L

Er zijn periodes in de geschiedenis van de typografie, waarin in korte tijd belangrijke en invloedrijke ontwikkelingen hebben plaatsgevonden. De periode van 1781 tot 1786 is er zo een. In Parijs werkte toen als drukker en uitgever François-Ambroise Didot met zijn zonen Pierre en Firmin. In 1780 was de vader 50 jaar oud en zijn zonen 19 en 16. Rond die tijd voert de vader het ambitieuze plan uit om de drukpers te verbeteren zodat hij daarop met fijner papier en verfijnder lettervormen terecht kon. Dat is op zich al een flinke opgaaf, maar de Didots hebben daarmee bovendien het gezicht van de typografie bepaald tot in de 20ste eeuw. Daarnaast was François-Ambroise Didot ook bezig het typografisch maatsysteem te rationaliseren.

Wat gladder papier betreft was John Baskerville het voorbeeld voor Didot en ook de letters van Baskerville hebben hem geïnspireerd. Door diens idee op Franse basis door te zetten ontstond er in enkele stappen het letterbeeld dat dikwijls met de naam van Giambattista Bodoni wordt verbonden, maar door Didot is ontwikkeld. Tegen het einde van de 18e eeuw is Pierre, die de zaak van zijn vader voortzette, in een soort typografische strijd geraakt met Bodoni, die er snel bij was de nieuwe mode te volgen. Letters hadden meer contrast gekregen, de dikste punten van de bogen waren op het midden daarvan terechtgekomen en de dunne, meest horizontale delen, zoals de schreven, waren heel dun geworden.

De Didot-stijl is in drie stappen ontstaan, waarvan dit de tweede is. De eerste stap is een prachtig en zeldzaam lettertype met de grondvormen van Garamond en de details van Baskerville. Deze tweede stap is een zelfstandiger reeks lettervormen, maar nog niet zo uitgesproken als de derde stap. Deze tweede stap is een wat teer en licht lettertype dat na het verschijnen van de derde stap en de overduidelijke Didot-Bodoni-stijl nauwelijks nog is gebruikt.

Gerard Unger

  • La Gerusalemme Liberata, **Torquato Tasso, Didot l’Ainé, Parijs 1784. Signatuur: 590 B 28 (29)
    Lettertype: Didot