DARE

Inleiding

In januari 2003 is het project DARE van start gegaan, op initiatief van de stichting Surf. DARE staat voor Digital Academic Repositories en streeft ernaar de werkwijze van kennisinstellingen in Nederland te moderniseren. Dit wordt gerealiseerd door middel van een gedeelde infrastructuur en het leveren van diensten voor het digitaal opnemen, toegankelijk maken, opslaan en distribueren van de Nederlandse academische output. DARE is een samenwerkingsverband van alle Nederlandse universiteiten, waarbij de KB fungeert als een digitaal duurzame safe place. Het idee is dat de deelnemende instellingen hun eigen repository vullen, die vervolgens gemeenschappelijk ontsloten wordt via www.darenet.nl. Een repository is een centrale plaats bij een instelling waar data wordt opgeslagen en onderhouden.

Koppeling e-Depot

Hoe blijft de wetenschappelijke productie in Nederland ook op de lange termijn leesbaar en toegankelijk? Dit aspect is gewaarborgd doordat het e-Depot van de KB gebruikt zal worden voor het deponeren van de genoemde repository-materialen.

Er is hard gewerkt aan het technisch tot stand brengen van de koppeling ten behoeve van de aanlevering en het op niveau brengen van de metadata in de repositories. Ook zijn afspraken gemaakt over aanleveringsprocedures en het omgaan met verschillende versies van een document. Verder zijn de voorwaarden besproken waarop de teruglevering zal moeten gebeuren. De technische aspecten die hiervoor nodig zijn worden geïmplementeerd. Het eindresultaat van het project zal een koppeling zijn tussen de repositories en het e-Depot, waarbij digitale objecten kunnen worden aan- en teruggeleverd. Tevens worden de objecten in kwestie langdurig opgeslagen in het e-Depot en zijn zij via de KB-catalogus te vinden.

Nieuwe technologie

Het ophalen (harvesten) van de metadata is nog niet zo ingewikkeld. Hiervoor biedt het Open Archives Initiative Protocol for Metadata Harvesting (OAI-PMH) een raamwerk. Met behulp van dit protocol stelt de repository informatie (metadata) beschikbaar die door een ander - in dit geval de KB - worden opgehaald. De bij de metadata behorende bestanden zijn echter een stuk minder eenvoudig op te halen.

Binnen de KB en de deelnemende instellingen is gewerkt aan een optimale inrichting voor dataharvesting. De instellingen bieden de KB een XML-bestand aan waarin de correcte URL naar het document wordt vermeld, evenals een aantal andere gegevens, zoals de productiedatum, het Pica productienummer (PPN) en mogelijke extra metadata. Hiermee kan de KB de objecten ophalen en opslaan.

Harvesting

In het verkeer van en naar het e-Depot FTP (File Transfer Protocol) gebruikt, een algemeen gebruikte set van afspraken over bestandsverkeer. In het geval van harvesting worden deze bestanden opgehaald door de KB in plaats van verstuurd door de instelling. Zo kunnen onderling afspraken worden gemaakt over het gebruikte protocol en de wijze waarop bijvoorbeeld bepaalde velden worden ingevuld.

Teruglevering

Objecten die in het kader van DARE in het e-Depot worden opgeslagen, moeten in principe ook weer teruggeleverd kunnen worden aan de instelling die het oorspronkelijke document geleverd heeft. Bijvoorbeeld als de instelling in kwestie niet meer in staat is het originele formaat te lezen of door een calamiteit objecten is kwijtgeraakt. Voor dit doel is een aantal functionaliteiten ingericht die zowel voor toekomstige diensten van het e-Depot als voor het TIFF-archief en DARE gebruikt kunnen worden. Het e-Depot zal zo worden ingericht dat een grotere hoeveelheid bestanden in één keer kan worden opgevraagd en uitgeleverd. Ook worden de toegangsregels aangescherpt en uitgebreid, zodat alleen gemachtigde personen hun dierbare objecten terug kunnen krijgen als zij hier zelf niet meer over beschikken.

Uitvoering
Het project werd uitgevoerd in de periode van 1 juli 2004 tot 31 december 2006.