Penélopé

Keek in een gezin uit 'den beschaafden stand' in de eerste helft van de negentiende eeuw de heer des huizes reikhalzend uit naar de komst van maandschriften als de Vaderlandsche Letteroefeningen, De Boekzaal, De Recensent, ook der Recensenten, of later misschien zelfs wel naar De Gids, de leden van de vrouwelijke kunne zullen zich vol overgave op Penélopé gestort hebben. De aard van dit blad wordt treffend gekarakteriseerd in de ondertitel: 'Maandwerk aan het vrouwelijk geslacht toegewijd. Bevattende: de beschrijving en afbeelding van allerhande soorten van vrouwelijke handwerken, benevens eenige lektuur, over onderwerpen uit den vrouwelijken kring'. De stuwende kracht achter deze onderneming was Anna Barbara van Meerten-Schilperoort (1778-1853). Deze domineesvrouw schreef uit financiële noodzaak vanaf 1811 een groot aantal leerboekjes, begon met veel succes een eigen school en redigeerde van 1821 tot 1835 Penélopé. Tot dusverre was men aangewezen op diverse buitenlandse bladen, maar met Penélopé, uitgegeven door de bekende Amsterdamse uitgever en boekhandelaar G.J.A. Beyerinck, kwam voor het eerst een Nederlandstalig damestijdschrift op de markt. De aantrekkelijkheid van het blad, dat zich zelfs in de gunst van koningin Wilhelmina kon verheugen die voor niet minder dan zes exemplaren intekende, werd vooral gevormd door het handwerkdeel. Bij de tijdgenoten zal ook de afdeling ‘Lektuur’ veel waardering hebben ondervonden, maar de zwaar aangezette, moraliserende verhalen leveren nu geen rode oortjes meer op.

De nuttige handwerken bestreken een groot terrein: van horlogebandjes, schellekoorden, mandjes, met hoofdhaar versierde memento's aan gestorvenen, tot en met fraai geborduurde doosjes voor alba amicorum. Uitvoerige instructies gingen vergezeld van duidelijke illustraties, vervaardigd door Cornelis Borsteegh (1773-1834) en bekwaam in staal gegraveerd door A. Lutz en vanaf de tweede jaargang door Dirk Sluyter (1790-1852). Extra bekoring kregen deze gravures doordat ze uiterst zorgvuldig en smaakvol met de hand werden ingekleurd.

Penélopé [Onder red. van A.B. van Meerten-Schilperoort]. 4 (1822), afl. 2. 9195 G 22, p. 98

Penélopé[Onder red. van A.B. van Meerten-Schilperoort]. 4 (1822), afl. 2. 9195 G 22, p. 98

Literatuur

J. Huges, 'A.B. van Meerten-Schilperoort', in: Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek. Dl. 4, Leiden 1918, k. 958-959
Alba amicorum. Vijf eeuwen vriendschap op papier gezet. Maarssen, 's-Gravenhage 1990, nr. 97