Hester Knibbe en de kritiek
Hester Knibbe, Requiem voor een stad (2015)

Hester Knibbe, Requiem voor een stad (2015)

De kritiek vanaf 2010

Voor Archaïsch de dieren ontving Hester Knibbe in 2015 de VSB poëzieprijs, wat zorgde voor veel publiciteit voor de bundel. De jury prees Knibbes vermogen om grote vragen te stellen ‘zonder dat haar gedichten topzwaar worden’ en had bewondering voor de ‘stevige, klankrijke en toch hoogst hedendaagse vorm van de gedichten, en voor de sterke samenhang en dwingende stuwende kracht van deze belangrijke bundel, die de mens tot zijn ontgoochelende kern terugbrengt en vervolgens warm omhelst’. In Trouw (10 mei 2014) prees Janita Monna Knibbes 'averechtse manier van redeneren en de klankrijke, heldere zinnen'. Dit vond ze vooral terug in het eerste deel van Archaïsch de dieren. De rest van de bundel was volgens Monna beschouwlijker van toon en daardoor minder spannend. Ook Peter Swanborn had in De Volkskrant (31 mei 2014) enkele punten van kritiek: ‘het feit dat Knibbe haar gedichten vaak met min of meer rijmende woorden afsluit, lijkt soms op een trucje. En de losstaande gedichten die de twee helften van de bundel afsluiten, hadden beter weggelaten kunnen worden’. Afgezien daarvan was hij zeer lovend en bestempelde hij Archaïsch de dieren als een hoogtepunt in Knibbes oeuvre.