Sinnepoppen

Het huis van de Amsterdamse koopman Roemer Visscher (1547-1620) aan de Geldersekade was in de eerste twee decennia van de zeventiende eeuw een trefpunt voor de Amsterdamse culturele elite. Vondel zei van "het saligh Roemers huys":

Wiens vloer betreden word, wiens dorpel is gesleten
Van Schilders, kunstenaers, van Sangers en Poëten.

Deze lofprijzing vormt het slot en de climax van *Het Lof der zeevaert *(1623). Als succesvol koopman vergaarde Roemer Visscher een fortuin. Maar dat was niet de reden dat Vondel hem tot het ideale model maakte van de Amsterdamse koopman. Roemer Visscher was goed bekend met de Latijnse, Italiaanse en Franse literatuur. Hij gaf zijn dochters Anna en Maria Tesselschade een kunstzinnige opvoeding. Hij was een vooraanstaand lid van de rederijkerskamer 'In liefde bloeiende', en hoewel zijn eigen dichtwerk qua vorm nog niet van het toenmalige rederijkersvers loskwam, behoort het inhoudelijk tot renaissance en humanisme. Zijn sterke punt was het korte gedicht: aan de ene kant de berijmde anekdotes en woordspelingen (puntdichten), aan de andere kant de emblematiek. Het embleemboek was een geliefd genre in de zestiende en zeventiende eeuw: op elke bladzijde een plaatje, een spreuk, en een (meestal berijmde) toelichting. Geen van die drie elementen kon worden begrepen zonder de andere twee. In 1612 werd in Leiden, buiten medeweten van de auteur, een aantal van zijn gedichten gedrukt. Als antwoord hierop liet hij in 1614 in Amsterdam zijn Sinnepoppen verschijnen bij de vooral om zijn atlassen beroemde uitgever Willem Jansz Blaeu. De bundel bevatte allereerst de sinnepoppen (= emblemata) zelf, gevolgd door 'Roemers Brabbeling, ofte Ghenoeghelicke boerten', waaronder enige al eerder gedrukte werkjes: 't'Lof der mutse' (eerste regel: 'Nu wel op met vreuchden, ons kat heeft jonghen') en 't'Lof van een blaeuwe scheen'. Het hier afgebeelde embleem stelt een Hollandse sluis voor, die het water 'exonerat & arcet' (loost en weert), zoals een 'vroom vorst 't landt suyvert van gheboeft, door justitie'.

Voorin het exemplaar van de Koninklijke Bibliotheek hebben twee voormalige eigenaars hun naam geschreven: eerst de achttiende-eeuwse geleerde en letterkundige Balthazar Huydecoper, en later de thans vergeten negentiende-eeuwse dichter Adriaan Bogaers.

Sinnepoppen. Roemer Visscher. - Amsterdam, Willem Jansz, 1614. 4º oblong. - 341 C 4, p. 19

Sinnepoppen. Roemer Visscher. - Amsterdam, Willem Jansz, 1614. 4º oblong. - 341 C 4, p. 19

Literatuur

Roemer Visschers Sinnepoppen. Naar de uitgave van 1614 bij Willem Jansz. te Amsterdam (ed. L. Brummel). 's-Gravenhage 1949
G.S. Overdiep, 'Roemer Visscher en zijn dochters', in: De letterkunde van de renaissance tot Roemer Visscher en zijn dochters. Antwerpen 1949, p. 406-414 (Geschiedenis van de letterkunde der Nederlanden, dl. III).