Het leven van Desiderius Erasmus (2)

Belangrijke werken van Erasmus (Europa, 1514-1517)

Erasmus reisde via de Rijn terug naar Bazel. Onderweg bezocht hij vrienden te Gent, Leuven, Brugge en Antwerpen en hij maakte naamsbekendheid bij drukkers in Mainz en Straatsburg. In augustus arriveerde Erasmus in Bazel, waar hij (met een korte onderbreking in 1515) zal blijven tot de zomer van 1516. Bazel was begin zestiende eeuw beroemd om zijn drukkers. Erasmus ontwikkelde vooral relaties met de Zwitserse drukker Johann Froben, in wiens Haus zum Sessel hij ook zijn intrek nam. Hier vond Erasmus een andere gemeenschap dan hij gewend was in het kloosterleven: een getalenteerde gemeenschap die in vrijheid en openhartigheid gedijde, zonder de kunstmatigheid van ceremonieën en de onvrijheid van beloftes (Erasmus, 2006a, p. 203-205). Boven alle andere steden was Bazel dan ook het meest een permanent thuis voor Erasmus.

Portret van de boekdrukker Johannes Froben. Kopij van origineel uit c. 1520-6 door Hans Holbein de Jongere, Kunstmuseum Basel.
Johannes Froben

Portret van de boekdrukker Johannes Froben. Kopij van origineel uit c. 1520-6 door Hans Holbein de Jongere, Kunstmuseum Basel. Bron: Wikimedia Commons.

Drukkersmerk van Johannes Froben, c. 1523. Door Hans Holbein de Jongere, Kunstmuseum Basel.
Drukkersmerk van Johannes Froben

Drukkersmerk van Johannes Froben, c. 1523. Door Hans Holbein de Jongere, Kunstmuseum Basel. Bron: Wikimedia Commons.

Erasmus leek wel het hardst te werken wanneer er een drukpers in de buurt is. Zijn vrienden omschreven hem dan ook wel als een levende tredmolen, zo snel als de teksten uit zijn pen vloeiden. Het jaar 1516 was het hoogtepunt van Erasmus' carrière als prins der letteren. Allereerst was daar de publicatie van zijn verhandeling over het Nieuwe Testament (Novum Instrumentum, in latere edities veranderd in Novum Testamentum). Het was de eerste publicatie van de Griekse tekst van het Nieuwe Testament, samen met een nauwkeurige herziening van de Vulgaat en met commentaar waar de Griekse tekst de betekenis van de Latijnse tekst verduidelijkt. In latere edities was Erasmus minder voorzichtig, en verving hij de Vulgaat met een eigen Latijnse vertaling van het Nieuwe Testament.

Portret van Quinten Massijs
Quinten Massijs

Portret van Massijs door Jan Wierix, c. 1564-1615. Prentenkabinet Museum Boijmans en van Beuningen. De onderstaande inscriptie leest:Ante faber fueram Cyclopëus est vbi mecum / Ex æquo pictor cæpit amare procus: / Seque graues tuditum tonitrus postferre silenti / Peniculo obiecit cauta puella mihi: / Exguus, tabulis quæ nota certa meis / Sic, vbi Vulcanum nato Venus arma rogarayt / Pictorem e fabro summe Poeta factis. Bron: Wikimedia Commons.

Portret van Erasmus door Quinten Massijs
Erasmus

Portret Erasmus door Quinten Massijs, c. 1517. Bron: Wikimedia Commons.

Vrijstelling van terugkeer naar het klooster Steyn (pauselijke dispensatie)

In dezelfde periode stak Erasmus ook enkele malen het kanaal over naar Engeland. De korte bezoeken aan dit land hadden vooral te maken met de door Erasmus gezochte pauselijke dispensatie. In het canonieke recht staat een dispensatie voor een versoepeling van een wetsregel in een specifiek geval. In totaal ontving Erasmus vier dispensaties in zijn leven; de belangwekkendste was de dispensatie uit 1517. Vanwege zijn onenigheid met de overste van klooster Steyn over terugkeer naar het klooster, verzocht Erasmus paus Leo X hem toe te staan andere kleding te dragen dan het monnikspij en, nog belangrijker, hem vrijstelling te geven van terugkeer naar het klooster. Op 9 april 1517 vond in het huis van Erasmus' vriend Ammonio in Westminster de ceremonie plaats. Erasmus kon zich vanaf nu vrij bewegen buiten het klooster. Wel behield hij zijn kloosterlijke geloften en zijn titel als priester.

Opkomende Reformatie (1517-1522)

In het najaar van 1517, op de avond van het hoogfeest van Allerheiligen, spijkerde Maarten Luther 95 stellingen op de slotkapel van Wittenberg, gericht tegen de Katholieke Kerk. Het was het begin van een reeks van godsdienstige twisten, nu bekend als de Reformatie, die als een storm door Europa zullen trekken. Ook Erasmus werd meegetrokken in deze storm. Zowel van katholieke als protestantse zijde zou hij kritiek krijgen voor zijn vermeende 'ambivalente' opstelling in het conflict. Erasmus zelf bleef zich echter inzetten voor de ‘filosofie van Christus’ dat verwijst naar een brede, christelijke levensstijl waarin het voorbeeld van Christus als leidraad dient voor het eigen levenspad.

