1721: Eeuwigdurende liefde

Andere rubrieken

Het duurde tot het einde van de achttiende eeuw, toen de Verlichtingsideeën gemeengoed waren geworden, eer astrologische voorspellingen het veld moesten ruimen in almanakken ten gunste van andere rubrieken. De Amsterdamse uitgever Theodorus Crajenschot besloot met ingang van 1787 de weervoorspellingen en 'soortgelyke ongerymdtheden' achterwege te laten in zijn Nuttige en aangename staatsalmanach, en ze te vervangen door 'iets wezenlyks', en wel 'een korte Schets van De kragt der liefde'.

Philomúsus Philokalus,Eeuwigduurende liefdes almanak, 1721

Philomúsus Philokalus,Eeuwigduurende liefdes almanak, 1721

De liefde

De liefde was een rijke bron van inspiratie voor almanakmakers. Eerst in korte versjes bij de kalenders, later in omvangrijke gedichten, zijn heel wat vrijages bezongen. In negentiende-eeuwse almanakken is een heuse vloed aan romantische gedichten en verhalen te vinden, voorzien van idyllische prenten. Maar er is één almanak die er met kop en schouders boven uitsteekt: de Eeuwigduurende liefdes almanak uit 1721.

Amoureuze context

Het betreft hier een van de oudste speels bedoelde almanakken. Elementen uit traditionele kalenders worden in een amoureuze context geplaatst, zoals 'de twaelf maenden van 't jaer der liefde', waaronder Bezoek (eerste maand), Hoop (vijfde maand), Verbintenis (achtste maand), Spyt (elfde maand) en Onverschilligheit (twaalfde maand). In eenzelfde stijl worden andere cycli uit het jaar der liefde beschreven.

Sleutelalmanak

De auteur en uitgever van dit rijk geïllustreerde boekje verschuilden zich achter de pseudoniemen Philomúsus Philokalus ('Liefhebber van de muzen en het schone') en Philander Mirtillo uit Cyprus, de plaats waar de liefdesgodin Venus aan land was gekomen nadat ze op volle zee was geboren. Deze sluier van geheimzinnigheid werd al door tijdgenoten opgelicht. Naar aanleiding van de almanak verschenen pamfletten die de ware bedoeling ervan onthulden: de auteur was de student Albertus van Twist, die er zijn liefde voor de voor hem onbereikbare Johanna Susanna Alensoon mee wilde vereeuwigen. Van Twist, geboren te Hulst in 1699, had zich in 1718 ingeschreven als rechtenstudent te Leiden, waar hij, als we de pamfletten mogen geloven, meer interesse toonde voor lessen in de liefde dan voor colleges. Deze pamfletten zijn blijkbaar geschreven door medestudenten of anderen die getuige waren van de pogingen tot vrijages van Van Twist. De Eeuwigduurende liefdes almanak is dus een sleutelalmanak: achter de fictieve namen in de gedichten gaan echte personen schuil. Daarmee neemt het een unieke positie in temidden van andere Nederlandse almanakken.

En Albertus van Twist?

Het kwam wel weer goed met Van Twist. Hij promoveerde in 1721, het jaar waarin de almanak verscheen en keerde terug naar Zeeuws-Vlaanderen, waar hij in 1725 trouwde, veel kinderen kreeg en uiteindelijk schout en dijkgraaf werd.