1869-1940

Waarom en hoe selecteren

In 1869 werd de speciale krantenbelasting, het Dagbladzegel, afgeschaft. Vanaf dat moment nam de Nederlandse pers een enorme vlucht. De kranten werden dikker en het aantal titels steeg in de loop van de tijd tot ver boven de honderd, goed voor tientallen miljoenen pagina’s. Dit gegeven maakt een ingrijpende selectie voor digitalisering noodzakelijk. De selectie zelf gebeurde in een aantal fases; zo kon het aantal titels geleidelijk worden uitgebreid toen bleek dat sommige kranten door lokale en regionale archieven en bibliotheken of door de uitgevers zelf werden gedigitaliseerd.

Op grond van een aantal criteria is een groslijst gemaakt, waarna er een keuze is gemaakt op grond van geografische spreiding, historisch belang en beschikbaarheid. Verder is er naar gestreefd om ook een aantal interessante processen op lokaal en regionaal niveau te laten zien: zo is de keuze voor twee katholieke kranten in de eerste helft van de twintigste eeuw gebaseerd op de gedachte, dat de soms scherpe sociale tegenstellingen, die de katholieke kerk probeerde te vermijden (en dus in de meeste andere katholieke kranten niet terug te vinden is), in die twee kranten toch treffend tot uitdrukking komen.

De dagbladpers in de jaren 1869-1940

Bij het formuleren van de criteria is allereerst een onderscheid gemaakt tussen de periode 1869-1914 en de jaren na 1914 . Die indeling is gebaseerd op de veranderingen in de samenleving en het medialandschap gedurende deze jaren.

1869-1914
Na de afschaffing van het dagbladzegel in 1869 vormt de krant meer dan tevoren een instrument èn spiegel van de modernisering van de (nationale) samenleving. Zo speelt zij een centrale rol in het creëren van ‘verbeelde gemeenschappen’. Enerzijds gaan groepen burgers zich verenigen op politieke, sociale, religieuze en culturele gronden – de differentiatie of segmentatie die plaatsvindt tijdens deze periode van “verzuiling”. Anderzijds is er tegelijkertijd op nationaal niveau een beweging naar sociaal-culturele eenwording en homogenisering. Een vergelijkbare ontwikkeling speelt zich af op regionaal niveau, al verlopen sommige processen daar veelal geleidelijker.

1914-1940
In de jaren tussen de twee wereldoorlogen komt een moderne levensstijl op, die tot uitdrukking komt in de stedelijke cultuur en de opkomst van populaire cultuur en nieuwe media zoals radio. Snelheid en massificatie zijn kernwoorden. Daarnaast – maar voor een deel ook daartegenover - speelden de meeste gevestigde kranten een belangrijke rol in de consolidatie van de “verzuilde” maatschappelijke verhoudingen. Typerend voor deze zijn voorts de debatten over de nationale identiteit, de uitbreiding van het kiesrecht en de waarde van de parlementaire democratie, alsmede de welvaartstaat.

Criteria voor selectie

De criteria die zijn gehanteerd voor de selectie van kranten hangen nauw samen met de veranderingen in de samenleving en het medialandschap in deze periode. Zij spelen zich af op vijf terreinen:

1. De politieke criteria - de mate waarin een krant:

  1. kan worden beschouwd als instrument én kristallisatiepunt van machtsvorming, en in een later stadium uitdrukking geeft aan de uiteenlopende politieke en levensbeschouwelijke gemeenschappen;
  2. een rol speelt bij het ontstaan van en later uitdrukking geeft aan regionale of provinciale verbanden;
  3. fungeert als podium voor publiek debat.

2. De culturele en religieuze criteria - de mate waarin een krant:

  1. optreedt als ‘opvoeder’ binnen of tot de burgerlijke cultuur waar het gaat om moraal, levensstijl, kennis, ontwikkeling en ‘nutsgedachte’;
  2. een forum is voor publiek debat over smaak en stijl met betrekking tot film, literatuur, theater, beeldende kunst, radio en televisie;
  3. zij met betrekking tot bovenstaande punten blijk geeft van een originele articulatie van een specifieke culturele of religieuze geest;
  4. een factor is in de opkomst van de populaire cultuur, in het bijzonder ook de sport, waarin de idee van (nationale) identiteit een nieuwe uitdrukking vindt.

3. De sociale criteria - de mate waarin een krant:

  1. van belang was voor of binnen een specifieke maatschappelijke groep met betrekking tot etniciteit, taal, stand, klasse;
  2. uitdrukking geeft aan de opkomst en de identiteit van de opkomende middenklasse en de gepolitiseerde arbeidersklasse en zij de lagere sociale strata letterlijk zichtbaar maakt, zowel in de kolommen van de krant als in stijl en distributie;
  3. verslag doet van het dagelijks leven, met name de minder zichtbare aspecten daarvan.

4. De economische criteria - de mate waarin een krant:

  1. vorm geeft aan ofwel een spiegel vormt van de opkomst van een op consumptie gerichte samenleving, zowel in haar redactionele kolommen als in haar advertentierubrieken;
  2. vorm geeft aan enerzijds de opkomst van de welvaartsstaat.

5. Journalistieke criteria - de mate waarin een krant:

  1. in inhoud en verspreiding van belang is in het aanspreken van respectievelijk de massa of specifieke doelgroepen;
  2. exemplarisch is voor de professionalisering van de nieuws- en krantenproductie in deze periode;
  3. vernieuwend is in de ontwikkeling van journalistieke stijlen, routines en conventies, met de Angelsaksische pers als lichtend voorbeeld.

Selectievoorstel

Op basis van bovenstaande argumenten is de volgende selectielijst tot stand gekomen.

  Titel Selectieperiode
1 Leeuwarder Courant 1752-1995
2 Algemeen Handelsblad 1828-1940
3 De Tijd 1869-1974
4 Tilburgsche Courant 1869-1931
5 Het Nieuws van den Dag 1870-1914
6 De Standaard 1872-1944
7 Rotterdamsch Nieuwsblad 1878-1940
8 Nieuwe Tilburgse Courant 1879-1940
9 De Amsterdammer 1883-1895
10 Nieuwsblad van het Noorden 1888-1995
11 Limburger Koerier (editie Maastricht) 1892-1944
12 De Telegraaf 1893-1995
13 Het Volk 1900-1945
14 Nieuwsblad van Friesland 1901-1951
15 De Tribune 1907-1937
16 Leeuwarder Nieuwsblad 1907-1942
17 Limburgsch Dagblad (editie Heerlen) 1918-1995
18 Voorwaarts 1920-1931
19 De Banier 1922-1941
20 Het volksdagblad : dagblad voor Nederland 1937-1940

Na de selectie volgt het selectieproces.