Eerste contact met Maarten Luther

Eind 1516 ontving Erasmus een brief van de secretaris van de keurvorst van Saksen, Frederik II. Deze secretaris, George Spalatinus geheten, was bevriend met Maarten Luther, en op diens verzoek schreef hij Erasmus om hem erop te wijzen dat zijn interpretatie van het begrip justitia niet juist was. Het was Erasmus' eerste (indirecte) kennismaking met Luther, op dat moment nog een onbekende universiteitsprofessor uit Wittenberg. Erasmus zal dan ook niet veel aandacht hebben besteed aan de brief. Huizinga merkt echter terecht op dat het hier om een cruciaal punt ging in Luthers geloofsovertuiging: de rechtvaardiging door het geloof alleen(Huizinga, 2001, p. 161).

Diputatio van Luther
Disputatio pro declaratione virtutis indulentiarum (1522)

Twee bladzijden uit Luther's Disputatio pro declaratione virtutis indulgentiarum - Wittenberg: Melchior Lotter d.J., 1522. Bron: Wikimedia Commons.

Bazel (1521-1529)

Erasmus besloot daarop zich buiten het strijdgewoel te houden. Hij kwam in Leuven echter steeds meer onder druk te staan van de universiteit om zich uit te spreken. Erasmus herhaalde steeds dringender dat hij niets met Luther te maken heeft. Later zou hij hieraan toevoegen dat het allemaal niet zo uit de hand was gelopen als men maar minder aandacht aan Luther had besteed. Op 28 oktober 1521, op zijn verjaardag, vertrok hij naar Bazel waar hij opnieuw intrek nam bij de drukkersfamilie Froben.

Uiteindelijk verbleef Erasmus acht jaar in Bazel. Volgens Huizinga naderde Erasmus pas in deze periode het ideaalbeeld dat wij van hem kennen, namelijk als humanist en 'man der letteren'. Hij was (voorlopig) bevrijd van religieuze twisten, verkeerde in een kring van vrienden, geleerden en geestverwanten en voelde zich eindelijk financieel onafhankelijk. Het was niet meer nodig rond te reizen op zoek naar mecenassen, kerkelijke betrekkingen of prebendes. Wel ging hij door met werken aan zijn levenstaak: het openstellen van de zuivere bronnen van klassieke en christelijke wijsheid. Naast het verzorgen van een derde editie van Novum Testamentum publiceerde Erasmus tal van verhandelingen over kerkvaders, vertalingen van klassieke denkers, alsook zijn Colloquia.

Portret van Erasmus door Hans Holbein de Jongere
Erasmus (ca. 1523)

Desiderius Erasmus, door Hans Holbein de Jongere, c. 1523. Bron: Wikimedia Commons.

Portret van Erasmus aan schrijftafel
Erasmus (ca. 1523)

Portret van Desiderius Erasmus aan schrijftafel, door Hans Holbein de Jongere, c. 1523. Bron: Wikimedia Commons.

Portret van Erasmus met Renaissancepilaar
Erasmus (ca. 1523)

Portret van Desiderius Erasmus met Renaissancepilaar, door Hans Holbein de Jongere, c. 1523. Holbein schilderde drie portretten van Erasmus waarvan deze de laatste is. Bron: Wikimedia Commons.

Controverse over de vrije wil: Erasmus redetwist met Luther

Erasmus' tegenstanders lieten hem echter niet met rust. Van de vele twist- en verweerschriften die Erasmus zich genoodzaakt zag te schrijven, was die met Luther wel het belangrijkst. Vele personen hadden hem al aangespoord iets tegen Luther te schrijven: naast vrienden ook de Engelse koning Hendrik VIII en Erasmus' vriend en later paus, Adriaan VI. Toen Luther begin 1524 zelf contact met hem zocht, besloot Erasmus zijn aanval op papier te zetten. Hij richtte de aanval op het meeste wezenlijke verschil in geloof tussen hen beiden: de vrije wil. In de Libero arbitrio diatribe sive collatio of Over de vrije wil getuigde Erasmus dat de wil van de mens wel vrij moet zijn, omdat anders begrippen als Gods rechtvaardigheid en moraliteit zonder enige betekenis blijven. Luther beantwoordde Erasmus' aanval met De servo arbitrio of Over de onvrije wil, waarin hij zijn standpunt tot het uiterste doorvoerde en een volstrekt determinisme verkondigde.

Huis Zum Luft te Bazel

Het huis Zum Luft te Bazel, waar Erasmus verbleef vanaf 1535 tot zijn dood op 12 juli 1536.Bron:Daniël van Damme: Ephéméride illustrée de la vie d'Erasme. -Anderlecht: Société Anonyme de Rotogravure d'Art,1936.