Veelgestelde vragen RDA

Inhoudsopgave

NB: Voor de Toolkit is een abonnement vereist. Vragen met betrekking tot abonnementen op de RDA-Toolkit kunnen wij helaas niet beantwoorden aangezien we de administratie daarvan niet beheren. U kunt zich daarvoor het beste wenden tot de afdeling support van RDAtoolkit.org.

Algemene materiaalcodes (General Material Designation, GMD):

Vraag: Als de catalogustaal Engels is, worden de GMD's dan ook gecodeerd voor die taal?

Antwoord: Ja, de taalcodering in de GMD's moet identiek zijn aan de taal van catalogisering.

Vraag: Mag je de taal van catalogisering in een bestaande beschrijving veranderen?

Antwoord: Nee, je mag de taal niet veranderen. Wil je eenzelfde record in een catalogus met een andere taal catalogiseren, dan zul je een nieuw record moeten aanmaken met de codering voor de andere catalogiseertaal

Vraag: Worden de 3 kmc’s van de Algemene materiaalcodes ook bij koepels vermeld?

Antwoord: Ja, bij iedere titel die ingevoerd wordt Acx, Aex, AEx en de beschrijving van de manifestatie.
Nadere uitleg: Toolkit: Section
1.3: Describing carriers: Media Type 3.2.1.3 en Carrier Type 3.3.1.3
Online documentatie: Zie voor het beschrijven van deelwerken: Toolkit**: **AppendixD.1.3 Multilevel Description; 1.5.2 Comprehensive Description; 1.5.3 Analytical Description; 1.5.4; Hierarchical Description; 1.6.1 Multipart Monographs

Beschrijfvelden:

Vraag: Blijft de interpunctie tussen de elementen (velden) bestaan?

Antwoord: Ja, de interpunctie blijft bestaan. RDA heeft het alleen over de elementen. Het gebruik van de ISBD-interpunctie is systeemafhankelijk. De voorgeschreven interpunctie voor de ISBD presentatie is opgenomen in de Appendix D.
Nadere uitleg: Toolkit: Appendix
D.1. ISBD Presentation

Vraag: Mogen er helemaal geen afkortingen meer gebruikt worden?

Antwoord: Ja, voor een aantal elementen mogen nog afkortingen gebruikt worden, zoals voor maten (cm). Voor transcriptievelden geldt: niet afkorten tenzij de afkorting zo in de bron staat. Dus staat er vol. 10 dan dat zo overnemen. Nadere uitleg: Toolkit: 1.7.8 Abbreviations en B (B.4).

Vraag: Hoe ga ik om met fouten in de gegevens van de publicatie (resource)

Antwoord: Voorheen werden fouten wisselend opgelost. Sommige instellingen zullen de gegevens hebben aangepast en met een annotatie hebben aangegeven welke fouten hersteld zijn. Ook kan gewerkt zijn met [i.e. verbetering].
De regel in RDA is: neem over wat er staat in de betreffende velden. Staat er een fout in de gegevens dan geef je dit aan in de annotatie. Bijvoorbeeld: 'Titel in feite: …'
Nadere uitleg: Toolkit:1.7.9 Inaccuracies

Vraag: Hoe noteer je een ontbrekende plaatsnaam uit het impressumveld?

Antwoord: Het impressumveld is een transcriptieveld. Staat de plaatsnaam op het titelblad (of elders in de resource) dan neem je de plaatsnaam over zoals die er staat. Ontbreekt de plaatsnaam in de resource, dan kun je deze aanvullen in de taal van de catalogus (bijv. [Parijs], [Londen]), maar omdat het een eigennaam is, mag ook het exoniem gebruikt worden ([Paris], [London]).

Verantwoordelijkheidsvermelding:

Vraag: De verantwoordelijkheidsvermelding wordt overgenomen zoals de gegevens in de bron worden vermeld. Valt daar ook de titulatuur en de vermelding van de universiteiten waar de persoon werkzaam is, onder?

Antwoord: Titulatuur wordt wel overgenomen zoals het in de resource staat. De instelling of het bedrijf waar de persoon werkzaam is of aan verbonden is nemen we niet over uit de resource.
Nadere uitleg: Toolkit
2.4.1.4 Recording Statements of Responsibility. Bij de ontwikkeling van het Nederlandse profiel is voor de regel 2.4.1.4 gekozen. Zie ook: SLIM 3.0 Onderdeel RDA 2g: Rapport van de Werkgroep Richtlijnen RDA, hfdst. 3 Alternatieven en Opties binnen RDA: keuzes van de Werkgroep Richtlijnen RDA, p. 14: Paragraaf binnen RDA 2.4.1.4 Recording Statements of Responsibility.

Vraag: Is de volgorde van verantwoordelijkheidsvermelding in het boek belangrijk?

Antwoord: Ja, de verantwoordelijkheidsvermeldingen worden overgenomen in de volgorde zoals ze te vinden zijn in het boek, dus als redacteuren eerder genoemd worden dan de primaire auteurs, komen de redacteuren als eerste in het titel/auteursveld te staan. De eerste primaire auteur wordt echter wel hoofdwoord (voor GGC-gebruikers: komt in kmc 3000). Redacteuren e.d. worden geen hoofdwoord, ook al staan ze als eerste genoemd (voor GGC-gebruikers: komen in kmc 301X).

Vraag: Moeten alle verantwoordelijken gethesaureerd/verdubbeld worden?

Antwoord: Nee, alleen de primaire verantwoordelijken (auteurs) moeten allemaal verdubbeld en gethesaureerd worden. Bij de secundaire verantwoordelijken kan een keuze gemaakt worden of een bepaalde categorie wordt opgenomen, bijvoorbeeld wel redacteuren, maar niet de fotografen uit de fotoverantwoording. Wordt echter gekozen voor het opnemen van een categorie, dan moeten alle verantwoordelijken in die categorie genoemd worden in het titel/auteursveld. Alleen de eerste van elke categorie moet verdubbeld worden, dus heb je vier auteurs, twee redacteuren en drie illustratoren, dan verdubbel je vier auteurs, een redacteur en een illustrator. Meer mag, maar hoeft niet.

Vraag: Zijn bijdrage schrijvers primaire auteurs en moeten ze allemaal verdubbeld worden?

Antwoord: Nee, creators (primaire auteurs) zijn auteurs die gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor de manifestatie (samenstellers van woordenboeken, fotografen bij fotoboeken); zij worden allemaal opgenomen en verdubbeld. Bijdrage schrijvers (bijvoorbeeld de auteurs van werken in een bloemlezing) zijn alleen verantwoordelijk voor hun eigen bijdrage en dus niet voor de gehele manifestatie. Dit zijn contributors (secundaire auteurs). Wanneer besloten wordt om deze bijdrage schrijvers op te nemen in een statement, dan moet ten minste de eerste verdubbeld worden. Het staat een bibliotheek vrij om meer auteurs te verdubbelen, maar hou het beheersbaar. Het verzoek is wel om bij het verdubbelen van meer auteurs, deze ook te thesaureren.

Vraag: Volgens de oude richtlijnen werd het titelwoord hoofdwoord als er meer dan drie auteurs waren. Is dat nog steeds zo?

Antwoord: Nee, de eerste auteur is altijd hoofdwoord bij niet-anonieme uitgaven, ongeacht het aantal auteurs. Dit kan problemen geven bij fysieke plaatsing op hoofdwoord waarbij een eerdere editie op titelwoord is geplaatst en de nieuwe op auteur. Je zult dan als bibliotheek een keuze moeten maken of je de plaatsingscode gelijk laat lopen met de oudere edities, of dat je de boeken op twee verschillende plekken plaatst.

Vraag: Wat doe je als auteurs alleen in de inhoudsopgave staan?

Antwoord: Een inhoudsopgave is geen verantwoordelijkheidsvermelding, dus is het niet verplicht de auteurs daaruit op te nemen.

Vertalingen:

Vraag: Hoe noteer je de oorspronkelijke taal van een werk?

Antwoord: Als de publicatie de oorspronkelijke taal vermeldt, dan de vertaalopmerking overnemen zoals in het boek staat, dus "...vertaling uit het Engels door ...". Staat in de publicatie slechts "vertaald" zonder oorspronkelijke taal, dan kan die informatie toegevoegd worden tussen vierkante haken "... vertaald [uit het Engels] ..."
Nadere uitleg: Toolkit: 6.11.1.3
D.1Recording Language of Expression

Corporaties:

Vraag: Een corporatie kan hoofdwoord zijn bij publicaties, is dat ook het geval bij seriële publicaties?

Antwoord: Bij seriële publicaties (tijdschriften, kranten, jaarboeken) wordt de corporatie nooit hoofdwoord. De seriële publicaties blijven op de titel beschreven. De corporatie behoudt een secundaire functie.
Nadere uitleg: Toolkit 19.2.1.1.1 Corporate Bodies Considered to be Creaters. Bij dit gedeelte van RDA worden de soorten publicaties genoemd waarbij een corporatie wel hoofdwoord kan zijn. Bij die opsomming staan geen seriële publicaties wat dus dan weer inhoudt dat een corporatie geen hoofdwoord wordt bij seriële publicaties.