Vlucht niet, maar zing een liedt

In de Koninklijke Bibliotheek wordt een prachtige verzameling liedboeken bewaard. Meestal zijn die gedrukt, maar er zijn ook handgeschreven exemplaren. Die zijn, net als hun gedrukte familieleden, vaak in een leren band gebonden zodat de bezitter zijn liedjes mee kon nemen naar feestjes of naar de kroeg.

Dit boekje bevat 48 liederen, tien gedichten en enkele tekeningen. Het is geschreven in het sierlijke schrift dat je kon leren van schrijfmeesters die zich in kalligrafie hadden gespecialiseerd. Er zijn verschillende handen te onderkennen en de liederen zijn opgeschreven in verschillende perioden: de jaren 1617-1618, 1620 en 1649.

Het liedboekje bleek een met zorg aangelegde verzameling liefdespoëzie in de vorm van liederen, sonnetten en andere dichtvormen. Volgens gegevens van de Nederlandse liederenbank, die wordt bijgehouden door het Meertens Instituut te Amsterdam, zijn uit andere bronnen slechts tien van de 48 liedteksten bekend. Drie van de tien bekende liederen zijn van de Amsterdamse dichter Bredero (1585-1618). Bij veel liederen werd vroeger de wijs aangeduid als: 'op de manier van: (bijvoorbeeld) De Dulle Griet, wie kent haar niet?' De wijsaanduidingen bij de liederen uit dit handschrift zijn op vier na opgenomen in de liederenbank waar alle bekende zangwijzen van Nederlandse liedjes te vinden zijn.