weg naar Rome om de bijbel te bezorgen. Helaas overleed hij onderweg, maar de bijbel bereikte Italië en is nu voor het eerst in 1300 jaar terug in Engeland. Afgezien van de afmetingen van het boek is het ook bijzonder omdat het de oudste bewaard gebleven complete Latijnse bijbel is. Ook noemenswaard is het St. Cuthbert Gospel, een klein boekje met de (Latijnse) tekst van het Evangelie volgens Johannes, eveneens uit de vroege achtste eeuw; het is het oudste Westerse boek dat in zijn oorspronkelijke band bewaard is gebleven.

Er ligt ook een bijdrage uit een Nederlandse verzameling: het topstuk uit de Utrechtse universiteitsbibliotheek, het Utrechts Psalter (Reims, eerste helft negende eeuw), dat getoond wordt naast twee kopieën die in de elfde en twaalfde eeuw in Engeland van dat handschrift gemaakt zijn. Om het geheel af te maken toont de British Library ook het een en ander aan Angelsaksische voorwerpen, waaronder de Alfred Jewel en de gouden gesp uit het in 1939 opgegraven scheepsgraf van Sutton Hoo.

Oudengelse fragmenten. Aanvraagnummer: 133 D 22
Oudengelse fragmenten. Aanvraagnummer: 133 D 22

Beschrijving van de KB-fragmenten in Ker, A Catalogue of Manuscripts containing Anglo-Saxon. Aanvraagnummer: LHO HS.A 16 ANSA ker

Klein bier

Vergeleken met het handschriftelijk geweld in deze tentoonstelling is de bescheiden verzameling Oudengelse fragmenten in de collectie van de KB klein bier. Het gaat om negen strookjes, die naar hun vorm en omvang te oordelen hergebruikt zijn geweest in een boekband. Ze werden in 1861 geschonken door de toenmalige rjiksarchivaris Laurens Philippe Charles van den Bergh - verdere gegevens over hun herkomst hebben we niet – en staan nogal prozaïsch bekend als KW 133 D 22. Er zit een brief uit 1938 bij van Neil Ripley Ker (1908-1982), die destijds werkte aan een overzicht van alle handschriften die Oudengels bevatten; hij identificeerde de tekst van de fragmenten als delen van de 'Homilies' (preken) van de benedictijner abt Aelfric (ca. 955 – ca. 1020). Kers Catalogue of manuscripts containing Anglo-Saxon verscheen in 1957. We staan erin, zie afbeelding.

Oudengels fragment. Aanvraagnummer: 133 D 22
Oudengels fragment. Aanvraagnummer: 133 D 22

Het is natuurlijk jammer dat van dat handschrift van Aelfric alleen deze fragmenten over zijn, maar in dit geval is de schade beperkt: die preken zijn overgeleverd in tientallen handschriften. Een daarvan kennen we allemaal, zijdelings: handschrift 340 in de Bodleian Library in Oxford. Op het schutblad daarvan schreef een kopiist in de abdij van Rochester rond het jaar 1100 bij wijze van pennenproef de regels die beginnen met ‘Hebban olla uogala nestas hagunnan…’

Maar daar had ik het niet over. Allemaal naar Londen, en naar de British Library. Zoveel moois zie je niet gauw meer bij elkaar. Anglo-Saxon Kingdoms loop nog tot en met 19 februari.

Oudengelse fragmenten. Aanvraagnummer: 133 D 22
Oudengelse fragmenten. Aanvraagnummer: 133 D 22

Met dank aan Ed van der Vlist

Lees meer blogs over dit thema: