Werkwijze van de STCN

De voor opname in de STCN in aanmerking komende collecties zijn geselecteerd op basis van omvang, samenstelling, bijzondere zwaartepunten, bereikbaarheid en bereidheid om mee te werken. Alle collecties zijn openbaar toegankelijk.

De STCN-regels zijn volledig gebaseerd op de uitgangspunten van de moderne analytische bibliografie. Alle beschrijvingen worden gemaakt op basis van autopsie, dus met het boek in de hand. De beschrijfregels zijn neergelegd in de Handleiding voor de medewerkers aan de STCN.

Voor het vervaardigen en controleren van een STCN-beschrijving geldt de volgende procedure. In de te verwerken bibliotheek worden op basis van een bestaand overzicht, zoals een drukkersregister of catalogus, de in aanmerking komende boeken geselecteerd en opgevraagd. Een beschrijver maakt een titelbeschrijving, die door een collega met het boek erbij wordt nagekeken. Van de titelpagina en een eventueel colofon worden foto’s gemaakt. Het boek gaat dan terug naar het magazijn. De redacteur controleert de beschrijving nogmaals, met name op het punt van consequente toepassing van de regels, om een zo groot mogelijke consistentie in het bestand te waarborgen. Ook bij de oplossing van probleemgevallen heeft hij of zij het laatste woord.

Hoewel de STCN in bibliografische kringen al snel bekend stond om zijn geavanceerde, op computergebruik toegesneden vingerafdruk, is dat maar een beperkt onderdeel van de beschrijving. Zorgvuldige transcriptie, een collatieformule in plaats van opgave van het aantal pagina’s, opname van een groot aantal ‘typografische kenmerken’ (gebruikte lettertypes, aanwezigheid van drukkersmerk, illustraties en boekenlijsten, en later ook van prijsopgaven en lijsten van intekenaren, enzovoort) zijn voor de kwaliteit en de gebruiksmogelijkheden van de beschrijvingen minstens even belangrijk. Niettemin heeft de vingerafdruk zijn nut in het project overduidelijk bewezen.

Meer over de STCN-vingerafdruk

Alle als bladvulling achterin boeken opgenomen lijstjes van het fonds of assortiment van de boekverkoper of uitgever werden gekopieerd. Deze unieke boekhistorische bron is in de KB te raadplegen.
Van alle zeventiende-eeuwse drukkersmerken zijn extra fotokopieën gemaakt. Het monumentale Dutch Printers’ Devices van Van Huisstede en Brandhorst berust geheel op het zo verzamelde materiaal.